Stugge doorzetter die rust bracht

interview | 200 jaar na de landing van Willem Frederik bij Scheveningen ligt er de biografie van Jeroen Koch. Koning Willem I hield er een tweede gezin op na en hij wilde de katholieke godsdienst afschaffen.

Wat het grootste nieuws van zijn biografie van Willem I is, daar is Jeroen Koch nog niet helemaal uit. Zo noemde een meelezer de ontdekking van het tweede gezin van de koning een 'bom'. Zelf neigt hij ertoe om het plan van de monarch om de katholieke godsdienst af te schaffen als meest nieuwswaardig aan te merken.

De Utrechtse historicus realiseert zich dat het publiek een overweldigende hoeveelheid nieuwe details over de eerste drie vorsten over zich uitgestort krijgt. In de Nieuwe Kerk presenteerden Koch en zijn collega's Jeroen van Zanten (Willem II) en Dik van der Meulen (Willem III) gisteren drie biografieën waaraan zij dankzij een subsidie van het Prins Bernhard Cultuurfonds vier jaar lang konden werken.

Vier jaar geleden wist Koch van Willem I niet meer dan de standaard dingen, zoals zijn bijnamen: koopman-koning, besluitenkoning, kanalenkoning en koperen koning. Het was niet de eerste keer dat hij op die manier een onderwerp instapte. Eerder accepteerde de historicus van katholieke komaf het aanbod om de - later veelgeprezen - biografie van de gereformeerde voorman Abraham Kuyper te schrijven.

Tijdens het gesprek laat Koch regelmatig het woord hilarisch vallen. Het levensverhaal van Willem I zit vol met grappige anekdotes. Slechts een enkele keer maakte Koch zich tijdens het schrijven van een passage kwaad. Bijvoorbeeld over de 'schandalige' wijze waarop Willem I na 1834 de afgescheiden gereformeerden heeft behandeld.

"Hij vond dat zij zijn plan voor een eenheidskerk ondermijnden. Deze gereformeerden - zoals zij zichzelf noemden, maar van de koning niet mochten heten - kregen inkwartiering van soldaten, hun diensten (in schuren en op het open veld, als hagenpreken) werden uiteengedreven, de leiders werden gevangengezet. Het ging om hooguit enkele honderden, vaak straatarme gelovigen, die bovendien zeer Oranjegezind waren. Willem I toonde zich wel van een zeer hardvochtige kant."

Over Willem I zijn boekenkasten vol geschreven, dus aan secundaire literatuur had Koch geen gebrek. Ook was er genoeg archiefmateriaal, alleen het archief van zijn staatssecretaris is al 924 meter lang. Helaas had Willem I zijn correspondentie met zijn vrouw laten verbranden. De vreugde bij Koch en zijn collega's was des te groter toen op een ongedachte plek in het archief van het Koninklijk Huis maar liefst driehonderd brieven van koningin Mimi aan haar man boven water kwamen.

Koch ontdekte wat een stugge doordouwer Willem I was, ook op momenten dat het zicht op terugkeer naar Nederland ver achter de horizon lag. Van 1806 tot 1813 bungelde Willem Frederik. "Hij wist echt niet meer welke kant het op moest", zegt Koch. De prins was bij de Engelse familie uit de gratie, Napoleon vond hem een ontrouwe vazal en in Pruisen werd hij verguisd omdat hij zonder slag of stoot de burcht van Erfurt aan de Franse legers had overgedragen.

Dat Willem I zich tot het uiterste bleef inzetten om de Oranje-dynastie in ere te herstellen is opmerkelijk. Was hij zo'n optimist?

"Eerder een door realisme gelouterde optimist. Hij vond dat je nooit mocht versagen. Net als andere Oranjes kende hij het werk van Voltaire, vooral zijn toneelstukken, zeer goed. Een van Voltaire's personages, Candide, stelde Willem I zichzelf als voorbeeld. Het optimisme van Candide is door realisme gelouterd, het is een grimmig optimisme: 'Ach, wat is optimisme, dat is die waanzinnige koppigheid waarmee je maar blijft volhouden dat alles goed gaat, als het slecht gaat', zo laat Voltaire Candide zeggen. Het is geen naïef optimisme, maar eerder een optimisme als morele plicht."

Wat was de grootste verdienste van Willem I als bestuurder?

"Zijn belangrijkste verdienste is dat hij na 1815 voor rust zorgde in het land. Het was een revolutionaire tijd geweest. Hij bracht stabiliteit en wilde zijn bevolking, die door de politieke onrust van 1795 tot 1813 tot grote armoede was vervallen, meer welvaart brengen. Veel van zijn initiatieven mislukten, maar hij zag wel waar het in de toekomst naartoe zou gaan met de industrialisatie. Hij wilde werk creëren. Hij investeerde in industrie, met name in België. Hij liet kanalen graven en ook dat was niet altijd onmiddellijk een succes. Zo werd de investering in het Groot Noordhollandsch Kanaal pas na tachtig jaar terugverdiend. Op de zeer lange termijn hebben zijn investeringen wel degelijk vrucht gedragen."

Daar stond tegenover dat zijn financieel beleid een chaos was. Willem I goochelde met geld en dat leidde tot enorme tekorten. Niemand had zicht op zijn financiële handel en wandel, ook het parlement niet. Dat wilde Willem I zo. Al snel holde hij het in de Grondwet verankerde budgetrecht van de Staten-Generaal uit. Pas tegen het einde van zijn regeringsperiode werd hij gedwongen om opening van zaken te geven. Toen bleek dat het land er financieel zeer beroerd voor stond. Nederland was meer dan de helft van het jaarlijkse budget kwijt aan rentebetalingen. De staatsschuld bedroeg tweehonderd procent van het bruto binnelands product.

De investeringen zouden Willem I persoonlijk geen windeieren hebben gelegd, klopt dat?

"Zeker, daar heeft hij flink aan verdiend, maar vermoedelijk niet de 200 miljoen gulden die na zijn aftreden de ronde deed. Een van de problemen is dat tot 1848 volstrekt onduidelijk was wat staatsgelden waren en wat privévermogen van de koning. Dat liep bij hem totaal door elkaar heen."

Niet al zijn plannen waren zo realistisch als het graven van kanalen en opzetten van industrie. Welk plan spande de kroon?

"Zonder twijfel het plan voor de oprichting van een verlicht christelijke landskerk. Op een gegeven moment stelde hij zelfs voor de rooms-katholieke kerk af te schaffen. Hij begon zijn plan nadat hij optimistische geluiden ontving van zijn mensen uit Rome over het verloop van de onderhandelingen over het concordaat (verdrag tussen de paus en de koning) van 1827. Hij dacht dat je beleidsmatig alle problemen kon oplossen en dus ook de tegenstelling tussen protestantisme en katholicisme. Over zoiets als de sacramenten, ach, daar kon je met een compromis wel uitkomen. Hij zag het niet van de theologische, maar van de bestuurlijke kant. Zo kwam hij uit op een nationale volkskerk met verlicht christelijke signatuur. Ter bevordering van de vrede zou de koning van elk land in Europa geestelijk leider van zo'n kerk moeten worden. Willem dacht aan een permanente vergadering in Zwitserland en door wie zou die worden voorgezeten?" Koch schaterlachend: "De paus!"

Wat was de rol van Willem I bij de afscheiding van België?

"Die was zonder meer doorslaggevend", stelt Koch. "De vorming van België had Willem I kunnen voorkomen als hij wat minder autoritair en koppig had opgetreden. Toen Noord- en Zuid-Nederland bij het Congres van Wenen bij elkaar werden gevoegd, waren er wel twijfels over de haalbaarheid hiervan. Je had twee talen en twee godsdiensten, maar er zijn in Duitsland, dat ooit bestond uit 300 postzegeltjes, genoeg voorbeelden van succesvolle samenvoegingen. Met zijn vijandige houding ten opzichte van de katholieke kerk vervreemdde hij veel mensen van zich die hij juist nodig had. Ook had hij de pers niet zo paranoïde moeten vervolgen. Dat liberalen en katholieken in België een monsterverbond sloten, had Willem I aan zichzelf te wijten."

Het beeld van een autoritair bestuurder klopt volgens Koch helemaal. Hij haatte de pers en kon oppositie tegen zijn plannen niet verdragen. "Hij had een houding van: als iedereen nou meehelpt, dan komen we er wel. Die medewerking moest wel in zijn straatje passen natuurlijk. Hij geloofde in een centraal bestuur en wilde alles onder controle hebben. Hij legde bijna de hele samenleving aan banden: onderwijs, godsdienst, pers, universiteiten."

De enige uitzondering op die bestuursstijl maakte hij voor het ondernemerschap. Grote ondernemers bewonderde hij en hij gaf hen alle ruimte. Zo identificeerde hij zich met magnaten als Anthony van Hoboken en William Cockerill. Hij zou eens hebben gezegd: 'Als ik geen koning Willem was, zou ik Van Hoboken willen zijn'. Die mensen konden bij hem altijd terecht voor leningen." Die sympathie had volgens Koch geen liberaal-ideologische achtergrond. "Ik zou hem eerder een utilitarist willen noemen. Het draaide bij hem om nut, nut en nog eens nut. Hij wilde de bloei van nuttige zelfstandige burgers stimuleren."

U ontdekte dat Willem I bij de hofdame van zijn vrouw vier kinderen heeft verwekt. Betekent dit dat we het beeld dat hij met zijn Mimi een gelukkig huwelijk had, overboord kunnen zetten?

"O nee, ook dat blijft waar. Willem was gek op haar, maar dat stond kennelijk een dubbelleven niet in de weg. Trouwens, niet uitgesloten is dat ook Mimi, zoals ze werd genoemd, een amant had. Zij werd in Berlijn, in de jaren van ballingschap, wel heel vaak gezien met een bepaalde meneer, Anton Radziwill. Zij hield van het hofleven met feesten en mooie kleding. Mimi had wat ruimere normen en waarden vanwege haar afkomst van een familie die het met de huwelijkse trouw niet zo nauw nam. Zij kende dat spel. Uit de brieven blijkt dat zij Willem soms een beetje plaagde door te schrijven over mooie mannen aan het Pruisische hof die ze had gezien. Op bevel van Wilhelmina van Pruisen zorgde Willem I later voor een fonds waarmee een van de buitenechtelijke kinderen werd onderhouden."

Hoe hebben Willem I en de hofdame, Julie von der Goltz een relatie gekregen?

"Volgens mijn reconstructie is die verhouding uitgerekend ontstaan na het tragische overlijden in 1806 van Pauline, de dochter van Willem I en Mimi. Mimi vertrok direct na het overlijden naar Berlijn en Willem I en Von der Goltz, die gouvernante van het meisje was, bleven in Freienwalde (in het noorden van Brandenburg) achter voor de begrafenis. Ik vermoed dat de twee in elkaars armen troost hebben gezocht."

Na het eerste dochtertje Wilhelmina verwekte Willem bij Julie nog twee jongens en een meisje, dat wederom de naam Wilhelmina kreeg, wat betekent dat de oudste inmiddels was overleden. Uiteindelijk overleefde alleen het jongste meisje. Waaraan de eerste drie kinderen zijn overleden, kon Koch niet achterhalen.

Na het overlijden van Mimi in 1837 kwam het leven van Willem I in een nieuwe fase terecht. Hij wilde graag hertrouwen, maar kon niet kiezen. Hij twijfelde hopeloos tussen Julie en Henriëtte d'Oultremont, een andere, jongere, hofdame. Uiteindelijk koos hij voor Henriëtte en dat werd een behoorlijk schandaal, niet in de laatste plaats doordat dit werd aangewakkerd door een campagne van zijn zoon, de aanstaande Willem II.

Henriëtte kwam uit Maastricht en was katholiek. Voor het huwelijk met Willem I had zij toestemming nodig van uitgerekend de paus. "Dan moet er dus onderhandeld worden met Rome. Die correspondentie is hilarisch om te lezen. Hoewel het niet helemaal de waarheid is, kon ik het niet laten om in het boek te reppen van een 'boterbriefje van de paus'."

Jeroen Koch: Koning Willem I. 1772-1843. Uitgeverij Boom. euro 39,90

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden