THE KIOSK

EEN VOORRAAD ASIELZOEKERS EN EEN GESLOTEN GEMEENSCHAP

In 1991 hadden de inwoners van de Afrikaanse staat Malawi, nog geen tien miljoen in getal, bijna één miljoen vluchtelingen over de vloer. Het is maar één voorbeeld uit een barre opsomming, afgedrukt in het Franse maandblad Esprit. Het kan de opvatting nuanceren dat Nederland, of Frankrijk, lastig wordt gevallen door een buitenmatige “voorraad asielzoekers”, om een koopmansterm te citeren uit de zojuist verschenen artikelenbundel Het heft in handen van F. Bolkestein.

Esprit is ongeveer even oud als deze gladiator. Het werd in 1932 opgericht door de personalistische filosoof Emmanuel Mounier. Een flink deel van het jongste nummer behandelt het lot van vreemdelingen die heul zoeken in Europa. In alle vier artikelen hieromtrent maken deskundigen zich er zorgen over dat het asielbeleid in West-Europa bezig is te ontaarden in een vorm van grensbewaking. In plaats van een middel tot handhaving van mensenrechten wordt het meer en meer één van de instrumenten om de toestroom van buitenlanders in te dammen.

Een treffend voorbeeld van dit afweermechanisme biedt Bolkesteins hoofdstuk 'Asielzoekers', eerder gepubliceerd in de Volkskrant. Het eindigt met zeven richtlijnen voor een asielbeleid. Allemaal strekken ze ertoe, vluchtelingen buiten de deur te houden of ze, als dat niet lukt, in hoog tempo weer weg te werken. Zo zou onze rechterlijke organisatie - naar verluidt toch in het leven geroepen voor rechtshandhaving, ook ten behoeve van vreemdelingen en bijwoners - “zich er geheel op (moeten) instellen”, de beroepsprocedure voor afgewezen asielzoekers verder te bekorten.

De voornaamste verdienste van de zeven recepten is dat ze aan een inhoudelijk debat een weliswaar incomplete, maar heldere bijdrage leveren (een schaars artikel in de Nederlandse politiek, getuige o. a. het incident-Maij). Helaas is die helderheid deels schijn. Bolkestein benadrukt bijvoorbeeld dat asielzoekers, om erkend te worden, “in hun eigen persoon moeten worden bedreigd met vervolging, marteling of erger”. Een beroep op het lidmaatschap van een bedreigde groep is dus ontoereikend.

Dit strookt met de internationale spelregels, geformuleerd in een Geneefse conventie. Maar die regels behoeven - ook om ettelijke andere redenen - nodig herziening, zegt de Franse politicoloog Pierre Hassner in Esprit; anders hebben - pakweg - Tutsi's, Hutu's en leden van de Albanese minderheid in Kosovo geen been om op te staan.

Esprit heeft meer suggesties om het vreemdelingenbeleid binnen de Europese Gemeenschap te humaniseren. Dat is nu veel te veel een voorwerp van konkelfoezelarij tussen hoge regeringsfunctionarissen. Het Europese hof van justitie mag er zich niet mee bemoeien, het Europese parlement evenmin en ook de Europese Commissie blijft goeddeels buitenspel staan, aangezien haar zinnige ideeën over o. a. een harmonisering van het beleid in de diverse landen, stranden op een gebrek aan solidariteit tussen die lidstaten.

Maar die hèbben toch al afspraken gemaakt, bijvoorbeeld in Schengen en Dublin? Ja, antwoordt Hassner: afspraken om zoveel mogelijk vreemdelingen te weren of ze op elkaar en zg. veilige derde landen af te schuiven, maar over een billijke verdeling van de lasten die een humane Europese asielpolitiek met zich brengt, moet het eerste overleg nog beginnen.

OOK EEN LIBERALE GEDACH

NEDERLAND IS NIET VOL

Leerzame stof voor wie hun beeld van een gastvrij 20e-eeuws Nederland willen toetsen aan de historische feiten, bevat Rekenschap, het kwartaalblad van de Humanistische stichting Socrates. Het bespreekt o. a. de bejegening van Belgische, Hongaarse en Chileense vluchtelingen, alsmede de treurige behandeling van joden die in de jaren dertig hier een veilig heenkomen wilden zoeken. Eén artikel richt zich impliciet tot Bolkestein en zijn fans. Marian Verkerk, docent ethiek aan de Erasmus-universiteit, analyseert daarin 'het ethos van de liberaal'. Haars inziens behoort dat zich óók te manifesteren in 'de ontmoeting met vreemden', en met een beroep op John Rawls concludeert ze dat Nederland zich niet vol mag wanen en wel wat scheutiger zou mogen zijn met ontwikkelingshulp.

O ja, die quizvragen. Welnu, (A) is de schaamlap die Bolkestein in de laatste zin van 'Asielzoekers' te voorschijn tovert. En (B) is geen citaat van Janmaat, maar Rekenschap's samenvatting van een beleid dat in 1933 in de Tweede Kamer werd verdedigd door de anti-revolutionaire minister J. Donner.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden