'Taal... het is allemaal een kwestie van smaak'

AMSTERDAM - Niets veranderlijker dan de taal. In de vorige eeuw was het chic om veel Frans in het Nederlands te strooien, sinds de Tweede Wereldoorlog is meer en meer Engels in onze taal geslopen. 'Taalverloedering', vindt de een, anderen zeggen dat het er gewoon bij hoort: andere tijden, nieuwe taalgewoontes.

Taalkundige en journaliste Liesbeth Koenen, mede-auteur van 'Peptalk', een boek met ruim 3 600 Engelse woorden en uitdrukkingen die in het Nederlands ingeburgerd zijn, schaart zich nadrukkelijk bij de tweede categorie.

"Het verschijnsel 'lenen' is in een taal de normaalste zaak van de wereld. De laatste decennia zijn dat vooral Engelse woorden en begrippen. Vele daarvan zijn inmiddels helemaal vernederlandst. Woorden als sport en film zijn prachtige voorbeelden: niemand weet nog dat die uit het Engels komen."

"Iedereen ziet in dit opzicht alleen maar hel en verdoemenis, in plaats van te zien hoe sterk het Nederlands is, dat al die woorden gewoon opneemt in het systeem. Zonder dat we ooit uit het Latijn en het Frans geleend hadden, hadden we bovendien nauwelijks Nederlands gehad. Kijk maar in het etymologisch woordenboek."

"Het is allemaal een kwestie van smaak. Met uitdrukkingen als 'naar de mensen toe', of politici die het te pas en te onpas hebben over 'samen' en 'met elkaar' krijg je mij helemaal op het dak. Dat komt doordat ik die associeer met een type mensen bij wie ik me niet thuis voel. Dat zijn smaakkwesties, geen taalkwesties."

"De volgende generatie vindt wat wij niet mooi vinden, wel mooi. Het heeft te maken met wat je als kind leert. Als je klein bent, is alles zoals het is, daar valt niet aan te tornen, maar als je later groot bent, blijkt alles anders te worden. Met taal is het precies zo."

"'Iedereen kleedt zich tegenwoordig zo belachelijk', of 'tegenwoordig bouwen ze van die rare huizen' is hetzelfde als 'iedereen praat tegenwoordig zo belachelijk'. Dat is een veel algemener verschijnsel dan taal of spelling alleen. Het heeft te maken met de sociale aspecten van taal, dat kan ik niet genoeg kan benadrukken."

Jong

Iedereen bedient zich dagelijks van taal; iedereen praat, luistert, leest en schrijft, maar wat we nu precies doen en hoe we dat doen, weet eigenlijk niemand. Er is geen mens die weet waarom een kind zo ongehoord snel een vreemde taal kan leren en een volwassene daar zoveel moeite mee heeft. De tak van de taalkunde die zich met dit soort vragen bezig houdt, is dan ook nog jong: 35 jaar, een jaar ouder dan taalkundige Liesbeth Koenen, geen familie van de Koenen van het woordenboek overigens.

Grondlegger van dit type taalkunde is Noam Chomsky, die eind jaren vijftig zijn theorieen over de generatieve grammatica ontvouwde, sindsdien bekend als de Chomskyaanse revolutie in de taalkunde. Eind van dit jaar, rondom Chomsky's 65ste verjaardag, verschijnt een boek - deels gebaseerd op gesprekken met Chomsky - geschreven door Liesbeth Koenen en de taalkundige Rik Smits. Ze zijn net terug uit Amerika, waar ze de hoogleraar uitgebreid interviewden. Liesbeth Koenen is er nog vol van. "Die man leidt een driedubbel leven, dus is het heel bijzonder dat hij zoveel tijd voor ons vrijmaakte."

"Blijkbaar vindt hij het ook belangrijk dat er in de 'buitenwereld' wat meer bekend wordt over wat er in de taalkunde gebeurt. Dat vak is ook nog zo jong. Chomsky's eerste boek verscheen in 1957. Inmiddels wordt er wereldwijd onderzoek gedaan en dat heeft verstrekkende gevolgen. Niet voor niets wordt Chomsky de Einstein van de taalwetenschap genoemd."

"Ik begrijp eigenlijk ook niet waarom Rik en ik die kans krijgen en bijvoorbeeld Amerikaanse journalisten nog nooit op dat idee gekomen zijn. Het is voor ons in elk geval een gouden kans om alles aan die man te kunnen vragen, want dat mag je als journalist. We hebben hartstikke leuk materiaal. Het moet een boek voor een breed publiek worden en we schrijven het in het Engels. Help! Gelukkig is Rik anglist, dat helpt."

"Het gaat Chomsky echt om de taal, hoe die in je kop zit, wat wij anders hebben dan beesten. Neem nou het zinnetje 'Jan ziet hem'. Iedereen weet dat Jan en hem nooit dezelfden kunnen zijn, maar dat staat in geen enkel grammaticaboek. Als een kind alleen gebarentaal leert, maakt hij precies dezelfe fases door als een kind dat een gesproken taal leert."

"Dat is iets dat je kunt constateren, maar hoe dat werkt, weet niemand, evenmin als waarom kinderen zo snel een taal leren. Dat vind ik interessante vragen en er beginnen nu ook antwoorden te dagen. Dat vind ik veel interessanter dan of 'groter als' slechter is dan 'groter dan'."

Taal is niet alleen het vak, maar duidelijk ook de passie van Liesbeth Koenen. Ze studeerde Nederlands, maar besloot na haar kandidaats om te zwaaien naar algemene taalwetenschap, "want ik vond het verschijnsel taal leuker dan het Nederlands. Boeken lezen moet je voor je lol doen, niet omdat je het moet en taalkunde is een mooi vak."

"Intussen had ik de stiekeme wens om de journalistiek in te gaan. Daarom heb ik tijdens na mijn afstuderen de cursus wetenschapscorrespondentie gedaan. Inmiddels vecht ik al vier jaar voor het behoud van de subsidie voor deze fantastische cursus."

"We hebben er zelfs een stichting voor opgericht, waar ik secretaris van ben. Het is de enige cursus waar mensen ontzettend veel training krijgen in het schrijven over hun vak voor een breed publiek."

"Nog voor ik die cursus goed en wel af had, had ik mijn eerste interview gepubliceerd. Met Noam Chomsky, in NRC Handelsblad."

Daarop zouden heel wat interviews met taalkundigen, andere taalgeleerden en taal'gekken' volgen. Die gesprekken werden in 1990 gebundeld in 'Het vermogen te verlangen (een cryptische omschrijving van 'taalkunde': verlangen=talen en vermogen=kunde); gesprekken over taal en het menselijk brein'.

Ondertussen schreef ze, weer samen met Rik Smits, 'Peptalk en pumps', een handzaam boek met de duizenden Engelse woorden en begrippen die het Nederlands heeft opgenomen. Eind vorig jaar verscheen de drastisch herziene tweede druk onder de verkorte titel 'Peptalk'.

Doventaal

Nog recenter is 'Gebarentaal', een rijkelijk geillustreerd boek over de Nederlandse doventaal, dat Liesbeh Koenen samen met twee anderen maakte. "Na een artikel dat ik over gebarentaal schreef, vroeg een uitgever mij om daar een boek over te maken. Ik liep toen tegen twee jongens van de Haagse stichting Vi-taal aan. De een, Tony Bloem, is doof en docent gebarentaal. Ruud Janssen is grafisch ontwerper en maakte het boek 'Het handalfabet', dat in 1986 verscheen."

"Het was een prachtig samengaan van diverse invalshoeken. Wij wilden een boek voor een breed publiek. Het is niet alleen geschreven voor in taal geinteresseerden, maar in het bijzonder voor ouders van een doof kind. En het gaat niet over zielige doven. Ik heb alle boeken op dit gebied gezien en ik kan zeggen dat dit boek uniek is in de wereld. Het bevat geen jargon, wel heel veel plaatjes van extreem goede kwaliteit. De produktie heeft dan ook extreem lang geduurd."

"Ach ja, een mens is gek. Als je van te voren weet hoeveel werk een bepaald project vergt... Neem nou 'Peptalk'. Rik en ik bedachten dat er wel ontzettend veel Engelse woorden in het Nederlands geslopen zijn. Toen we gericht gingen verzamelen, hadden we er binnen de kortste keren over de duizend." .. Op dezelfde manier als elk woordenboek gemaakt wordt. Je noteert wat je tegekomt in kranten, op radio en tv, in gesprekken in de tram. Op den duur word je er echt gestoord van, want er komt nooit een eind aan. Dat verzamelen heeft alles bij elkaar anderhalf jaar geduurd en toen hebben we maanden geschreven aan de betekenis-omschrijvingen van de woorden en begrippen."

Spotjes

"Nee, dat boek is absoluut niet uit ergernis ontstaan. Het enige dat mij irriteert is dat niemand er rekening mee houdt dat te veel mensen geen Engels verstaan. Kijk maar naar bepaalde reclamespotjes (voor bijvoorbeeld kauwgom en whisky) die niet vertaald worden en ik erger me aan luie journalisten die halve interviews niet vertalen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden