Opinie

Theater Basel met 'Der Kirschgarten': anderhalf uur stilstaan en toch vaart maken

De Berlijnse toneelmaker Stefan Pucher (35) heeft met zijn eerste regie van een klassiek toneelstuk, 'De kersentuin' van Anton Tsjechov bij Theater Basel, in de Duitstalige theaterwereld de tongen losgemaakt. Het toonaangevende blad 'Theater Heute' sprak van een volkomen nieuwe interpretatie, en de voorstelling, die vorig jaar september haar Baseler première beleefde, is het komende weekeinde te zien in het Holland Festival.

De toeschouwer die een beetje bekend is met de Nederlandse 'Kersentuinen' uit het recente verleden, zal het etiket 'volkomen nieuwe interpretatie' wat overdreven voorkomen. Pucher dankt zijn bekendheid aan zijn vermogen op een eigenzinnige manier film, dans, video en performance te klutsen tot een spektakel, en dat is wat hij ook met zijn 'Kirschgarten' heeft gedaan. Het levert soms fraaie toneelbeelden op, maar ook zaken die er met de haren zijn bijgesleept. Er is veel te zien en te genieten, maar stukken minder om over na te denken. Een wezenlijke lijn in de interpretatie is dat de acteurs vanuit het heden terugkijken naar een stuk en een denkwereld die al bijna een eeuw oud zijn. Zo is er een video in de voorstelling gemonteerd waarin aan voorbijgangers in Basel wordt gevraagd of ze wel eens van Tsjechov of van de 'Kirschgarten' hebben gehoord. De eerste vraag wordt doorgaans ontkennend beantwoord, op de tweede volgt vaak een instemmend: 'Ja, oben am Bahnhof!' Daar is namelijk een bekend etablissement met die naam.

Meer dan wat grappige accenten levert dit niet op; dat de acteurs hun tekst zeggen als mensen van nu en niet de pretentie hebben Russen van rond 1900 ten tonele te voeren, is natuurlijk volkomen terecht, maar ook ouwe koek. In 'De kersentuin', door Tsjechov enkele maanden voor zijn vroege dood voltooid, dringt een nieuwe tijd onafwendbaar op, gesymboliseerd in de spoorlijn die dicht langs het landgoed loopt. Pucher neemt dit gegeven op in zijn toneelbeeld van het tweede bedrijf, dat zich buiten op een veld afspeelt. Over de achterwand flitsen regelmatig TGV's voorbij, en violette elektriciteitmasten zorgen voor een bewegend lijnendecor. Mooi, maar het levert geen nieuwe inzichten op. Met Puchers bewerking viel mij weer eens op, hoe sterk we van 'De kersentuin' altijd een manipulatie zien, wellicht vanaf de eerste productie, want de schrijver klaagde er al in 1904 over. Pucher heeft de vertaling van Thomas Brasch ingekort tot 90 minuten speeltijd en een aantal personages plus heel wat tekst geschrapt. De oorspronkelijke komedie en z'n rijk gehalte aan grappen in de trant van de dikke en de dunne, is dan ook volstrekt onspeelbaar. Enkele 'eigentijdse' aanpassingen van de regie: de eigenares van het landgoed, Ljubov Ranjevskaja (een mooie rol van de fragiele Silvia Fenz) wordt, als het landgoed verkocht is, door haar dochter Anja getroost in een telefoongesprek via het mobieltje. Een voordeel van deze aanpassing is dat dit slot van het derde bedrijf op het voortoneel plaats kan vinden, terwijl achter het neergelaten doek de toneelmeesters changeren.

De kamerdienaar Jasja (Davis Freeman) mag gewoon Engels blijven spreken; door de openstaande knoopjes van zijn overhemd ontwaren we een borstgrote tatoeage, en ook de gouvernante Charlotta en Anja hebben hun bovenarmen flink laten tatoeëren. In het tweede bedrijf dragen alle vrouwen een blauw zomerjurkje, afgezet met witte biesjes, en de mannen een wit hemd en blauwe bermuda. Het dansen op het bal dat Ljubov in het derde bedrijf organiseert, terwijl iedereen wacht op de uitslag van de veiling, is extreem 'cool': de acteurs bewegen ritmisch handen en heupen zonder van hun plaats te komen. Zo stonden ze ook in het eerste bedrijf naast elkaar hun tekst te zeggen.

Zo'n mise-en-scène is ons sinds lang vertrouwd van Wooster Group of Maatschappij Discordia. Maar het verontrustende bij Theater Basel vond ik dat de personages daarin ook onpersoonlijke, robotachtige trekjes kregen, en dat terwijl Pucher de tolerantie waarmee Tsjechovs figuren met elkaar omgaan, hun verbondenheid, als 'leermoment' van zijn 'Kirschgarten' ziet. Ik vond veel eerder dat die interactie van de personages in deze voorstelling iets smartelijks had, een onbereikbaarheid voor elkaar die men wel niet wilde, maar die onvermijdelijk was.

In de beroemde slotscène, waarin de 87-jarige huisknecht Firs ontdekt dat hij vergeten is en alleen is in het afgesloten huis, laat Pucher de anderen terugkeren op film. In wazige beelden dringen ze binnen, op het punt weg te vloeien uit Firs' oude hersens. Alsof Pucher wil zeggen: er breekt alweer een nieuwe tijd aan, waarin we als vreemden langs elkaar schuiven, opgesloten in de eigen cocon. En al lijken die coconnetjes als twee druppels water op elkaar, wij die erin zitten, zijn niet meer met elkaar verbonden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden