Straatarm, zielsgelukkig

'Onweerstaanbare kroniek van de vroege artistieke vriendschap tussen zangeres Patti Smith en fotograaf Robert Mapplethorpe'

Toen de twintigjarige beatnik Patti Smith naar New York vertrok met 'Illuminations' van de Franse dichter Rimbaud op zak, werd ze meteen verliefd op een mooie, met hippiekralen behangen jongen. Later zou zij een rockster worden, en hij een taboetartende fotograaf die het homoseksuele mannenlichaam esthetiseerde. Maar in de zomer van 1967 zat Robert Mapplethorpe nog op de kunstacademie en droomde Patti, die haar studie aan de lerarenopleiding had afgebroken, ervan om dichter te worden.

Twee straatarme schoonheidszoekers trekken naar de grote stad om samen te leven voor hun roeping. 'Just kids' van Patti Smith, is niet zozeer een rock memoir als wel een onweerstaanbaar romantische kroniek van een artistieke verbintenis. Het boek werd in Amerika zowel een bestseller als een literair succes (het werd bekroond met de National Book Award) en dat is geen wonder. Smith weet alle rock- en kunstcynisme te omzeilen, om het verhaal te vertellen van twee vrienden die leefden voor de kunst.

Ze werden afzonderlijk beroemd, niet samen. Patti Smith (1946) bracht haar eerste album 'Horses' uit in 1975. Deze en haar drie daaropvolgende platen waren van zeer grote invloed, niet zozeer om de muziek als wel vanwege haar persoonlijkheid en haar teksten. "Outside of society, that's where I want to be", zong ze. Ze trad op in gescheurde T-shirts en had een wilde, bijna sjamanistische uitstraling. In 1979 stopte ze abrupt met optreden en ging in Detroit wonen met gitarist Fred 'Sonic' Smith, met wie ze twee kinderen kreeg. Na zijn plotselinge dood in 1994 begon ze langzaam weer met optreden.

Robert Mapplethorpe (1946-1989) staat vooral bekend om zijn gestileerde, zwart-witte naakten en zijn expliciete foto's van de gay sm-scene. In zijn zelfportretten speelt hij met homo-iconografie, en beeldt zichzelf af als matroos, leernicht of als mooie androgyn. Vlak na zijn dood werden zijn foto's vanwege vermeende obsceniteit het middelpunt van een politieke rel.

Maar toen Mapplethorpe en Smith bij elkaar introkken, waren ze zo arm dat ze vaak niet eens fatsoenlijk te eten hadden. Als ze op Coney Island een hotdog kochten, at hij de hotdog en zij de zuurkool. Er speelden ook andere zaken. Smith treurde om de baby die ze vlak daarvoor had afgestaan ter adoptie. (Om het goed te maken zweert ze bij Jeanne d'Arc en haar pasgeboren kind dat ze 'iets van zichzelf zal maken'.) En Mapplethorpe was homo, hoewel hij dat voor zichzelf nog niet had toegegeven.

Maar Smith schrijft: "Het is onvoorstelbaar hoe gelukkig we waren wanneer we samen zaten te tekenen. We konden er urenlang in opgaan. Zijn vermogen om zich lange tijd te concentreren was aanstekelijk en ik leerde van zijn voorbeeld terwijl we zij aan zij werkten."

Mapplethorpe hield van Smiths dromerigheid, jongensachtigheid en belezenheid, precies de dingen waardoor mensen haar vroeger, tijdens haar jeugd in het zuiden van New Jersey, met de nek hadden aangekeken. Ze mocht haar gedichten altijd als eerste op hem uitproberen, en hij moedigde haar aan om ze voor te lezen aan een publiek - het begin van haar podiumcarrière. Onder kunstenaars komt het nog steeds zelden voor dat een vrouw een mannelijke partner vindt die haar erkent als zijn gelijke. Het ontroert en heeft iets magisch om te zien hoe ze elkaars creatieve gaven naar boven halen. Smith schrijft: "Ik besefte dat ik op een dag zou blijven staan en dat hij door zou lopen, maar tot die dag kon niets ons scheiden."

Toen de twee in 1969 hun intrek namen in het Chelsea Hotel, het centrum van de New Yorkse alternatieve kunstscene, waren ze nog een stel, hoewel ze tegen die tijd beiden al wisten van Mapplethorpes geaardheid. In het Chelsea leerde Smith allerlei schrijvers en artiesten kennen, van Janis Joplin tot William Burroughs. De beatpoet Allen Ginsberg zag haar aan voor een knappe jongen en probeerde haar te versieren. Tot haar vele minnaars, vrienden en geestverwanten behoorden bekende musici, obscure dichters, en toneelschrijver Sam Shepard.

Zij en Mapplethorpe gebruikten seks om carrière te maken, maar dat deed iedereen, in een subcultuur waarin uiterlijk, affaires, talent en artistieke persona onlosmakelijk met elkaar verbonden waren. Haar optredens en zijn zelfportretten belichaamden beide nieuwe en spannende houdingen: zij een vrouwelijke Keith Richards in een mannenoverhemd en met ongekamde haren, hij een homo vol artistiek machismo. De vele foto's in 'Just kids' laten zien hoe adembenemend fotogeniek ze allebei waren.

Smith's boek eindigt in 1975, toen haar carrière net van de grond kwam en Mapplethorpe, nu niet meer haar minnaar maar nog steeds een goede vriend, de beroemde hoesfoto voor 'Horses' maakte. Later scheidden hun wegen. "Roberts verdere uitstapjes in de sm-wereld waren soms verbijsterend en angstaanjagend voor mij," schrijft ze. De bruutheid van zijn sm-foto's kon ze moeilijk begrijpen. Een epiloog brengt hen nog even bij elkaar, vlak voordat Mapplethorpe, 42 jaar oud, overlijdt aan aids.

Smith heeft eens in een interview gezegd dat je de essentie van haar vriend niet moet zoeken in het met seks doordrenkte leven waarin hij terecht was gekomen, maar in zijn artistieke roeping: "Wat betekent het om een geroepene te zijn? Wat voor leven heeft een geroepene?" Deze vragen heeft ze willen beantwoorden, en daarin is ze voortreffelijk geslaagd, de soms haperende vertaling ten spijt. 'Just kids' biedt zicht op een weemoedige Patti Smith, een scherpzinnige chroniqueur en dichteres - aantrekkelijker dan ooit.

Patti Smith: Just kids. (Just Kids) Vert. Kathleen Rutten. De Geus, Breda; 350 blz. €19,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden