Tegenwind

Provincies worstelen met de windmolens. Ze moeten er komen, maar de burger verzet zich. Met de verkiezingen in aantocht vrezen provinciebestuurders de proteststemmen. 'De PVV heeft de oorlog verklaard aan de molens. Dat soort populisme is er.'

De politiek leider van de VVD, premier Mark Rutte, zegt het. Zijn PvdA-collega en bondgenoot Diederik Samsom zegt het ook. Dit zijn landelijke verkiezingen. De coalitie wil het zelf: de burger moet op 18 maart oordelen over het gevoerde beleid van het kabinet. Over de decentralisaties in de zorg. Over de aanpak van jihadgangers, het oplossen van de werkloosheid. Op het Binnenhof groeit het gevoel dat de toekomst van Rutte II op het spel staat.

Maar vraag de bewoners van Aa en Hunze en Borger-Odoorn wat ze bezighoudt en ze zullen naar buiten wijzen, naar de typische Drentse Veenkoloniën. Straks staan daar rijen windmolens. Grote, witte turbines met slagschaduw, die, vrezen ze, een zeurend geluid voortbrengen. Vraag de inwoners van Zuid-West-Friesland waar ze zich druk over maken en ze noemen het IJsselmeer. Daar dreigen vele tientallen windmolens te verrijzen, vlak voor de kust. Weg uitzicht. Weg toeristen.

In Noord-Holland woekert de weerstand tegen windenergie voort. In Groningen staan de bewoners van Meeden en omstreken op de barricaden tegen de komst van de gehate turbines. Dáár gaan de verkiezingen voor deze burgers over. En het is niet zozeer het kabinet dat de gebeten hond is, maar de provincie.

PvdA-gedeputeerde William Moorlag in Groningen zegt het eerlijk: "Bijna alle projecten voor windenergie in onze provincie verlopen goed. Maar die ene, langs de N33 bij Meeden, is een puinhoop." Het is niet toevallig, vindt Moorlag, dat uitgerekend het ministerie van economische zaken de regie voert over dat plan. Alle andere projecten regelen provincie en betrokken gemeenten. Bij Meeden ontbreekt een goede voorlichting, vertelt de gedeputeerde. "Er is nauwelijks communicatie vanuit het Rijk. Wel de lasten, niet de lusten, denken de bewoners." Actiegroepen dreigen snelwegen te blokkeren en turbines af te breken. Moorlag: "Er zijn ook bedreigingen geuit." Hij wil daar niet over uitweiden.

Klemgezet

De situatie in Oost-Groningen typeert de spanningen rond de windmolens. Provincies voelen zich klemgezet. Ze hebben zich gecommitteerd aan de komst van vele honderden turbines en zien tegelijkertijd het burgerverzet groeien. Bestuurders vrezen over twee weken afgerekend te worden door de kiezer. "We gaan last krijgen van de windmolendiscussie", vertelt de Drentse PvdA-gedeputeerde Rein Munniksma. "Dat mag duidelijk zijn."

Om het probleem te begrijpen, moeten we terug naar 31 januari 2013. Op die dag beloofden de twaalf provincies dat ze uiterlijk in 2020 in totaal 6000 megawatt (MW) aan stroom zullen opwekken met windmolens op land. Een gemiddelde turbine is goed voor 3 MW, dus reken maar uit. Delen van het landschap zullen de komende jaren ingrijpend veranderen.

Voor Nederland is windenergie cruciaal om in 2020 14 procent duurzame energie op te kunnen wekken. Het is de absolute ondergrens. Met minder neemt de Europese Unie geen genoegen. Nederland bungelt nu met amper 5 procent hernieuwbare energie ergens onderaan de lijst met EU-lidstaten. Die 14 procent wordt een heidens karwei.

De afspraak is dat de windrijke provincies de meeste windenergie moeten opwekken. Limburg en Utrecht hoeven nauwelijks molens bij te bouwen. Groningen bijvoorbeeld, heeft na moeizame onderhandelingen getekend voor ruim 850 megawatt. "Dit is een geweldig dilemma", vertelt gedeputeerde Moorlag. "We willen liever geen gas van Poetin. We willen geen schaliegas, geen kernenergie. En hier in Groningen beseffen we als geen ander dat dit land moet afkicken van het eigen aardgas. En toch willen we dat onze iPad elke morgen opgeladen is." Dus zijn de windmolens nodig. Daar is begrip voor onder de bevolking, totdat zo'n turbine voor deur dreigt te komen. Moorlag: "Iedereen wil naar de hemel, maar niemand wil sterven."

In Noord-Holland, verantwoordelijk voor 685 MW in 2020, borrelt de onvrede over de molens op meerdere plekken op. CDA-gedeputeerde Jaap Bond zegt: "Wij zijn tegen windmolens op land." Dat is een onhoudbaar uitgangspunt, weet de provincie. Bond ziet de nieuwe turbines liefst op de Afsluitdijk komen, maar dat is voor het rijk de komende jaren geen optie. De molens komen dus op land, in het zicht vanuit de huiskamers. Bond: "We beleggen talloze informatieavonden. Er zijn keukentafelgesprekken. Het is a hell of a job. Je kunt zeggen: we zoeken de plekken met het meeste draagvlak. Maar in de praktijk gaat het om plaatsen met de minste weerstand. Het is moeilijk om de kwestie uit te leggen op straat.Van de mensen is 80 procent voor windenergie, totdat het te dichtbij komt." Het zal van invloed zijn op de verkiezingsuitslag, denkt Bond. "Mensen zullen een tegenstem gaan uitbrengen. De PVV heeft de oorlog verklaard aan de molens. Dat soort populisme is er."

Afsluitdijk

Meerdere gedeputeerden richten hun kritiek op het Rijk, en om precies te zijn op verantwoordelijk minister Henk Kamp (VVD, economische zaken). Hij heeft de regie over windparken die groter worden dan 100 MW. Provincies en gemeenten kunnen daardoor de facto buitenspel worden gezet. Wat dat betekent, wordt duidelijk in Friesland.

In weinig provincies is de weerstand tegen windmolens zo groot als in Friesland (opgave: 530 MW). Er moest een heuse commissie onder leiding van oud-milieuminister Pieter Winsemius aan te pas komen om een oplossing te vinden voor dit 'pine yn 'e holle'-dossier (hoofdpijndossier). Een deel van de turbines zou op het vasteland kunnen komen, was de gedachte, het andere deel in het IJsselmeer. De provincie mikte uiteindelijk op een reusachtig park in het water. Totdat Provinciale Staten het bestuur afgelopen december terugfloot. Eerst moet het Rijk onderzoeken of de turbines toch op de Afsluitdijk kunnen komen, desnoods in een dubbele rij.

Het is precies dit gedoe waar minister Kamp geen zin in heeft. Het zorgt voor nodeloze vertraging, wat de doelstelling om in 2020 14 procent hernieuwbare energie op te wekken in gevaar brengt. Er speelt nog iets anders. In het energieakkoord is afgesproken dat in 2023 het aandeel duurzame energie is gegroeid naar 16 procent. VVD-minister Melanie Schultz, verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening, zei vorig jaar in een Kamerdebat dat de Afsluitdijk na 2020 in beeld komt als windmolen-locatie. Het kabinet wil die plek niet nu al prijsgeven, dus daar hebben de provincies op dit moment niets aan. Helaas voor Friesland. Helaas voor Noord-Holland.

Gedeputeerde Johannes Kramer (Fryske Nasjonale Partij) zegt dat hij 'goede hoop' heeft dat Kamp alsnog naar de wens van de Friese bevolking luistert. Maar hij weet ook: "Kamp is niet de meest rekkelijke bewindspersoon uit het kabinet." De minister zei onlangs dat hij pas komende zomer, dus ná de verkiezingen, een definitief besluit neemt over de locatie van het windpark. De storm is daardoor eventjes gaan liggen, ziet CDA'er Sander de Rouwe. Hij is Tweede Kamerlid en tevens lijsttrekker in Friesland. "De vraag is nu", zegt De Rouwe, "is Kamp echt bereid om te luisteren naar het volk of slaat hij alle kritiek in de wind? Hij moet niet vergeten dat in Friesland brede inspraak is geweest met dit als uiteindelijke resultaat: de Afsluitdijk moet het worden." En als hij vasthoudt aan het oorspronkelijke plan, het IJsselmeer? "Dan gaan de hakken in het zand en smelt het restje draagvlak voor windenergie als sneeuw voor de zon." De CDA-lijsttrekker gaat zelfs zo ver dat hij bereid is te morrelen aan de Friese belofte aan het kabinet om voor 530 MW te zorgen. "It takes two to tango. Als het gevoel ontstaat dat onze mening er geheel niet toe doet, is het tijd om afscheid te nemen van elkaar."

De stemming in het oosten van Drenthe is niet veel beter. Het provinciebestuur ontving in februari een brief van Kamp met de mededeling dat er vijftig forse windmolens in de Veenkoloniën komen. Dat is meer dan Drenthe op die plek voor ogen had. Het gevolg: boze bewoners en de politiek op drift. Commissaris van de koning Jacques Tichelaar deed tegenover Dagblad van het Noorden opvallende uitspraken. Hij noemde de komst van die vijftig turbines 'onaanvaardbaar'. "Ik ga echt proberen dat het er aanzienlijk minder worden." Zijn ergernis: "Tot op de dag van vandaag is minister Kamp (...) niet in het gebied geweest en was van fatsoenlijke voorlichting en inspraak geen sprake. Het Rijk bepaalt waar de windmolens een plek krijgen. Dan kan ik heel goed begrijpen dat de bevolking het gevoel krijgt dat ze maar wat doen in Den Haag."

Te dichtbij

Het grote ongemak in Drenthe is dat bepaalde woningen aan voor- én achterzijde windmolens in het zicht krijgen. Bovendien komen sommige turbines op vierhonderd meter afstand van de bebouwing. "Domweg te dichtbij", vindt gedeputeerde Rein Munniksma. Hij heeft aanwijzingen dat er al harde afspraken met boeren liggen die graag zo'n mast op hun terrein willen. "Zij kunnen een premie van 30 tot 40.000 euro per molen opstrijken. Die molens moeten daar wat betreft de initiatiefnemers komen." De provincie heeft de hoop gevestigd op snelle innovaties binnen de windsector, zodat er over enkele jaren met minder molens méér stroom kan worden opgewekt. De lokale politiek maakt zich ook hard voor een groot zonnepark bij Aa en Hunze, om de turbines uit de gemeente te kunnen houden. Het lijkt ijdele hoop.

Het probleem met Kamp is hetzelfde als met zijn CDA-voorgangers Maxime Verhagen en Maria van der Hoeven, vindt Munniksma. "Ze werken top-down. Vanuit Den Haag dus. Als provincie probeer je er het beste van te maken. Er was aanvankelijk ook best aardig draagvlak voor windmolens. Maar nu zet het Rijk zijn plannen door en de provincie wordt er op aangekeken. Wij zijn hier in Drenthe de machteloze overheid. Het kabinet moet de provincie wel haar rol laten spelen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden