'Tegen zo'n vuurzee valt niet te vechten'

De bosbranden in de Australische deelstaat Victoria hebben ook Nederlandse immigranten getroffen. Tineke Westwood verloor haar huis in de vlammen. „Ik ben nog nooit zo bang geweest.”

Tineke Westwood is zenuwachtig. Ze zet de autoradio harder en luistert gespannen naar de laatste berichten op de lokale rampenzender. Die meldt dat de bosbrand rond het plaatsje Churchill door de wind weer aanwakkert en dat de elektriciteitscentrale gevaar loopt. „Dat is hier vlakbij”, reageert Westwood verschrikt.

De 45-jarige Nederlandse woont al acht jaar in het stadje Traralgon in de regio Gippsland. Ze runt daar samen met haar Australische man Keith een bedrijfje dat auto’s van getint glas voorziet. Gippsland is het gebied, waar vanaf de jaren vijftig honderden (vooral katholieke) Nederlanders naar toe verhuisden. Westwood was de afgelopen jaren gewend geraakt aan bosbranden, aan het gevaar van vuur en droogte. Maar toch werd ze zaterdag bijna overmeesterd en overdonderd door het brute geweld van de vlammen.

Het was die ’zwarte zaterdag’ bloedheet: 47 graden. Westwood en haar man hadden ’s ochtends nog gewoon boodschappen gedaan. Hun 15-jarige zoon Nick was bij een vriend logeren. „Ik zat ’s middags tv te kijken, toen mijn zoon opbelde. ’Zie je alle rook?’, vroeg hij. Wij zagen vanuit ons raam in huis alleen maar een prachtige blauwe lucht. Mijn man rende het huis uit om de situatie beter te kunnen beoordelen. Ik rende hem achterna. We keken achter ons en daar zagen we al die oranje wolken en het vuur.”

De vlammenzee en de brullende wind maakten dat Westwood en familie het huis zo snel mogelijk verlieten. Paspoorten, juwelen, fotoboeken, schilderijen, de iPod van dochter Katja, huisdieren; alles werd in drie auto’s geladen. Het huis ging in rook op, net zoals veertien andere huizen in de straat.

„Ik was zo bang. Ik ben nog nooit zo bang geweest in mijn leven. Het is zo’n complete paniek die dan door je heen gaat. Tegen zo’n vlammenzee valt gewoon niet te vechten.”

Tineke Westwood logeert nu met man en kinderen in een tweede huis van vrienden. In de woonkamer staan de spullen die ze nog uit hun oude huis konden meenemen in kratten en dozen. In een koffer heeft ze alle fotoboeken gedaan.

De kostbaarste herinneringen staan op de digitale camera: beelden van het oude huis. Tineke barst in snikken uit als ze sommige foto’s op het schermpje bekijkt. „Kijk, de vleugel van mijn vader. Alles is weg.”

Ze wil graag haar afgebrande huis zien, maar de autoriteiten staan dat niet toe. Het zou te gevaarlijk zijn. Bovendien is de politie nog bezig met het identificeren van zeventien personen die in de vuurzee om het leven kwamen. „Ik wil de mensen die daar bezig zijn niet voor de voeten lopen”, zegt Westwood beslist.

De Nederlandse is die ochtend bij het opvangcentrum in de stad geweest. Ze heeft daar kleren gekregen en een cheque voor de eerste levensbehoeftes. Een onbekende komt later die dag spontaan een koelkast brengen. „De mensen zijn allemaal zo aardig, daar zijn geen woorden voor.”

Westwood wil hoe dan ook in Australië blijven wonen. „Je kunt niet in angst blijven leven. Hier komen we wel weer doorheen. We zijn hartstikke blij dat we elkaar nog hebben. Een dergelijke ramp brengt je dichter naar elkaar toe.”

Ze zet de autoradio weer harder: er klinkt nieuws over de bosbranden. Ze kijkt vervolgens bezorgd naar de rookpluim aan de horizon. „Het is niet goed”, mompelt ze.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden