The Voice is altijd een eenling gebleven

In haar recente autobiografie 'What Falls Away' beschrijft Mia Farrow hoe Frank Sinatra, sinds vele jaren haar ex-echtgenoot, haar op een keer aanbood de benen van haar toenmalige levensgezel Woody Allen te laten breken. Wie Sinatra's reputatie kent, kijkt niet op van die mededeling. Behalve de zanger, acteur en 'womanizer' die zijn fans in hem wilden zien, was hij ook een gewelddadige man.

“Frank is een geweldige jongen als hij aan jouw kant staat, maar God beware je als hij tegen je is”, waarschuwde zanger en vriend Bing Crosby. Hoewel hij zijn ruzies veelal liet uitvechten door zijn bodyguards, kon Sinatra zich niet altijd beheersen. In sommige gevallen ging hij zelf over tot fysiek geweld, wat hem makkelijk afging: net als zijn vader was hij geen onverdienstelijk amateur-bokser. Zijn slachtoffers waren vrienden die het hadden verbruid, mensen uit de muziek- en filmindustrie die hem hadden benadeeld, en journalisten die onvriendelijk over hem hadden geschreven. Met de pers onderhield hij een merkwaardige haat/liefde-relatie. 'Schooiers' en 'parasieten' waren het - die hij echter wél gebruikte, als hem dat goed uitkwam.

Er doen verhalen de ronde dat Sinatra soms ook gebruik maakte van zijn connecties met de maffia. Die geruchten doken voor het eerst op in 1947 en hebben hem zijn hele leven begeleid. Hoewel er zelfs een foto is waarop hij naast gerenommeerde maffiabazen staat, is een directe band met 'the Mob' nooit bewezen.

Toen de door Sinatra gesteunde president Reagan naar die maffiaconnecties gevraagd werd, antwoordde hij dan ook: “We horen deze dingen al jarenlang over Frank, en we hopen dat er niets van waar is.” Desondanks namen velen aan dat er wel iets van zou kloppen - zoals schrijver Mario Puzzo, die in zijn maffiaroman 'The Godfather' het personage van zanger Johnny Fontane modelleerde naar Sinatra.

Natuurlijk was Sinatra meer dan dat. Zo stond hij bekend als notoir rokkenjager, voor wie niemand (van beroemde actrice tot anonieme serveerster) veilig was. Marlene Dietrich noemde hem 'de Mercedes Benz onder de mannen'. Onder de vele vrouwen met wie hij een relatie had, bevonden zich sterren als Ava Gardner, Lana Turner, Marilyn Monroe, Deborah Kerr, Kim Novak, Angie Dickinson, Natalie Wood en de eerder genoemde Mia Farrow.

Overigens onderhield hij ook met vrouwen een merkwaardige haat/liefde-relatie. Sinatra wilde alle vrouwen beminnen, maar hij was tegelijkertijd een vrouwenhater die nauwelijks een gelegenheid voorbij liet gaan om vrouwen, liefst in het openbaar, te vernederen. Zijn vierde en laatste echtgenote, Barbara Marx, introduceerde hij ooit tijdens een concert met: “Dit is Barbara . . . Jammer dat ze niet zo knap is.”

Een moeilijk mens, Sinatra. Maar ook een ster-zanger die door miljoenen fans over heel de wereld liefkozend 'The Voice' werd genoemd. Of 'Ol' blue eyes', vanwege zijn doordringende blauwe ogen. Een goed acteur was hij eveneens. Een natuurtalent zelfs, maar helaas een met weinig doorzettingsvermogen, met een grondige hekel aan repetities. Zijn rol als soldaat Maggio in de film 'From here to eternity' leverde hem niettemin een Oscar op voor de beste bijrol. Daar zou het echter bij blijven. Van de in totaal 58 films leverde hij alleen in 'The man with the golden arm' en 'The Manchurian candidate' een vergelijkbare prestatie.

Frank Sinatra werd op 12 december 1915 als Francis Albert Sinatra geboren in Hoboken, een industrie- en havenstad aan de Hudson, niet ver van New York. Hij was enig kind. Zijn ouders waren van Italiaanse afkomst en runden enige tijd een café. Toen dat mis ging, kreeg zijn vader een baan bij de brandweer. Zijn moeder was zeer actief in het sociale leven en bracht het zelfs tot districtleider van de Democratische Partij. Tijd voor hun zoon hadden ze nauwelijks, waardoor de jonge Frank zijn jeugd grotendeels afwisselend doorbracht bij zijn grootmoeder of een babysitter.

Hij was een middelmatige leerling en verliet de middelbare school al op zijn vijftiende. 's Nachts zong hij bij plaatselijke bandjes. Toen zijn vader opperde dat hij een baan moest zoeken, vertrok hij naar New York, waar hij opnieuw optrad met allerlei lokale groepjes. Hij verdiende er weinig mee, maar kon het volhouden, omdat zijn toenmalige vriendinnetje, zijn latere eerste vrouw Nancy Barbato, hem ondersteunde.

Sinatra koos pas definitief voor het vak van zanger door een optreden in 1933 van de immens populaire Bing Crosby. Na afloop zei hij tegen Nancy: “Ik word zanger.” Een jaar later vormde 'Frankyboy' samen met drie oudere Italiaanse vrachtwagenchauffeurs The Hoboken Four. Vervolgens werd hij gecontracteerd door trompettist/bandleider Harry James en, begin jaren '40, door trombonist Tommy Dorsey, leider van een van de populairste bigbands van die tijd. Ontevreden met zijn ondergeschikte rol in die bigbands, begon Sinatra eind 1942 aan een solocarrière. Zijn eerste platen verschenen op een klein sublabel van RCA Victor, maar vooral na zijn overstap naar Columbia kon zijn populariteit niet meer stuk. Mede door de invloed van radio-uitzendingen die in geheel Amerika te beluisteren waren, ontwikkelde hij zich in korte tijd tot een van de geliefdste crooners van de jaren '40.

Een goede zanger was hij overigens niet en is hij eigenlijk ook nooit geworden. Aan charisma ontbrak het hem daarentegen niet. In zijn donkere, bronstige stem kon hij zoveel emotie en betrokkenheid leggen, dat het leek alsof hij zijn lied alleen voor die ene luisteraar zong. Bovendien was hij een van de eerste zangers die met de microfoon wist om te gaan. In zijn handen was het bijna een instrument.

Zijn diepste dip, privé en zakelijk, beleefde Sinatra in de jaren '50. Zijn publiek keerde zich van hem af en in 1957 liep zijn huwelijk met de succesvolle filmster Ava Gardner stuk. Aan haar dankte hij wel zijn rol in 'From here to eternity'. Zijn comeback als zanger had hij te danken aan Capital Records, die als enige maatschappij nog in hem wilde investeren. Samen met arrangeur Nelson Riddle bereikte Sinatra opnieuw het grote publiek met platen als 'Close to you', 'Only the lonely' en 'Songs for swinging lovers'.

Zijn onafhankelijkheid bevestigde Sinatra door begin jaren '60 zijn eigen platenmaatschappij, Reprise Records, te beginnen. Een paar jaar later verkocht hij het label aan Warner Brothers, met de clausule dat hij over zijn eigen platen de controle zou behouden. In die jaren maakte hij veelgeprezen platen als 'Strangers in the night' en 'My way', waarvan praktisch iedereen de titelnummers kan meezingen.

Na de scheiding in 1968 van Mia Farrow ging het bergafwaarts. Hij beklaagde zich over het gebrek aan goede songs en ook zijn stem liet het regelmatig afweten. Geruchten van keelkanker werden echter hardnekkig tegengesproken. Hoewel hij in 1971 met een concert in Los Angeles 'definitief' afscheid nam van de showbusiness, kon hij het niet laten om terug te keren naar het podium. Ook maakte hij, met een in zijn voegen krakende stem, de ene zwakke plaat na de andere.

Lichamelijk ging het eveneens steeds slechter, vooral de laatste jaren had hij last van diverse kwalen. Geheugenverlies was daarvan misschien wel de vervelendste. De laatste keer dat hij in Nederland op het podium stond, oktober 1991 in het Haagse Congresgebouw, was daar al iets van te merken. Toen hij in 1994 in Amerika zijn laatste optredens gaf, moest hij zelfs de tekst van zijn grote en wellicht bekendste hit 'My way' van een monitor aflezen.

Sinatra is altijd een eenling gebleven. Hij had niet veel mensen nodig en koesterde zijn onafhankelijkheid. “In feite ben ik altijd een loner geweest - mijn hele leven lang”, zei hij in een interview. Een eenling was hij ook noodgedwongen, door zijn succes. I've been around the world/had my pick of any girl/you'd think I'd be happy but I'm not/everybody knows my name/but it's just a crazy game/oh, it's lonely at the top.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden