Tafeltennismannen hebben bodem bereikt

'Bondstrainers leveren prutswerk af en moeten opstappen'

Het gaat niet goed met het Nederlandse mannentafeltennis. De tafeltennisbond (NTTB) slaagt er niet in om spelers van internationaal niveau op te leiden. Eerder deze maand degradeerde de mannenploeg zelfs naar de laagste Europese divisie. Wat gaat er fout? En hoe kan het niveau weer omhoog?

In 2000 behaalde Nederland nog de 5de plek op het WK voor landenteams. Toen domineerden topspelers Trinko Keen en Danny Heister het Nederlandse tafeltennis. Toen zij een punt achter hun carrière zetten, bleef opvolging uit. In 2008 stuurde de NTTB helemaal geen team naar het WK, omdat de ploeg niet goed genoeg was. Bij de laatste mondiale titelstrijd eindigde Oranje op een schamele 47ste plaats. Het vrouwenteam doet het daarentegen wel erg goed, met vier Europese titels op rij, al is dat vrijwel uitsluitend op het conto te schrijven van speelsters van buitenlandse komaf.

Het probleem bij de mannen zat vooral in het ontbreken van een goed opleidingsprogramma voor nieuwe talenten, zegt Achim Sialino, technisch directeur van de NTTB. "Het is lastig om goede opvolgers van Keen en Heister te vinden. Deze jongens hebben zichzelf ontwikkeld door naar het buitenland te trekken. Na hen was er elke twee jaar wel weer hoop met een lichting talenten, maar die konden we steeds geen goede structuur aanbieden."

In 2008 zette de bond op nationaal sportcentrum Papendal, waar al getraind werd door internationals, een fulltime programma op voor de mannen. Maar deze structuur werpt vooralsnog geen vruchten af: talenten haken af of komen internationaal tekort. Sialino: "Veel sporters hebben geen goede basis en weten niet hoe het is om professioneel met tafeltennis bezig te zijn. Dit ligt ook aan de cultuur bij Nederlandse verenigingen. Die is anders dan in bijvoorbeeld Duitsland. Clubs hebben hier geen proftrainers, daar wel."

Oud-bondscoach Jan Vlieg kijkt met lede ogen naar de huidige staat van het nationale mannentafeltennis. Hij gelooft niet dat het goed gaat komen met de sport als het huidige beleid van de bond wordt doorgezet. "Er is genoeg talent, maar spelers verpieteren op Papendal." Volgens Vlieg moeten de trainingsmethodes van de NTTB anders worden ingericht. "De criteria die op Papendal worden gesteld zijn ridicuul. Spelers slaan daar vier à vijf uur per dag tegen een bal en doen krachttraining. Maar tafeltennis is ook een denksport en gaat om details. De input op dat front is nul komma nul."

Ook Nikola Vukelja denkt dat er iets aan het programma van de bond veranderd moet worden. Tot de zomer was de Kroaat bondscoach van de Nederlandse mannen, nu werkt hij bij de Belgische bond. "Als Nederland zich wil meten met landen die het goed doen, moeten ze talenten op veel jongere leeftijd goed begeleiden. Nu worden ze pas op Papendal neergezet als ze een jaar of twintig zijn, dat is veel te laat." Ook zou hij spelers minder in het Arnhemse sportcentrum laten trainen. "Ze moeten minstens een week per maand naar toernooien of op stage in het buitenland om veel tegen goede tegenstanders te spelen. Dit gebeurt nu te weinig."

Vlieg, die in 1993 stopte bij de bond, vindt dat het zo niet langer kan. "De trainers die fulltime op Papendal rondlopen leveren prutswerk af en moeten opstappen. Er is niemand die hen op de vingers tikt. Mensen met verstand van tafeltennis bemoeien zich niet met het beleid." Het liefst zou de oud-trainer de functie van bondscoach, die vanwege geldgebrek nu niet vervuld wordt, opnieuw willen innemen. "Ik zou een jaar gratis training willen geven, al is het maar om te laten zien dat ik het beter kan."

Technisch directeur Sialino weerspreekt de aantijgingen. Hij vindt dat er op dit moment een goede trainersploeg aanwezig is op Papendal. "We hebben een mix van trainers met internationale speelervaring en trainers die uit de verenigingen komen en ervaring hebben met het opleiden van spelers. Dit is een goede combinatie." Sialino erkent dat hij de hoofdverantwoordelijke is voor het falen of succes van het topsportprogramma op Papendal. "Ik ben verantwoordelijk voor het proces en men mag mij daar op aanspreken."

Uiteindelijk komt het goed met het mannentafeltennis in Nederland denkt Sialino, we moeten alleen nog even geduld hebben. "Landen als Duitsland en Frankrijk zijn al veel langer en intensiever bezig met dit soort programma's. Ik ben er totaal van overtuigd dat ons beleid over een paar jaar meer resultaat zal opleveren."

Vlieg moet er om lachen. "Geduld? We hebben al vijftien jaar geduld met Sialino en zijn trainers. Er zijn nooit betere trainingsfaciliteiten geweest dan nu op Papendal. Maar als de verkeerde mensen aan de knoppen zitten, kan het nooit resultaat opleveren."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden