Taaie smeulende binnenvetter met mondharmonica

Charles Bronson hield zijn ogen toegeknepen alsof hij voortdurend tegen de zon in keek. Het gaf hem een sluwe, onheilspellende uitdrukking; de uitstraling van een puma, is wel gezegd. Nog versterkt door diepe lijnen langs zijn mond en strak op elkaar geklemde lippen. Even zwijgzaam als collega Clint, was Charles, met vaak nog naardere gevolgen. Taaie, smeulende binnenvetters, speelde hij. Niet voor niets staat hij in het geheugen gegrift als de man met de mondharmonica uit 'Once upon a time in the west' (1968). Het was een van de weinige keren dat hij een extra uitlaatklep had, in de meeste films laat Charles Bronson alleen zijn pistool spreken.

Afgelopen zaterdag overleed de ongenaakbare Bronson op 81-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Los Angeles aan de gevolgen van een longonsteking, zoals zijn agent zondag bekend maakte. Hij was al langere tijd ernstig ziek, en hoewel een laatbloeier, behoorde zijn bloeiperiode in de film ook al ruim tot het verleden. Het meest succesvol was hij in de jaren '70, nadat hij, inmiddels in de vijftig, eindelijk voet aan de grond kreeg in Hollywood met zijn rol als de mysterieuze wreker in 'Once upon a time in the west'. Die rol van eigen rechter met het morele 'gelijk' aan zijn kant zette Bronson tot in de jaren '80 voort in de extreem gewelddadige, populaire 'Death Wish'-serie. Daarin speelt hij een vader die na de verkrachting van zijn dochter, ontevreden over het werk van de justitie, dan maar zelf achter alle verkrachters aan gaat.

Bronsons taaiheid was niet gespeeld. Hij werd in 1921 geboren in Pennsylvania, als zoon van Litouwse ouders (zijn echte naam was Bunchinski), een van 15 kinderen. Een straatarm mijnwerkersgezin. Charles kwam na een variëteit aan baantjes (metselaar, kok, strandstoelenverhuurder) bij de film terecht als decor-schilder om vervolgens als acteur verder te gaan in b-films, en in bijrollen in grotere films (The magnificent seven 1960, The Sandpiper 1965, The dirty dozen 1967). Zijn Russische naam veranderde hij in de anticommunistische jaren '50 in het publieksvriendelijker Bronson. Het echte succes kwam pas toen een van zijn films, 'Machine-Gun Kelly' (1958) gezien werd door Alain Delon, die hem vervolgens naar Frankrijk haalde om de hoofdrol te spelen in 'Adieu l'ami' (1968). Bronson werd er in een klap razend populair en vele Europese geweldsfilms plus een Italiaanse en Franse koosnaam waren het gevolg: 'Il Brutto' en 'Le monstre sacré'. In 1971 ontving Bronson een Golden Globe als 's werelds populairste filmster.

In Amerika bleef het lastiger. Hij kreeg er veel kritiek op het gewelddadige karakter van de succesvolle 'Death Wish'-reeks. Geheel in karakter wimpelde Bronson die kritiek af ('de critici betalen toch geen bioscoopkaartjes') en bevestigde hij zijn imago in interviews waarin hij vertelde over arrestaties wegens geweldpleging en dat hij als hobby graag het vuistvechten en het messenwerpen beoefende. Die verhalen worden elders niet bevestigd. In werkelijkheid schijnt de rustige, beminnelijke Bronson vooral van kunstschilderen en van zijn tweede vrouw Jill Ireland te hebben gehouden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden