Opinie

Stug doorwerken aan een hopeloze, onmogelijke klus

Wanneer is een leven geslaagd? De schilder en beeldhouwer Alberto Giacometti zat op een septembermiddag in 1965 weer eens in zijn vaste café in Parijs, wreef in zijn handen en zei dat hij een ellendig wezen was.

Hij keek ondertussen naar de neus en de hals van zijn vriend James Lord, die elke dag voor Giacometti poseerde. Die vriend hoefde niet te vragen waarom de schilder zich ellendig voelde. Giacometti had het gevoel dat hij in een hel leefde, omdat hij met een onmogelijke klus bezig was. Hij probeerde op een plat vlak een afbeelding te maken van iets wat ruimte in beslag nam. Iedere penseelstreek peperde hem in dat hij iets deed wat gewoonweg niet kon. Het schilderen van het portret van James Lord bleek een eindeloze kwelling. De Amerikaanse schrijver Lord had gedacht dat hij niet meer dan een dag of wat zou hoeven te poseren, maar hij zat week in week uit op een krukje in het atelier en hoorde de schilder foeteren en zichzelf beklagen. Iedere keer weer veegde Giacometti alles weg wat hij op het doek had aangebracht, om op de verse grijze vlekken opnieuw te proberen, het gezicht van James Lord op een plat vlak weer te geven.

Elke dag maakte de schrijver aantekeningen van de kwelling die het schilderen voor Giacometti betekende, en van het gevoel van onbeholpenheid, mislukking, enorm tekort te schieten, waarmee de schilder elke dag weer aan de slag ging. Giacometti was toen 65 en een gevierd kunstenaar, met internationale exposities en volop erkenning. Die aantekeningen van Lord tijdens het poseren zijn als boekje uitgebracht. Ik heb de Nederlandse vertaling uit 1987 weer eens uit de kast gehaald en ondanks dat ik het vaker gelezen heb, treft me nu weer hoe ver Giacometti erin gaat om de onzekerheid, de twijfel en het gevoel van fundamenteel tekortschieten toe te laten. Dat hopeloze van de hele onderneming wordt nog versterkt doordat er geen einde komt aan de poseersessies. Keer op keer moet James Lord de vliegmaatschappij bellen om zijn terugvlucht naar New York uit te stellen. Net lijkt het wat te worden met het portret, of Giacometti pakt zijn breedste penseel en vaagt alles wat hij gemaakt heeft uit, onder gemompel dat het erg slecht gaat en dat hij er niets van kan.

Wat een verschil met de boodschap die we elkaar tegenwoordig meegeven. We krijgen het zelfvertrouwen met liters ingepompt. Weet wat je waard bent, wees overtuigd van je eigen kunnen, laat je niet uit het veld slaan. Zekerheid en zelfverzekerdheid als basis van al het handelen. En daarnaast afspraken maken: dan en dan is het af. De fundamentele twijfel aan zichzelf lijkt bij Giacometti juist een voorwaarde voor de kwaliteit van zijn werk. Zelfs het meest vanzelfsprekende van het schilderen, het vertalen van een ruimtelijke werkelijkheid naar het platte vlak van het doek, had voor hem ook na tientallen jaren niets vanzelfsprekends, maar werd een steeds grotere hindernis bij het verwezenlijken van zijn ideaal. Ondanks die twijfel werkte de 65-jarige elke dag aan het portret. Het gevoel van onvolkomenheid tastte zijn discipline niet aan. Uit het verslag van James Lord van zijn poseersessies blijkt tussen de regels door dat Giacometti diep in zijn hart wel wist wat hij waard was. Misschien wist hij dat zelfvertrouwen het werken wel makkelijk maakt, maar dat zelfingenomenheid alles weer zou verpesten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden