Tai chi in de open lucht en Chinese kruiden en groenten onder de pergola

Ze hebben de afgelopen jaren niet op hun lauweren gerust, de Chinese ouderen in Rotterdam die met elkaar de woongroep Ka Fook Mansion vormen. Een van de eerste bewoonsters is mevrouw Ying Kwam Lee Mo (72). Ying Kwam zijn haar voornamen, Lee is de achternaam van haar overleden man en Mo haar meisjesachternaam. Als bestuurslid van de Rotterdamse afdeling van de Chinese ouderenvereniging Chun Pah (grove den, symbool van een lang leven) heeft ze samen met andere ouderen verscheidene verre reizen gemaakt om de kunst van andere Chinese woongroepen af te kijken.

Er komen foto-albums te voorschijn van Golden Age Mansion in Los Angeles, van 110 Henderson Avenue in New York, en ook van Birmingham, Engeland. Royale onderkomens zijn het. Mevrouw Lee heeft daar ervaren “dat het niet minderwaardig is voor ouderen om zo te wonen. Vroeger in Hongkong was het heel zielig als je naar een bejaardenhuis ging, omdat het leek alsof je kinderen je niet bij hen in huis wilden houden.”

Ka Fook Mansion in Rotterdam had dan ook beslist geen tehuis mogen heten. Dat heeft iets armoedigs. In China gaan alleen arme mensen zonder familie naar een tehuis. Als ze kinderen hebben, wonen ze bij hen. Tot voor kort woonde mevrouw Lee ook bij een van haar zoons en zijn gezin, waar ze voor hen kookte en de was deed. Als bestuuurslid van de Rotterdamse afdeling van de ouderenbond Chun Pah blijft ze ook na haar verhuizing nog genoeg om handen houden.

De woongroep Ka Fook Mansion is gevestigd in de voormalige huishoudschool in de Graaf Florisstraat in Rotterdam. Ka Fook is de fonetische uitspraak voor Graaf Floris, tegelijk is het de Chinese uitdrukking voor mooi gelukt. Het Engelse mansion staat voor een chique flat, zoals je ze ook in Hongkong hebt.

Het is de eerste Chinese woongroep in Rotterdam. Staatssecretaris Terpstra opent haar morgen officieel, maar de bewoners trokken er deze zomer al in. De naam mooi gelukt moet het zelfvertrouwen van de Chinese ouderen opbouwen, zo van: 'Zie je wel dat je het zelf kunt'. Ze hebben er een belangrijk aandeel in gehad, ook al hebben hun kinderen, die vaak gestudeerd hebben en betere banen hebben, het initiatief genomen en is het de generatie van de kleinkinderen die met verhuizen, tolken en invullen van ambtelijke paperassen een hele belangrijke rol speelt.

De gangen en lokalen van de voormalige school zijn omgetoverd in 43 woningen, waarvan meer dan de helft geschikt is voor echtparen. Uit een inventarisatie kwam naar voren dat de oudere echtparen bij voorkeur apart slapen, omdat niet zelden een van de partners luid snurkt.

De deuren van de woningen staan vaak open en wie naar binnen kijkt ziet kinderen en kleinkinderen op bezoek. Daarom zijn er in de tuin een speelheuvel en schommels. Op een terras kunnen tai chi-oefeningen in de open lucht worden gedaan en onder de pergola worden Chinese groenten en kruiden verbouwd.

Mevrouw Lee spreekt geen Nederlands, maar Hongkong-Kantonees. Toen ze achttien jaar geleden in Nederland kwam wonen, moest ze heel hard werken om haar gezin met vijf kinderen te onderhouden en konden haar hersens een nieuwe taal niet meer opnemen, gebaart ze verontschuldigend naar haar hoofd.

Haar zoon Joseph is de tolk in dit gesprek. Hij is ook meegeweest op haar reizen naar Engeland en Amerika. 'De kinderen zijn de blindenstok van de ouderen', is een Chinese uitdrukking. Ze hebben als vrijwilliger een belangrijke rol bij het ouderenwerk.

Joseph is geboren in Hongkong, waar hij ook op school is geweest. Daar werd hem ook het sociale gevoel voor de familie bijgebracht, een mengeling van de leer van Confucius en Christus.

Mevrouw Lee is de afgelopen jaren ook terug geweest naar haar roots. Ze leeft van de AOW, maar ze heeft heel wat wereldreizen kunnen maken. Haar zoon, die in Canada woont, heeft haar in staat gesteld maar liefst zes keer Hongkong te bezoeken. “Maar om voorgoed terug te keren, daaraan heb ik nooit gedacht. Je hebt er geen huis en je kinderen wonen daar ook niet. Als een van de kinderen er woonde, zou ik er misschien anders over denken.” Verleden jaar is ze teruggeweest naar Tahiti, waar ze is geboren. Daar wonen nogal wat Chinezen. Het was een idee van haar kinderen, om herinneringen voor hun moeder en de familie op te halen.

Als kind woonde Ying Kwam tot haar negende bij haar ouders op Tahiti. Toen nam haar oma haar mee naar China, waar zijzelf woonde. De ouders bleven op Tahiti. Waarom dat zo was, weet ze niet meer. Mevrouw Lee heeft heel veel veranderingen in haar leven meegemaakt waarover ze laconiek en berustend praat. “De dingen zijn zoals ze zijn.” Soms laat haar geheugen haar ook een beetje in de steek.

In China woonde ze eerst in een dorpje op het platteland. Als jonge vrouw trouwde ze met een leraar, die Lee heette. Ze kregen samen vijf kinderen. Het was er rustig, totdat de komst van het communisme in de jaren vijftig hun leven radicaal veranderde. De vader van haar man was grootgrondbezitter en ze kregen het hard te verduren. Hun bezittingen werden geconfisqueerd, evenals kostbaarheden, meubels en zelfs kleding.

In 1957 vertrok mevrouw Lee met haar gezin naar de Britse kolonie Hongkong, waar haar man verkoper werd en zijzelf thuis plastic bloemen en andere snuisterijen maakte, die als 'made in Hongkong' heel populair waren. In 1961 emigreerde haar man alleen naar zijn familie in Suriname om daar als verkoper in zijn onderhoud te voorzien. Zijn vrouw en de schoolgaande kinderen bleven achter in Hongkong. Na de onafhankelijkheid van Suriname kwam hij in 1975 terug naar Hongkong. Een jaar later ging het gezin in het kader van de gezinshereniging naar Nederland. Twee jaar geleden overleed de heer Lee.

De kinderen van mevrouw Lee hebben gestudeerd. “Dat is traditie bij Chinezen. Leren is heel belangrijk, want daar zit brood in. Je moet je kinderen wel stimuleren, maar niet vooruit duwen”, zegt ze. Net als zoveel Chinezen van haar generatie heeft ze ervaren hoe moeilijk het kan zijn om van land tot land trekkend een bestaan op te bouwen. “Chinezen vind je overal. In bijna ieder dorp staat wel een Chinese zaak.”

Ze kunnen overal vandaan komen: uit China, Hongkong, Taiwan, Singapore, Maleisië, Suriname en Indonesië. Dat geldt ook voor de bewoners van woongroep Ka Fook Mansion. Bij de samenstelling is gedacht aan verschillende leeftijden tussen 55 en 90. Ook moesten er mensen uit Suriname bij zitten, omdat zij Nederlands spreken en kunnen tolken.

Mevrouw Lee: “De anderen hier spreken veel verschillende talen, maar de voertaal is Kantonees. Of Hakka; dat is verdraaid Kantonees. Als de oudere Chinezen geen Nederlands hebben geleerd, is het contact met de Nederlandse samenleving nihil. Het gebeurt wel dat Chinese ouderen met hun kinderen meeverhuizen naar een dorp ergens in Nederland. Maar als de kinderen de hele dag werken en de deur uit zijn, zijn de ouderen eenzaam, ook al willen ze het niet bekennen. Chinese ouderen tonen zich uiterlijk meestal tevreden en dankbaar.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden