Strips ter lering en vermaak

Strips schurken steeds meer tegen de literatuur aan. En staan voor dezelfde vragen over de toekomst. En dezelfde antwoorden: 'Er komen digitale stripboeken, maar het papieren stripboek zal altijd blijven bestaan.'

De stift van de striptekenaar krast razendsnel over het papier. De tekenaar kijkt je aan, tekent, kijkt weer op en tekent. Iedereen die het Haarlemse poppodium Het Patronaat binnenkomt, wordt zo binnen een minuut teruggebracht - of verheven - tot een cartoonesk figuur op een sticker.

We zijn op de elfde editie van de Haarlemse Stripdagen aanbeland op de Creatieve Marktplaats, een bijeenkomst over de toekomst van de strip en over hoe striptekenaars en ondernemers elkaar kunnen vinden. Spreker Eelco Kraefft weet alleen van dat laatste iets af. Als web-ondernemer zoekt hij naar manieren voor bedrijven om hun boodschap in beelden naar buiten te brengen. "Als je bedenkt dat er op Youtube 100 uur videobeeld per minuut bijkomt en dat we onze Facebookpagina gemiddeld 90 keer per maand updaten, dan moeten er voor striptekenaars toch kansen zijn", betoogt hij aan het publiek, waaronder verschillende tekenaars.

De taak van de striptekenaar hoeft niet eens louter commercieel te zijn. Die kan ook functioneel zijn. Waarom zou een illustrator bijvoorbeeld geen gebruiksaanwijzingen kunnen ontwerpen? Kraefft laat een voorbeeld zien op het witte doek: "Hoe hang je een airconditioner op? Heel eenvoudig. Met behulp van een strip."

Vervolgens toont Kraefft een pratende vrouw op een congres over arbeidsongeschiktheid. Geen spannend item, inderdaad, en ook nogal zwaar, maar de oplossing is dichtbij. De striptekenaar. "Dat zijn jullie dus. En jullie kunnen als geen ander zware onderwerpen relativeren."

Iemand in de zaal geïnteresseerd geraakt? Na afloop melden bij Kraefft.

Nieuwe kansen voor de strip liggen niet alleen in de hoek van de bedrijfspresentaties. Volgens Remco Vlaanderen, redacteur en 'producent creatief' bij Submarine Channel - een culturele stichting die zoekt naar nieuwe vormen van verhalen vertellen - vraagt het publiek om e-books en apps. "En dat heeft heel veel voordelen. Strips worden zo goedkoper om uit te brengen - want geen druk- en distributiekosten - en er is veel meer kans op jong talent, dat nu eenmaal veel computerervaring heeft en graag met zulke toepassingen speelt. Doordat je het aantal downloads van stripapps kunt meten, weet je ook of wat je doet werkt."

De lezer wordt er volgens Vlaanderen eveneens blij van, omdat er animatie en geluid aan die digitale strips wordt toegevoegd. "Je moet dan denken aan minigames als onderdeel van de strip. Zo word je als lezer actief betrokken in het verhaal."

Lang geen nieuw verschijnsel overigens, deze motion comics: Al in 2001 maakte Submarine Channel 'The Killer', zo ongeveer de eerste bewegende strip ooit. Vlaanderen toont het publiek verschillende voorbeelden van deze videostripboeken. Getekende webdocumentaires zouden ook nog wel eens de toekomst van de strip kunnen kleuren, verwacht hij.

Betekent deze opwindende vernieuwingen ook meteen het afscheid van het papieren stripboek? Welnee, zegt Joost Pollmann, creatief directeur van de Haarlemse Stripdagen. "Daar geloof ik niet in. Het is fantastisch dat je nu kunt in- en uitzoomen op tekeningen via de techniek, dat maakt strips minder statisch. En hier in De Toneelschuur hangt een tentoonstelling met werken die compleet digitaal zijn aangeleverd. Dus het aura van het kunstwerk verandert, maar het papieren stripboek blijft er gewoon naast bestaan. Het beroep als intieme kunstvorm blijft ook hetzelfde: alleen op je kamertje een beetje pielen met een pennetje."

Pollmann is sowieso optimistisch over de stripsector. Vooral over de hoeveelheid talent. "Er is een flinke aanwas van jonge tekenaars in Nederland. Denk maar eens aan Jasper Rietman en Tim Enthoven. Ze zijn beter opgeleid dan ooit, waardoor de scheiding tussen het klassieke stripboek en de moderne graphic novel kleiner is geworden. Er zijn veel titels in kleine oplages. De strip zit nu tegen de literatuur aan."

Dat is tegelijkertijd een ontwikkeling waar een zeker gevaar in schuilt, vindt striptekenaar Stephan Timmers (27), die zijn brood volledig met zijn tekenen verdient. Prachtig, al die graphic novels, stelt hij. "Maar strips worden steeds meer het kunstwereldje binnen getrokken. Daarmee verliezen we aan toegankelijkheid en maken we onze wereld kleiner."

En ouder.

De gemiddelde bezoeker van de stripdagen is al snel veertigplus. Timmers: "Ik zie nauwelijks kinderen op stripbeurzen. De strip is toch juist iets van hen? Lekker lezen, lekker lachen. Dat mag wel terugkomen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden