TAFELMUZIEK

Gedempt licht, zachtjes pratende mensen, beschaafd gerinkel van bestek op aardewerk. Een meisje met een lange groene schort brengt ons elk een minuscuul vaasje met een lang halsje. Blijkbaar een of ander aperitief. Een voorzichtig teugje brengt opheldering: het is 'szilvapalinka', een pruimebrandewijn. Wij zitten in een Hongaars restaurant, aan de Overtoom in Amsterdam. Hoelang het al bestaat vraag ik, op de spinternieuwe kaart wijzend. Nog maar net. Eerst waren we Joegoslavisch, maar sinds de oorlog daar wilden steeds minder mensen Joegoslavisch eten. En ach, de keukens verschillen niet zoveel. Ik laat dat maar zo.

Daar zet het zigeunerorkestje uit Boedapest in. Want ook dat delen Joegoslavie en Hongarije, de liefde voor muziek aan tafel. Een smeltende viool, een virtuoze cimbalist, een stuwende bas. Inderdaad zie je ze in Boedapest net zo, ook in eenvoudige volksrestaurants, waar de gasten na het eten de hele avond blijven zitten kaarten voor de gezelligheid en de muziek.

Applaus. Ik heb net op een heet pepertje gebeten, zodat de tranen me in de ogen springen. De violist houdt dat voor ontroering en komt vertrouwelijk dicht naast mijn elleboog staan. In gebroken Duits wil hij weten wat ik zou willen horen. Ik weet niets beters te stamelen dan de Csardas. Hij speelt de vurige dans half boven mijn bord, zijn gloedvolle ogen geloken. Ik kijk verlegen opzij, de natte straat in. Wat ben ik toch Hollands! En mijn Boedapester biefstuk wordt koud.

Natuurlijk zorgt ieder respectabel restaurant voor sfeervolle achtergrondmuziek. Maar als je er wat langer of vaker zit, hoor je wel duizend keer dezelfde ingeblikte deuntjes. Als je niet uit blik wilt eten, wil je toch ook niet uit blik horen? Nee, dan echte muziek bij het eten! Met heuse verzoeknummers voor de vrouwen. Dat is zo'n prachtige oude truc: de mannen aan tafel voelen zich door zo'n opdringerige serenade uitgedaagd om te bewijzen dat ook zij best charmant en onderhoudend kunnen zijn. En zo wordt het dus een geslaagde romantische avond.

Mijn vroegere geschiedenisleraar, die het graag gortdroog hield, omschreef romantiek altijd dunnetjes als: de vlucht uit het heden in verleden of toekomst. En wat wil je anders, als je romantisch uit eten gaat? Toch even het heden vergeten?

Muziek aan tafel is ouder dan het schrift. Je ziet al muzikanten afgebeeld bij eet-scenes op prehistorische vazen. Oude teksten en afbeeldingen uit Egypte en Griekenland tonen ons schaars geklede dametjes aan banketten waarbij de gasten vermaakt werden met muziek en dans.

Er zijn natuurlijk van die devote eters die het op volkomen stilte houden. Zo merkte de schrijver G. K. Chesterton eens op: 'Muziek bij het diner is een belediging voor zowel de kok als de violist'. Maar dat zijn van die zonderlingen die niet zien waar het werkelijk om gaat bij een etentje: samen wegvluchten uit het heden. Het is juist de kunst van kok en muzikant om ons zo ver te krijgen.

De hele geschiedenis door is een feestmaal zonder muziek ondenkbaar geweest. En daar hoefde je dan geen koning voor te zijn, want ook op de boerenbruiloften van Breughel zie je de speellieden aan tafel. Tijdens de Italiaanse Renaissance werd speciale diner-muziek gecomponeerd en Telemann's Tafelmuziek is beroemd. En op Parijse terrasjes komen de straatmuzikanten nog steeds langs.

Zo nauw was de band tussen eten en muziek dat sommige gerechten model hebben gestaan voor muziekstukken: een vrolijk gemengde sla voor de Spaanse 'Ensalada', waarmee een muzikale potpourri bedoeld wordt. Het woord 'potpourri' zelf is ook weer afgeleid van 'Pot pourri': een soort eeuwigdurende soep. Zo geheten omdat de pot, waarin men de soep jaren aaneen op het vuur hield, langzamerhand volkomen doortrokken raakte van al wat er ooit ingeworpen was. Het machtige aroma dat er dan uit opsteeg noemde men niet zonder reden 'pourri' (rot). Andersom dankt de bij toeristen zo geliefde Zarzuela (een Spaanse vis- en schaaldierenschotel) haar naam aan een wervelend muziektheater.

De Australische voedsel-filosoof (ja, die bestaan!) Graham Pont is het eens met Brillat Savarin, een beroemde gastronoom uit de vorige eeuw: een diner zonder wijn, vrouwen en muziek is de moeite niet waard. Ze hebben dat niet van zichzelf. Volgens een Duits volksliedje zou de trits 'Wein, Weib und Gesang' van niemand minder dan de grote Reformator Maarten Luther stammen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden