Ter overname: 'museums'

Drie musea – pardon museums – hebben Henk Plenter en Erna Jansen uit Vledder. Maar Henk is ernstig ziek, dus is het echtpaar naarstig op zoek naar een opvolger voor hun collecties.

Zeg je Museums Vledder, dan zeg je Henk Plenter. Plenter was leraar Engels en begon, samen met zijn vrouw, twaalf jaar geleden drie musea onder één dak. Maar je zou evengoed vermoeden dat hij had doorgeleerd voor cabaretier.

Henk Plenter: „Het is ’museums’, dat staat ook in de dikke Van Dale. En da’s veel leuker, toch? Musea is zo degelijk. Je zegt ook niet ’gerania’. In advertenties maakten ze er wel eens ’museum’ van of ’musea’. Dan betaalde ik gewoon niet.” Zijn vrouw, Erna Plenter-Jansen: „Ze sidderden voor jou.” Henk Plenter: „Er wordt veel te weinig gesidderd.”

Het echtpaar kijkt elkaar aan en schiet in de lach. Plenter: „Ja, we houden wel van flauwekullen.”

En dat terwijl Plenter ernstig ziek is. Kanker. Drie maanden geleden bracht hij nog een tijdlang in het ziekenhuis door, niet wetende of hij het nog zou verlaten. Zijn grafrede had hij al bij elkaar bedacht. Het was een gedicht geworden.

’Hier ligt Plenter,

twee meter graven

en je bent er.

Maar wees je bewust,

hij houdt van zijn rust.’

„Ja, je moet ook niet hebben dat ze écht aan het graven slaan!” Henk Plenter en zijn vrouw Erna rollen over tafel van het lachen.

Dat neemt niet weg dat het een verdrietige tijd was. En nog steeds is. Erna Jansen is bij vlagen in paniek: wat zou ze moeten met haar drie musea onder één dak, zonder Henk? Haar man is weer thuis uit het ziekenhuis en het vergaat hem niet slecht. Wel is hij vermoeid, heel vermoeid. Ze lijken nog wat tijd te hebben gekregen om nieuwe eigenaren voor hun Museums in Drenthe te zoeken.

De drie musea in het oude gemeentehuis komen voort uit de privécollectie van de Plenters. In Bilthoven begonnen ze al met het verzamelen van glaskunst en grafiek, later volgden valse schilderijen. Nu is het gebouw in drie delen ingericht. Boven het Museum Valse Kunst, op de begane grond het Museum Hedendaagse Glaskunst met beeldentuin en het Museum Hedendaagse Grafiek. „Boven is alles vals, beneden is alles echt, zeg ik altijd”, aldus Plenter. „En bij de trap is ’t oetkiek’n.”

Ze zijn best streng. Op de valsekunstafdeling hangen overwegend vervalsingen van Geert Jan Jansen en Han van Meegeren. Liefst tonen ’directrice’ Erna en ’hoofdsuppoost’ Henk enkel werken van kunstenaars die in het boek ’Twentieth-century art’ worden genoemd. „Dus Jan Punt uit Wapserveen komt er niet in.”

En inmiddels zijn ze gelukkig goed in het scheiden van nep en echt. Dat was dertig jaar geleden wel anders, toen ze een flinke som geld neerlegden voor een blauwe dame van Matisse. Het werk bleek helaas niet van Matisse, maar van Geert Jan Jansen. Nu ze toch op de valse toer waren, begonnen de twee maar een museum.

„Jij hebt nu wel oog voor wat echt is, en wat vals”, zegt mevrouw Plenter terwijl ze een verliefde blik op haar echtgenoot werpt. „Ja”, beaamt meneer Plenter, „dat krijg je als je wel eens naar zo’n veiling gaat. Dat deden we soms in de weekenden.” „Soms?”, reageert mevrouw Plenter verontwaardigd. „Die bedompte zalen en dan ook nog als de zon scheen, ik vond er niks aan.”

Plenter kent het klappen van de zweep op veilingen. „Veel mensen kijken alleen naar de voorkant. Maar als die uit 1920 moet komen, moet de achterkant óók uit 1920 komen.” Ook maakte hij mee dat hij op vier verschillende veilingen ineens een beeld van Remington zag opduiken. „Dat is wel héél onwaarschijnlijk.”

Plenter is een beruchte veilingbezoeker: „Als ík op een Appel bied, biedt er niemand anders meer.” „Maar je hebt er ook gevoel voor”, voegt zijn vrouw toe. „Dat schilderij op die rommelmarkt waar SMVH onder stond – weet je nog – toen wist jij dat het van Sientje Mesdag-Van Houten was.”

Zolang zijn gezondheid het toelaat, geeft Henk Plenter rondleidingen in zijn Museums, hoewel de vermoeidheid hem steeds meer parten speelt. Misschien is dat wat er te zien is wel ondergeschikt aan het kleurrijke, cabareteske optreden van Plenter. Soms heeft hij een groep dames op leeftijd onder zijn hoede en wanneer hij hen dan door de gang loodst, maakt hij het extra spannend. Voor het raam hangen drie portretten in kunststof, van Albert Einstein, Ludwig van Beethoven en Abraham Lincoln. De kunststof is zó gestanst, dat het lijkt alsof de heren iedere passant met hun ogen volgen. ’Dames’, zegt Plenter dan plechtig. ’U krijgt zo een ervaring die u al lang niet meer heeft meegemaakt.’ Hij grinnikt: „Laatst zat er een Groningse tussen, die zei: ’Wat waait’n joe doar nou van!’”

Het echtpaar wil de zorg voor de drie Museums graag overdragen. En dat is voor een particulier museum dat geen overheidssteun ontvangt niet eenvoudig. Sterker, Plenter kan zo een paar particuliere musea noemen waarvoor hetzelfde geldt: het Theo Swagemakers Museum in Haarlem bijvoorbeeld, of het Electriciteitsmuseum in Hoenderlo.

„We vragen ook wel veel”, peinst zijn vrouw. „Je moet persberichten schrijven, de boekhouding doen, de kassa bijhouden. En we hebben zo’n achttienduizend bezoekers per jaar.” Henk Plenter vult aan: „Dit is een monumentaal pand, er moet geld bíj. Het is handig als gegadigden een vut-inkomen hebben of financieel onafhankelijk zijn en een statistische levensverwachting hebben van een jaar of tien.” Het echtpaar heeft al een paar geïnteresseerden over de vloer gehad, sommigen met een dubbele agenda. Anderen leken zeer geschikt. Met een paar van hen zijn ze in gesprek, ze zijn er nog niet uit.

„Het is leuk voor mensen die de behoefte hebben om de wereld een stukje leuker achter te laten dan ze ’m aantroffen”, vindt Plenter. Hier in Drenthe zeggen we: ’Ie moet d’r toe doan hebben’: Je moet er toe gedaan hebben.”

Dan verlaat hij de kamer en trekt zich terug. Vermoeid. Voor vandaag is het mooi geweest.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden