Talent verdwijnt naar Amerika

Sinds donderdag staat Sparta/Feyenoord in het linker rijtje van de ranglijst, een ongekende plaats voor een ploeg die meestentijds in de marge van de honkbalhoofdklasse acteert.

In 1998 gingen de Rotterdamse honkbalclubs Sparta en Feyenoord samen. Vanaf die tijd speelt de ploeg een bescheiden rol in de hoofdklasse. Wat is de zin van bestaan in zo’n marginale rol en kan de club zich daaraan ontworstelen?

„Wij moeten hoofdklasse spelen omdat we een opleidingsfunctie hebben”, betoogt Paul Roodenburg, topsportcoördinator bij de club. Hij legt uit waarom. „Als je hoofdklasse speelt, mag je in alle jeugdcategorieën ploegen op het hoogste niveau inschrijven, dus pupillen, aspiranten en rookies. Het uiteindelijk doel is de opgeleide spelers in ons hoofdklasseteam te gebruiken.”

„Overigens zien wij onze opleidingsfunctie breder, niet alleen voor Sparta/Feyenoord. Als een ventje komt bovendrijven, komt de baseball-academy is beeld. Daar zijn ze dag en nacht met honkbal bezig. Daarnaast studeren ze aan een LOOT-school.”

De baseball-academy is bedacht door Robert Eenhoorn. Er zijn in Nederland verschillende academies.

In Rotterdam spelen de talenten van de academy bij Unicorns, dus zowel spelers van Neptunus als van Sparta/Feyenoord. Voor de opleiding lijkt het een mooi systeem, maar Roodenburg kaart een nadelig effect aan: „Als Unicorns speelt, zitten er Amerikaanse scouts naar die ventjes te kijken. Daar worden we dus niet wijzer van. Je leidt ze op en ze vertrekken. Hoe wil je dan het niveau van de hoofdklasse omhoogbrengen?”

Het is een klassieke vraag, en eenvoudig op te lossen is het probleem niet, want baseball in the States spreekt nu eenmaal elk talentrijk honkballertje aan. Rodenburg: „Ze willen allemaal naar Amerika. Dat is een inbreuk in het honkbal in Nederland. Degenen die hier blijven zijn niet de toppers. Pas als ze na drie jaar geen profstatus krijgen in Amerika komen ze terug. Het gevolg is dat het verjongen in Nederland erg langzaam gaat.”

„In Nederland lopen behoorlijkveel scouts rond van Amerikaanse major league-clubs. Gisteren bij HCAW was er nog een van de Minnesota Twins. Dat is een bijkomend negatief gevolg van de Nederlandse deelname aan de World Baseball Classic. Het lijkt leuk, maar het heeft zijn keerzijde. Als je een talent hebt, loop je het risico dat hij zo weg is.”

Voor de jongensdromen toont Roodenburg begrip, voor de handelwijze van de Amerikaanse club minder: „Natuurlijk willen alle jongens weg, naar Amerika. Het is hun droom. Sommige gaan al op hun zestiende, andere maken gelukkig eerst de school af. Het is beter als je je studie laat prevaleren, maar daar hebben die scouts niks mee te maken. Iedere overeenkomst levert hun geld op. Voor hen geldt: ’Pikken, hebben, dan zitten ze in mijn organisatie en daarna zien we wel wat ervan komt’.”

„Wij honkballen met materiaal dat we zo’n beetje bij elkaar gegaard hebben”, concludeert Roodenburg zonder veel vreugde. „Als we maar in de hoofdklasse kunnen meedoen, met af en toe play-offs en dan weer niet, dan ben ik tevreden. Het liefst speelde ik als club, in een sociale omgeving met clubtrouw. Zoals HCAW, waar clubjongens als Duursma en Koenen hun hele leven blijven. Bij ons lukt dat onvoldoende. We moeten de broek ophouden met oudere spelers als Cordemans en Isenia. Dat kost dan weer geld; die jongens komen niet voor niets.”

Vandaar zijn wens om talentvolle opgeleide jeugd in het hoofdklasseteam van Sparta/Feyenoord in te lijven. Maar hij is er niet blind voor dat Amerika blijft lonken. Er staan weer twee jonge spelers op het punt om naar het land der beloften te gaan: Mike Bazuin en Tim Roodenburg, nota bene zijn zoon.

Roodenburg: „Als dat doorgaat, raken we weer twee talenten kwijt.”

Zoon Tim: „Dat is jammer voor Sparta/Feyenoord, maar ik vind dat ik voor mezelf moet kiezen. Dat is een beetje egocentrisch, ja.”

Mike Bazuin: „Je speelt voor jezelf. Als het niet lukt in Amerika, kom ik terug bij Sparta/Feyenoord en dan breng ik ervaring in. Daar heeft de club ook veel aan.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden