Terugkeer / Voor Costello is overgave te grote opgave

AMSTERDAM - Boegeroep en bloemen, tussen die twee uitersten ontving een uitverkocht Paradiso maandag de terugkeer van Elvis Costello naar de rock-'n-roll. Het eerste omdat het voormalige new wave-fenomeen al na een krap uurtje de kleedkamers indook. Het tweede omdat hij alsnog de pannen van het dak probeerde te spelen.

Toch overheerste nadien onder de bedaagd napratende veertigers een halfslachtige stemming. Het was alsof Elvis Costello (47) op krampachtige wijze de originele Elvis Costello (22) tot leven kwam wekken. 'It was so much easier when I was cruel', zo luidt de sleutelzin op zijn nieuwste album 'When I Was Cruel'.

Inderdaad, in de tweede helft van de jaren zeventig was hij hét boegbeeld van de new wave. Een 'blanke' Britse no-nonsensebeweging die, parallel aan de punk, met even frisse als agressieve songs de wereld wilde veroveren. Costello overklaste de andere angry young men uit die tijd als Joe Jackson en Graham Parker met een onwaarschijnlijke productiviteit. De drie-minuten-juweeltjes welden spontaan uit hem op. Naderhand vervreemde Costello zich van zijn aanhang met een niet te stoppen metamorfose-drang. Op 'Almost Blue' (1981) koos hij voor country, op 'Painted from Memory' (1998) voor zwoele Burt Bacharach-orkestraties. In de tussenliggende periode werkte hij samen met Paul McCartney en Chet Baker, toerde met Bob Dylan en componeerde voor films. Zelfs klassieke muziek behoorde tot zijn omnivore interesse. In 1993 voerde Costello met het Brodsky Quartet zijn 'Juliet Letters' uit in het Concertgebouw, vorig jaar maakte hij met de Zweedse sopraan Anne Sofie von Otter 'For the Stars'. Totdat hij ontdekte weer zelf een rockstar te willen zijn. Aldus trommelde Costello zijn oude kompanen Steve Nieve (toetsen) en Pete Thomas (drums) op. Uitgebreid met bassist Davey Faragher en heuse triphop-samples ontstond 'When I Was Cruel'. Maar de terugkeer naar het rauwere metier ging Costello slapjes af. Hij is een cerebraal artiest die met moeite zijn ziel toont. In Paradiso rekende hij derhalve te gemakzuchtig af met zijn nabije verleden. Tijdens de introductie van een nieuwe ballad zong Elvis kort de melodie van 'She', de cover van Charles Aznavour waarmee hij in 1999 nog een hit had. ,,Ach, die shit doe ik niet meer'', luidde zijn zelfverloochenend commentaar. Ook de opbouw van het concert proefde als een geplande  come back naar het rock-'n-roll-toneel. Prijsnummers van zijn eerste drie elpees 'Accidents Will Happen', 'Chelsea' en 'Pump it up' wisselde Elvis slim af met werk van het laatste album. Daarvan beklijfde 'Alibi' wegens de totale overgave en 'When I Was Cruel no.2', dat al rappend op de sample van een Italiaanse San Remo-hit, met naturel aansluiting vond op de actualiteit.

Met een uitgesponnen versie van pièce de résistance 'I Want You' eindigde deze tour de force. Geen farce want daarvoor heeft de man te veel in huis. Wel waren de fans getuige van een tot nadenken stemmende rentree. Na een kwarteeuw zijn de bakens verzet. De zwarte component in de pop die vandaag zo dominant aanwezig is heeft Costello gezien zijn verleden, geboren uit een Ierse vader, altijd genegeerd. Hij hing de country, de Broadway-ballad en de Britse new wave aan. Maar de overstap naar muziek van de ziel, de op ritme gebaseerde traditie die hij op 'When I Was Cruel' probeert te pakken, gaat hem moeilijk af. Wat die andere Elvis in de jaren vijftig vanzelf overkwam, de gave om een integratie tussen blanke en zwarte bronnen te bewerkstelligen, bleek voor deze Elvis alias Declan MacManus een te grote opgave. Overgave, daar ontbrak het aan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden