Terlenka

Onlangs las ik een roman waarin het woord terlenka viel. Van een meisje werd gezegd dat ze gekleed was in een terlenka jurkje. Ik veerde op. Het woord terlenka was de laatste dertig, veertig jaar in mijn leven niet meer gevallen maar ik was het niet vergeten. Integendeel, het sleepte een hele wereld met zich mee, ongeveer zoals het madeleine-koekje bij Proust zijn herinneringen in gang zet. Onmiddellijk zag ik iets stevigs voor me, iets waterdichts, grijs ook. Het moest uit mijn jeugd komen, ik moet vroeger terlenka dingen hebben gedragen. Ik denk niet dat het mij expliciet werd verteld: we gaan je nu een terlenka ding aantrekken. Maar het woord leefde gewoon om je heen, zo nu en dan viel het, in de conversaties van volwassenen, van mijn moeder vooral, denk ik.

Een raar woord eigenlijk; vroeger zo vanzelfsprekend maar nu het in onbruik was geraakt wilde ik wel eens weten wat het precies betekende en waar het vandaan kwam. Veel wijzer werd ik niet direct: 'bepaalde synthetische stof' las ik ergens en, iets preciezer: '100 procent polyester stof'. Een of andere site had het over de ENKA-fabriek waar het spul werd gemaakt en die dan misschien ook wel de naamgever zou zijn: de Eerste Nederlandse Kunstzijdefabriek Arnhem. Werd later de AKU (Algemene Kunstzijde Unie), daarna deel van Akzo en vervolgens als Acordis verkocht.

Oude werelden welden onder regie van het woord terlenka in mij op. Ik zag me aan de hand van mijn vader door de straten van Haarlem lopen, richting stad, langs de Sierkan, de plaatselijke melkfabriek. Wat we gingen doen, bleef vaag. Dat blijft er dus over van je jeugd, realiseerde ik me: namen, beelden, atmosferen. Achter je rug veranderde je leven in een soort droom. Nu ik aan terlenka dacht, doken ook andere vervlogen woorden in mij op: corduroy, balatum, pettycoat, no-iron; het zag er bij nader inzien allemaal buitenlands en exotisch uit maar ooit hoorde het tot de basisuitrusting van een Nederlands jongetje. No-iron bijvoorbeeld was een woord uit mijn vroegste woordenschat, maar ik wist eigenlijk helemaal niet wat het inhield. Pas veel later begreep ik dat het betekende dat je de betreffende stof niet hoefde te strijken, in de jaren zestig kennelijk een wensdroom van iedere huisvrouw.

Het waren allemaal woorden die voor iets degelijks stonden, iets truttigs ook. Bij terlenka was ik niet voor niets verwezen naar 'Truus Trut en de Terlenka's' kennelijk een zanggroepje dat oude tijden bespotte. En dan had je nylonkousen met een naad, zodat iedereen kon zien dat je dat dure spul kocht. Meisjes die het niet konden betalen, tekenden een naad op hun been.

Ik was nu volop in de nostalgische modus geraakt, verlangde naar de AKU, Simon de Wit, Daf variomatic, een montycoat. Wie zei dat dat allemaal verdwenen was, vergiste zich: het bleek allemaal nog in mijn hoofd te zitten. En nog een: tupperware party: een nette mevrouw in een uniform en een Dafje kwam langs om het plastic aan de huisvrouwen te demonstreren. Veel vrouwenwoorden in die zoete wereld trouwens, viel me op. Kennelijk weggewaaid tijdens een of andere emancipatiegolf.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden