Tegen onpersoonlijke massaproducten

Het Gemeentemuseum Den Haag heeft de 100 vazen van het project '100% Make Up' van Alessandro Mendini uit 1992 aangekocht. De vazen zijn een welkome aanvulling voor het museum, omdat ze bij zowel de collectie kunstnijverheid als de verzamelingen mode en beeldende kunst passen.

Het museum kreeg de vazen aangeboden door een particulier uit Groningen. Ze konden worden gekocht dank zij financiële bijdragen van de Vrienden van het Gemeentemuseum en John John's, Groningen. Hoeveel er precies voor is betaald, wil het museum niet zeggen. Maar volgens een woordvoerder ligt het bedrag in ieder geval onder de 70000 euro die afgelopen maand op een veiling in Keulen werd betaald voor een soortgelijke set.

De Italiaan Mendini (1931), die in Nederland het Groninger Museum en het interieur van een treinstel ontwierp, behoort tot de belangrijkste vormgevers van de laatste decennia. In zijn geboortestad Milaan studeerde hij architectuur, daarna werd hij hoofdredacteur van een aantal vakbladen, waarin hij radicale ideeën over kunst en architectuur verkondigde. In 1977 werd hij lid van Alchimia, een avant-gardistische ontwerpersgroep die tegen het fabriceren van onpersoonlijke massaproducten was. Aangezien volgens Mendini ieder mens uniek en anders is, zouden allerlei voorwerpen ook anders moeten zijn. Daarom hechtte hij veel waarde aan versieringen, omdat zelfs simpele hebbedingetjes daardoor totaal anders worden. Schoonheid gaat bij Mendini boven doelmatigheid.

Voor het vazenproject '100% Make Up', dat hij samen met het Italiaanse bedrijf Alessi uitvoerde, vroeg Mendini honderd verschillende kunstenaars om een witte porseleinen vaas van 38,5 cm hoog, die hij zelf had ontworpen, te versieren. Van elke vaas zijn vervolgens honderd exemplaren gemaakt, zodat er in totaal tienduizend genummerde vazen zijn geproduceerd. Ook aan dit project ligt het idee ten grondslag van La fabbrica estetica, dat je zou kunnen vertalen als kunstfabriek. Daarmee bedoelde Mendini dat ondanks de seriematige fabricage elke vaas toch als een unieke reproductie kan worden opgevat, omdat het witte prototype honderd verschillende betekenissen heeft gekregen. Zelf schreef Mendini in 1992: “Wat wij voor ogen hebben is een systeem van objecten dat vergelijkbaar is met dat van een diersoort.“

De kunstenaars die hebben meegedaan aan dit project, komen uit alle delen van de wereld. Deelnemers waren onder meer de Amerikaanse architect Robert Venturi, de keramiste Rhonda Zwillinger, de Franse vormgever Philippe Starck, de Japanse mode-ontwerper Yoshiki Hishinuma, de Britse producer en kunstenaar Brian Eno en de Tsjechische kunstsenaar Milan Kunck. Nederland werd vertegenwoordigd door beeldend kunstenaar Peter Struycken en het ontwerpersduo Ravage.

Alle honderd vazen hebben inmiddels een plek gekregen in een speciaal daarvoor ontworpen installatie in het Gemeentemuseum. Voorlopig blijven ze daar nog staan om zoveel mogelijk bezoekers in staat te stellen ze te bekijken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden