Succesvol na een moeizame weg

diploma | Tweehonderd vluchtelingen vieren morgen in Amsterdam dat ze zijn afgestudeerd. Een van hen krijgt zelfs een prijs wegens uitzonderlijke prestaties. Trouw sprak de drie genomineerden - in het Nederlands - voor deze Kees Bleichrodt Award.

Te vaak vinden hoogopgeleide asielzoekers hun weg in Nederland niet. En dus poppen, onder druk van de asielgolf van vorig en dit jaar, allerlei experimenten op, ziet Mardjan Seighali, directeur van Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF. "Zaken waar wij al lange tijd voor pleitten, staan op de agenda."

Zo zijn allerlei onderwijsinstellingen dit jaar begonnen met een voorbereidend jaar voor hoogopgeleide vluchtelingen die verder willen studeren. In dat schakeljaar leren ze naast de taal ook studievaardigheden. Seighali: "Werken in groepjes, heel gewoon in ons onderwijs, zijn ze vaak niet gewend. Met zo'n schakeljaar voorkom je uitval."

Het UAF biedt vluchtelingen de kans om weer te gaan studeren, geeft advies en soms geld. Dit jaar hebben ruim 200 studenten met die steun de eindstreep gehaald in het hoger onderwijs. Daarom is het morgen feest in Amsterdam. Seighali, zelf ooit gevlucht en begeleid door het UAF: "Deze studenten hebben vaak een moeizame weg afgelegd. Ze hebben trauma's, taalproblemen, lastige familiesituaties. Desondanks zijn ze nu succesvol. Daarom zetten we ze in het zonnetje." Een van de studenten krijgt de Kees Bleichrodt Award. Bleichrodt was directeur van het UAF van 1989 tot zijn dood in 2012.

Minister Asscher (PvdA, sociale zaken en werkgelegenheid) signaleerde onlangs dat hoogopgeleide vluchtelingen het moeilijk hebben. Uit een studie van Randstad en het Coa blijkt dat het voor hen moeilijker is een baan op hun eigen niveau te vinden dan voor laagopgeleide vluchtelingen. Gebrekkige kennis van het Nederlands en problemen met de erkenning van diploma's hinderen juist mensen die op hoog niveau aan het werk willen. Het is voor een advocaat belangrijker goed Nederlands te spreken dan voor een timmerman.

De Hogeschool Utrecht begon een pre-bachelor programma voor 23 vluchtelingen met een ICT-achtergrond. Na een half jaar waren ze klaargestoomd voor een volwaardige ICT-studie. Seighali: "Ik was in januari bij de start. De studenten zaten er verlegen bij, stil, teruggetrokken. Een half jaar later, bij de afronding, praatten ze honderduit, stelden vragen. Geweldig om te zien."

Van de studenten die het UAF begeleidt, vindt zeventig procent binnen een jaar werk. Niet altijd betaald werk en niet altijd op het niveau van zijn of haar opleiding. Het UAF stimuleert werkgevers al jaren hoogopgeleide vluchtelingen aan te nemen, vertelt Seighali. Sommigen bieden inmiddels betaalde werkervaringsplaatsen aan, zoals bouwbedrijf Dura Vermeer, Manpower en de NS. Seighali: "Maar te vaak hoor ik nog: het moet wel passen in bestaand beleid. Zonde."

Mitali uit Rwanda: een diploma maar geen verblijfsvergunning

Het diploma is binnen, zegt Clenton Mitali (31) en hij lacht. De vluchteling uit Rwanda schuift zijn stoel aan en bestelt een cappuccino op een terras in het Utrechtse winkelcentrum Hoog Catharijne. Acht jaar geleden arriveerde hij op Schiphol, gevlucht uit hoofdstad Kigali. In Rwanda volgde hij voor zijn plotse vertrek een opleiding om verpleger te worden. Met zijn bachelor Public Health kan hij hier nu aan de slag in het management in de zorg. "Het is gelukt. Ik ben wel trots, ja."

Toch is zijn situatie verre van ideaal. Of hij een baan krijgt, is nog maar de vraag. Mitali heeft dit papier wel binnen, maar niet dat felbegeerde andere papier: een verblijfsvergunning. Hij is al sinds 2011 uitgeprocedeerd, doorliep vele procedures, maar de IND en de rechters oordeelden telkens negatief. Hij leeft in onzekerheid en hoopt een weg te vinden om ook formeel in Nederland te mogen blijven.

Over wat hij meemaakte in Rwanda wil hij niet meer praten. Hij is al jaren onder behandeling van een psycholoog, vertelt hij. Het verleden ophalen doet hem geen goed. Hij houdt het heel kort: zijn twee zussen en moeder werden in de genocide van 1994 vermoord, hij was toen negen jaar. Later als student kwam hij in de problemen en vluchtte naar Nederland.

In een asielzoekerscentrum in Dronten, waar hij na twee weken op Schiphol te zijn vastgehouden belandde, merkte Mitali direct hoe vervelend het is om mensen niet te verstaan. "De taal leren, dacht ik, dat is een goede uitdaging." Mitali is christen en ging geregeld naar de kerk. Mensen uit de kerk hielpen hem met Nederlands en elke avond oefende hij woordjes in zijn kamer. In Tilburg kon hij later Nederlandse les krijgen, en hij reisde eenmaal per week van Dronten naar het zuiden met trein en bus.

Mitali verloor op een gegeven moment al zijn procedures en kwam in het uitzetcentrum in Katwijk terecht. Hij deed toch toelatingsexamen voor een schakeljaar op de Haagse Hogeschool. Een opleiding voor buitenlanders die daarna aan het hbo kunnen studeren. Tot zijn eigen verbazing slaagde hij.

"Maar het ging met mij niet goed. Ik was bang uitgezet te worden. De opleiding was zwaar. Ik had het zo moeilijk, ik overwoog op een bepaald moment een einde aan mijn leven te maken. Het leek of de wereld mij niet wilde."

Het geloof, de steun van het UAF (Stichting voor Vluchteling-Studenten) en zijn psychiater weerhielden hem van zelfdoding, denkt Mitali. "Mijn geloof in Jezus Christus is de afgelopen jaren sterker geworden. Vandaar dat ik mijn verhaal ook kan vertellen, ook al ben ik uitgeprocedeerd. Ik vertrouw erop dat God voor mij zorgt."

Scriptie over obesitas

De hbo-studie in Den Haag brak hij af, maar Hogeschool Windesheim in Zwolle nam de student aan in de managementopleiding Public Health. Daar ging het beter met hem. Hij kreeg een kamer op de campus en werd later gevraagd als voorzitter van de opleidingscommissie. Voor zijn afstudeerscriptie deed hij onderzoek naar obesitas onder kinderen. Die scriptie is genomineerd voor een prijs. In november hoort hij of hij in de prijzen valt.

Nu noemt hij zichzelf een gelukkig mens. "Ik heb zoveel geluk gehad: met vrienden van de kerk, de studie en het UAF die mij helpen." Hij heeft inmiddels liefde opgevat voor gospelmuziek en wil graag naar een muziekschool om zich in zang en piano verder te bekwamen. Hij is daarvoor op zoek naar financiële steun, vertelt hij.

Mitali heeft sinds hij zijn studie beëindigde geen vast adres meer, woont telkens bij andere vrienden. "Het is niet gemakkelijk geweest al die studiejaren. Altijd keek ik om me heen, of er geen politie was die me zou aanhouden en gevangen zou zetten. Dat gaf altijd veel stress. Nu ik mijn diploma heb, voel ik die druk niet meer zo sterk."

Hij overweegt een nieuwe procedure te starten vanwege zijn diploma. Met het verzoek om een tijdelijke verblijfsvergunning te krijgen, zodat hij tijd heeft een baan te vinden. "Mijn advocaat studeert op die mogelijkheid. Als ze mij het land uitzetten, dan zie ik wel, met Gods hulp vind ik mijn weg. In Nederland voel ik mij thuis. Ik hoop dat ik hier mag en kan blijven."

Stage lopen in een kamp bij IS-gebied

Kurdvin Rasool Afkomstig uit Irak

De eerste sollicitatierondes voor de diplomatenopleiding van het ministerie van buitenlandse zaken overleefde Kurdvin Rasool (39) uit Assen. Maar eind vorige maand kwam de teleurstelling, in de derde ronde is deze van oorsprong Iraakse Koerd afgevallen. Hij gaat verder zoeken naar een mooie baan, reageert hij nuchter. "Een vluchteling geeft nooit op, zeggen ze wel. Nou, in mijn geval klopt dat."

Op zijn achttiende, in 1997, kwam hij aan op Schiphol, gevlucht voor het regime van Saddam Hussein. Zijn asielprocedure duurde tot 2008. Hij verhuisde van azc naar azc, en leerde Nederlands. Door een generaal pardon kon hij uiteindelijk blijven. Inmiddels is hij genaturaliseerd, en woont in Assen. "Ik hoor nu tot de groep nieuwe Nederlanders", zegt hij lachend.

Rasool studeerde na het verkrijgen van zijn verblijfsvergunning Midden-Oosten-studies in Groningen. Daar viel hem op dat er twee groepen studenten rondliepen: zij die in Hebreeuws en zij die in de Arabische wereld geïnteresseerd waren. "Die twee spraken niet met elkaar." Rasool zette een studievereniging op onder de naam 'Shalom Arabs'. "Een controversiële naam waarmee we bewust wilden prikkelen. We organiseerden debatten en zo lukte het toch die twee groepen met elkaar in gesprek te krijgen."

Na zijn bachelor volgde Rasool de master International Humanitarian Action. Toen hij een stage moest volgen, kwam een droom in beeld: in een vluchtelingenkamp werken.

Rasool reed vervolgens zelf met zijn eigen auto vanuit Nederland naar Noord-Irak. De Syrische stad Kobani werd belegerd door IS, wat een grote stroom vluchtelingen op gang bracht. De Verenigde Naties vonden de situatie te gevaarlijk om stagiairs toe te laten. Maar Rasool kreeg toestemming om te blijven. Het verslag van dit werk diende als afstudeeropdracht, hij kreeg een 9. "Ik werkte zeven dagen in de week, van zeven uur 's ochtends tot in de avond en daarna maakte ik dan nog verslagen voor mijn begeleiders. Ik luisterde naar de verhalen van de vluchtelingen, zag de angst in hun ogen als er schoten te horen waren. IS zat op nog geen kwartier afstand."

Omdat voor het gebied een negatief reisadvies geldt, kreeg Rasool geen beurs of reisverzekering van de universiteit. "Ik heb schulden gemaakt. Maar dat komt wel goed als ik straks een baan heb."

Pouya Zarchin Afkomstig uit Irak

Ik heb geen kans", dacht Pouya Zarchin (28) toen de docent op de eerste studiedag vertelde dat slechts zestig procent van de studenten communicatie aan de Vrije Universiteit zijn vak haalde. "Ik keek om me heen en zag alleen maar blonde koppen, geen enkele andere vluchteling of allochtoon. Ik dacht: Zelfs als 99 procent het zou halen, zal ik wel die ene procent zijn die afvalt." Maar Zarchin beet zich vast in de studie. "Niet opgeven, doorgaan, zei ik altijd tegen mezelf." Hij haalde hoge cijfers en onlangs zijn bachelor.

In 2011 kwam hij uit Iran, zijn ouders waren hier al, de verblijfsvergunning kwam vrij snel. Inmiddels heeft hij de Nederlandse nationaliteit. Over de redenen van de vlucht van zijn familie wil hij niet spreken. Dat zou mensen in problemen kunnen brengen, denkt hij.

Zarchin praat snel, maakt graag duidelijk dat hij niet heeft stilgezeten. In het asielzoekerscentrum in Dronten tolkte hij en organiseerde hij spelletjes in een bejaardentehuis, alles om zijn Nederlands te oefenen. In Teheran had hij zijn opleiding in de techniek bijna af, maar in Nederland wilde hij daar niet in verder.

En dus volgde hij een vooropleiding voor buitenlandse studenten van een jaar aan de Vrije Universiteit, haalde de benodigde examens en begon een studie communicatiewetenschappen. Ook in Amsterdam deed hij veel naast de studie. Hij werkte mee aan verschillende onderzoeken op de universiteit, gaf zelf les aan studenten - in het Nederlands, vertelt hij trots. Hij kreeg zelfs een baan bij een groot consultancybedrijf, waar hij nog steeds in deeltijd werkt. En hij is net aan zijn master Business Administration begonnen. Want, vertelt Zarchin: in de handel ligt zijn passie. Met een Iraanse vriend zet hij nu een eigen bedrijf op om advies te geven aan mensen die handel willen drijven met Iran en andere landen in de regio. De eerste cliënten hebben zich al gemeld.

Hij is Nederland dankbaar voor de mogelijkheden, zegt Zarchin. "Maar ik heb eigenlijk geen hechte banden meer met een bepaald land, ik ben wereldburger geworden. Mogelijk ga ik in de toekomst in het buitenland werken."

dit jaar 900 aanvragen

In 2016 heeft de Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF vooralsnog ruim 900 aanvragen gekregen van vluchtelingen die ondersteuning willen bij een studie op mbo-, hbo- of universitair niveau. Daarvan zijn er 530 geaccepteerd. Aan het eind van het jaar verwacht het fonds tussen de 700 en 800 vluchtelingen te hebben aangenomen. Vorig jaar waren dat er 550.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden