Teleurstelling die moeilijk slijt

reacties naar tijd@trouw.nl

Barack Obama regeert over een verdeeld land. Tot op het laatst bleef de verkiezingsstrijd spannend. En dat betekent dat de kleinere helft van de Amerikanen bij een toeristisch bezoek aan Washington DC met zeer gemengde gevoelens langs het Witte Huis zal lopen: daar woont de verkeerde!

In het ideale geval, bij een door en door in democratie geschoolde burger, worden die gevoelens natuurlijk meteen onderdrukt: daar zit wel degelijk de goede, want het volk heeft beslist. Maar ideale burgers bestaan niet. De laatste jaren heeft volgens opiniepeiler Gallup ongeveer de helft van de Amerikaan geen vertrouwen in de overheid. In de praktijk verschilt de steun voor de democratische staatsvorm van land tot land. En voor de individuele kiezer verschilt het dan ook nog van verkiezing tot verkiezing.

Dat laatste onderzochten voor de VS twee onderzoekers van de State University of New York, Christopher Anderson en Andrew LoTempio. Ze deden dat aan de hand van de verkiezingen van 1972 (de zittende president Richard Nixon versloeg verpletterend George McGovern) en 1996 (Bob Dole verslagen door de zittende president Bill Clinton). Juist die jaren, omdat toen in het Nationaal Kiezersonderzoek waren gesteld als: maakt de regering de juiste keuzes; hoeveel belastinggeld verspilt ze; doet de overheid zijn best voor iedereen; hoe wijdverbreid is corruptie?

Het Amerikaanse systeem heeft een troost voor de verliezers ingebouwd. In het jaar van een presidentsverkiezing kiest een Amerikaan voor zijn district ook een nieuw lid van het Huis van Afgevaardigden, en een op de drie moet ook nog zeggen wie namens zijn staat als senator naar Washington mag. Zodoende kan een kiezer zich winnaar en verliezer tegelijk voelen, of dubbel winnaar, of dubbel verliezer, net hoe de resultaten uitvallen.

In hun conclusies roemen de onderzoekers 'het genie van het Amerikaanse systeem' omdat op die manier de overgrote meerderheid van de kiezers altijd wel ergens mee gewonnen heeft en dus reden heeft om van de democratie te blijven houden. Maar uit hun cijfers blijkt eigenlijk iets anders: wie zijn presidentskandidaat ziet verliezen, heeft daarna hoe dan ook minder waardering voor het functioneren van de democratie. Als daarnaast het Congreslid van zijn voorkeur wel wint, is dat een statistisch niet meetbare troost.

Het draait dus allemaal om de president. De onderzoekers keken ook nog of er verschil was tussen mensen die vlak na de verkiezingen of drie maanden erna waren ondervraagd, om te zien of het effect van minder vertrouwen in de democratie nog sleet. Dat was niet het geval: voor de helft van de kiezers worden het vier zware jaren.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden