Syriëgangers steeds jonger en minder religieus

Wie is die buitenlandse strijder die zich schaart aan de zijde van terreurorganisaties als IS? Hoe wordt hij bij thuiskomst berecht en hoe neemt hij, of steeds vaker zij, weer een plek in de samenleving in?

ROMANA ABELS en REDACTIE POLITIEK

De Belgische Bilal Hafdi was twintig jaar toen hij zichzelf opblies buiten het Stade de France in Parijs. Hij was de jongste aanslagpleger. Tussen het moment dat hij rookte en blowde, radicaliseerde, naar Syrië vertrok, terugkeerde en een aanslag pleegde, zat een maand. Zo gaat het tegenwoordig. Het nieuwe type terrorist, de zogenoemde tweede generatie, verdiept zich niet eerst jaren in de islam.

Terwijl Haagse politici de afgelopen tijd motie na motie aannamen om ervoor te zorgen dat het salafisme wordt gestopt, gaf het Internationaal Centrum voor Contraterrorisme (ICCT) in Den Haag gisteren een heel ander signaal: de huidige generatie Syriëgangers is amper door religie geïnspireerd. De jihadganger van nu is of een hele of halve crimineel voor wie een reis naar Syrië gewoon het volgende spannende ding in zijn leven is, of iemand die ontgoocheld is geraakt - iemand die is buitengesloten of gediscrimineerd. Men zoekt eerder een doel om zijn frustratie op te richten dan dat de jihad geldt als religieuze verplichting.

Gisteren presenteerde dat ICCT een internationaal onderzoek naar de aard en aanpak van Syriëgangers in alle Europese landen. Het onderzoek werd in opdracht van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding uitgevoerd in het kader van het Nederlandse voorzitterschap van de EU, waarin terreurbestrijding een van de aandachtspunten is. Het rapport brengt voor het eerst in kaart hoe groot het aantal uitreizigers en terugkeerders precies is. Vooral de laatste groep baart overheden grote zorgen - de kans dat IS strijders opzettelijk naar Europa terugstuurt om aanslagen te plegen, is groot.

Behalve het aantal onderzocht het ICCT ook het profiel van de hedendaagse Syriëganger. Meest is het een jonge man, afkomstig uit een grote stad. Opvallend, schrijft het ICCT, is de steeds lagere leeftijd van de uitreizigers en de groeiende groep vrouwen die zich mengt in de strijd. Van de Franse jihadgangers is 22 procent vrouw, in Duitsland 20 procent en van de Belgische uitreizigers is een op de tien vrouw. Een aanzienlijk deel heeft een crimineel verleden en er zijn aanwijzingen dat een deel van de uitreizigers al eerder geestelijke problemen had. Ook valt de groeiende groep bekeerlingen op. In sommige landen, zoals in Frankrijk, is bijna een kwart van de uitreizigers niet van islamitische origine. Bij een verijdelde aanslag in Barcelona bijvoorbeeld, in het voorjaar van 2015, waren onder de elf arrestanten vijf bekeerlingen.

Gemiddeld is een derde van de ongeveer vierduizend uitreizigers weer terug in het land van herkomst. Hoewel er onmogelijk te voorspellen is welk deel daarvan een eventuele aanslagpleger is, doet de ICCT er toch een gooi naar: eerder onderzoek wees op 6 procent. Zo rekenend lopen er in België, Nederland, Oostenrijk, Zweden, Denemarken, Frankrijk, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk samen ongeveer tachtig terroristen rond. Daar komen dan nog de mensen bij die nooit naar Syrië vertrokken, maar gewoon in eigen land radicaliseerden, mede onder invloed van de 46.000 accounts op Twitter waarop effectieve IS-propaganda wordt verspreid. IS wordt daarin voortdurend afgebeeld als een winnaar, het kalifaat als een veilig en fijn land.

Het ICCT benadrukte gisteren het belang van reïntegratieprojecten voor terugkerende Syriëgangers.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden