Tanger is een magneet voor bedrijven, Spanje maakt zich zorgen

Tanger Med, het snelgroeiende havencomplex aan de Marokkaanse noordkust. Beeld RV

Sinds de goederenhaven van Tanger in gebruik is genomen, is de Marokkaanse havenstad een magneet voor bedrijven en werkzoekenden. Overbuur Spanje maakt zich zorgen.

Achter de reusachtige hijskranen die boven de haven uittorenen, is de in nevel gehulde Spaanse kust goed te zien. De ongeschoren Jamal Dahbi (31) stapt vlak voor de blakend witte kantoren van havencomplex Tanger Med uit de bus, terwijl hoveniers op de knieën het gras in de middenberm met een schaartje bijknippen.

Dahbi, afkomstig uit het Atlasgebergte, betrok een paar jaar geleden een van de vele huisjes die rond de haven uit de grond zijn geschoten. Werkzoekende dagloners uit heel Marokko wonen er. "Eerst was dit alleen grasland", vertelt Dahbi, terwijl hij in een theehuis een houten hasjpijp stopt. "Iedereen zoekt hier een beter leven. Je kan 100 dirham (9 euro) per dag verdienen met kabels tillen of lassen. Maar ze laten je dan wel keihard werken."

Tien jaar geleden kwam onder een confettiregen de eerste container aan in Tanger Med, het prestigieuze project dat moet uitgroeien tot de grootste overslaghaven van Afrika. Bedrijven als Maersk en Renault kwamen af op de strategische gelegen plek in Noord-Marokko.

Landinwaarts verrijst binnen enkele jaren de Marokkaanse evenknie van Silicon Valley, waar tweehonderd Chinese tech-bedrijven duizenden banen moeten creëren. Tanger (1,1 miljoen inwoners) wordt bovendien met een hogesnelheidstrein verbonden met hoofdstad Rabat en economisch centrum Casablanca. Zo is Tanger, voorheen een wat louche havenstad, de afgelopen jaren op instigatie van koning Mohammed VI begonnen uit te groeien tot een van de uithangborden van de groeiende Marokkaanse economie.

Van Gils

De broers Van Gils, die al decennia pakken laten maken in Tanger, zagen gebeuren. De kostuumfabriek ligt in een belastingvrije zone bij het vliegveld. Vader Miel van Gils ontdekte eind jaren zestig al dat in Tanger uitstekend zaken te doen vielen, op steenworp afstand van Europa. "Als er een ontwerp wordt gestuurd, komt er binnen twee weken een maatpak terug", vertelt Jacques van Gils in de hal vol naaisters. De pakken gaan met het vliegtuig, maar de stoffen komen met de boot aan in Tanger Med. Bovendien kun je van Marokkanen op aan, vindt Van Gils. Zijn management is dan ook volledig Marokkaans. "Wij gaan hier nooit weer weg", zegt hij overtuigd.

Maar niet iedereen is zo opgetogen over de stad: 'Tanger eet Algeciras op', schreef de Spaanse nieuwssite El Confidencial onlangs dreigend. Toen het havenpersoneel in de nabijgelegen Andalusische havenstad laatst staakte, week een containerschip dat onderweg was naar Algeciras zonder scrupules uit naar Tanger Med. Een schrikbarend toekomstbeeld vond men in Spanje, want alleen in Algeciras zouden door de concurrentie van Marokko duizenden banen op de tocht staan.

Toch gelooft de in Tanger gevestigde consultant Mohammed Kadrouch niet dat Marokko de Spaanse havens zo één-twee-drie klein krijgt. Ja, aan werkkracht voor een laag loon is geen gebrek, maar hogeropgeleiden worden volgens Kadrouch vaak uit Rabat, Casablanca of het buitenland gehaald. "Het onderwijs sluit niet aan op wat hier nodig is." De consultant mist een sociaal plan voor het project, met betere toegang tot goed hoger onderwijs en meer eigen innovatieve productie. "Even verderop staat een Ibis Hotel, maar ik vraag mij af waarom we hier geen eigen Marokkaanse Ibis hebben. Ik zou willen dat al het geld dat nu in beton wordt gestopt, ook in onze mensen wordt geïnvesteerd." Kadrouch zag met eigen ogen hoe de oude Mercedessen uit zijn jeugd de afgelopen jaren plaatsmaakten voor luxe auto's.

Dagloner Jamal Dhabi heeft vooralsnog alleen geld voor de bus. Hij beproefde zijn geluk eerder in Spanje. Verstopt in een vrachtwagen reed hij de ferry naar Malaga op. Na een paar jaar werd hij teruggestuurd. Nu gokt hij op de economische voorspoed in Tanger, hoewel het altijd zichtbare Spanje aan de andere kant van het water blijft lonken. "Het is moeilijk om in de haven een vast contract te krijgen als je geen opleiding hebt. En hogerop kom je niet", vertelt hij.

Toch ziet Dhabi dat Marokko vooruit gaat, al vraagt hij zich af of hij er zelf de vruchten van zal plukken. "Ik maak het misschien niet meer mee, maar mijn kinderen hopelijk wel."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden