'Strijdvaardig, maar ik ben niet dapper'

Ze vliegen als warme broodjes over de toonbank, de cd's van Aafje Heynis. Maar zelf beluistert de alt haar muziek al jaren niet meer. ,,Het appelleert aan vroeger, aan mijn jeugd. Ik zie mijn hele leven aan mij voorbijtrekken. Ik kom heel fijne dingen tegen, maar het is té emotioneel. Ik huil veel en het houdt maar niet op.''

Sytske van Aalsum

Aafje Heynis (75) is in. De 'Stem van de ziel' staat met stip op nummer 10 van de Mega Top-100. Koud lag de cd 'Dank sei Dir, Herr' in de platenwinkel, of ze kreeg er al een gouden plaat voor. En platina zit er aan te komen, juicht de platenmaatschappij. Eind april ontving ze ook al goud voor haar Bach/Brahms/Handel-plaat. ,,Een hype zegt u? Noemen ze dat zo? En wat ik ervan vind? Ik ben overdonderd!''

Aafje Heynis is een beetje van slag. Al die aandacht, al die telefoontjes, al die brieven. Cadeautjes ook. Van haar publiek. Een vrouw stuurde voor haar verjaardag, op 2 mei, een ring met vier briljanten. Ze weet er niet zo goed raad mee. Natuurlijk, de ontroering is daar. Maar díe maakt nou juist dat ze op dit moment 'erg gevoelig' is. ,,Dan bellen ze me op en zeggen ze dat ik de cultuurprijs van de Zaanstreek krijg. En dan huil ik.''

De Zaanstreek. ,,Ik ben een Zaanse. Dáár hoor ik thuis. Ik heb het hier in Blaricum erg naar mijn zin, hoor, maar ik weet nu wat het is om ergens je wortels te hebben. Die liggen daar. Ik ben er geboren en mijn ouders liggen er begraven. Opgegroeid aan de Zaan. We zijn wel dertien keer verhuisd, maar altijd woonden we aan de Zaan.''

Haar ouders. Vader was buschauffeur. Had graag aan het toneel gewild, maar ja, hoe ging dat in die dagen. Als je niet tot de hogere sociale klasse behoorde, maakte je geen kans. Moeder was huisvrouw. Mentaal niet al te sterk.

Aafje Heynis: ,,Ze is altijd bang geweest. Voor wat de mensen zouden zeggen. Ze was apetrots op mij, maar ze is in haar hele leven maar één keer naar een concert van mij geweest. Ze voelde zich niet thuis in die wereld. Dacht dat iedereen naar haar zou kijken. Ik heb daar iets van meegekregen. Van dat niet dúrven. Ik had die schroom ook. Maar op het podium was het over. Dan voelde ik een bescherming om me heen. Voor mij was dat God.''

Aafje Heynis gelooft in beschermengelen. Sterker, die hebben er ooit voor gezorgd dat ze zanglessen kon volgen. De hervormde dominee Cannegieter mobiliseerde destijds fabrikanten in de Zaanstreek. ,,Die steunden mij. Ik kreeg geld voor mijn lessen en voor kleding.'' Aafje Heynis heeft nog voorgezongen bij Jo Vincent. ,,Maar die had geen tijd en zo kwam ik bij Aaltje Noordewier. Ze heeft me in twee jaar tijd alles geleerd.''

Na haar plotselinge overlijden liet Noordewier een fonds na. Ze had bepaald dat Aafje Heynis gesteund moest worden. Kennelijk voorzag de zangpedagoge dat haar leerling een heel grote zou worden. En dat werd ze. In het begin vooral als oratoriumzangeres, later waagde ze zich onder onder anderen Eduard van Beinum en Bernard Haitink ook aan haar geliefde Mahler, Brahms, Monteverdi, Beethoven en Schubert. Van het stempel 'evangelisatie-zangeres' moet ze niks hebben. Toch wordt ze vaak in die hoek gedrukt, en 'Dank sei Dir, Herr' draagt daar in feite aan bij. ,,Ik zong geen opera, maar wel oratorium. Daar kwam het door'', verklaarde ze zelf in de tv-documentaire 'De Stem van de ziel' uit 1995, die onlangs werd herhaald en ongetwijfeld heeft bijgedragen aan de run op Aafje Heynis.

Dat haar oude werk kennelijk ook een nieuw, jonger publiek aanspreekt, treft Aafje Heynis als 'een donderslag bij heldere hemel'. ,,Het grijpt me aan. Al die brieven. Ik zal alles beantwoorden, maar wilt u opschrijven dat ik daar nog niet aan toegekomen ben?'' Helene Nolthenius schreef ooit: 'Aafje Heynis is de alt van de toekomst'. Aafje Heynis anno 1999: ,,De toekomst? Die moet nog beginnen!''

Toch stapte ze in 1983 van het podium. Haar man, een advocaat, was ernstig ziek. ,,We hadden dertien jaar lang een heel gelukkig huwelijk. Maar toen werd hij ziek. Op een avond zou ik in Zaandam een lied zingen. Ineens dacht ik: waarom doe ik dit? Toen ik weer buiten was, zei ik tegen mijn man: 'Het is over'. En zo was het. Ik ben begonnen in Zaandam en geëindigd in Zaandam.''

Ze stortte zich op een nieuwe passie: ze ging lesgeven. Honderden zangers en zangeressen heeft ze opgeleid, onder wie de sopraan Charlotte Margiono, die een goede vriendin is geworden. Aafje Heynis geeft nog steeds les aan huis. Ze beleeft haar leerlingen, jaarlijks zo'n twintig, heel intens.

,,Ik voel een behoefte aan bescherming. Een soort moederlijk gevoel - ik ben zelf geen moeder - als ze eigenzinnig zijn of juist niet durven. De essentie van lesgeven is: er zit een mens aan vast. Bij het zingen moet je je binnenste blootleggen. Er zit geen instrument tussen jou en de anderen. Een mooie zangstem is materiaal dat je gekregen hebt, van God denk ík, maar je moet de anderen bereiken. Je kunt trouwens niet van iedereen les krijgen en je kunt ook niet iedereen lesgeven. Soms moet je zeggen: 'Je kunt beter naar iemand anders gaan'. Dat heb ik weleens gedaan, ja.''

Na de dood van haar man begon Aafje Heynis, van huis uit hervormd, een geestelijke zoektocht. ,,Ik was helemaal doorgeslagen, moest tot rust komen. Ik heb in veel kerken gezocht. Bij de gereformeerden, bij de hervormden, bij de soefi's. Maar ik kon het niet vinden.''

Totdat de welluidende klokken van de katholieke kerk in Laren haar op een middag binnenriepen. Ze volgde in de kapel een eucharistieviering en stond, net als de anderen, op toen de pastoor de hostie uitdeelde. ,,Ik zei nog tegen hem: 'Ik ben niet katholiek'. Maar hij gaf me er toch een. Toen ik terugkwam in de bank, bewoog mijn onderrug zich naar voren en werd gloeiend heet.'' Ze wist het zeker: een teken. Ze had gevonden wat ze zocht.

Een paar jaar geleden stapte ze definitief over naar de rooms-katholieke kerk. ,,Aanbidding vind ik zo prachtig. Je knielt, je ziet Jezus, Maria, je slaat een kruis, bidt, en het koor zingt. 'Wij' protestanten kletsen te veel.'' Maar er is ook een minpuntje. Ze noemt het een regelrechte 'misser': ,,We krijgen wel de hostie, maar niet de wijn. Dat kan toch niet! Het bloed van Christus!''

,,Ik heb het er met de pastoor over gehad. Die zegt dan: 'Het kan niet, omdat mensen elkaar kunnen besmetten.' Of ze zeggen dat de mis te lang duurt als iedereen wijn drinkt. Maar een complete mis is voor mij mét hostie en mét wijn. Desnoods dopen ze het ouweltje even in de wijn.'' Een principiële zaak. Misschien wijkt ze wel uit naar protestanten in Blaricum, want daar schenken ze tegenwoordig wél wijn. Breed lachend: ,,Ik ben een opstandeling!''

Dan, op de haar zo eigen, serieuze toon: ,,Strijdvaardig ben ik mijn hele leven geweest.'' Even later, wanneer een vriendin haar uitnodigt asperges te komen eten, is ze zichtbaar ontroerd. ,,Vrienden dragen je. Zonder hen zou ik niet kunnen bestaan. Ik ben niet dapper.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden