Stokvis, de Noorse champagne, krijgt beschermde status

Noren vieren toekenning van de Europese 'titel' in Italië, een van de grote afnemers van hun kabeljauw

De een ruikt lekkerder dan de ander, maar 'Stokvis van de Lofoten' krijgt dezelfde Europese bescherming als champagne. Anders dan de bubbeltjeswijn overstijgt die gedroogde vis het belang van een streek. Stokvis vormt het fundament onder een staat: Noorwegen.

De status van Beschermde Geografische Aanduiding wordt 27 september door de EU bekrachtigd in het Italiaanse Sandrigo. Dat ligt duizenden kilometers van de Noorse archipel, maar de Noren vinden het wel gepast het feestje daar te vieren. Italië is, met Nigeria, de grootste afnemer van stokvis. Bovendien vindt daar dan het Stokvisfestival plaats.

Al eeuwen zwemmen iedere winter grote hoeveelheden kabeljauw van de Barentszzee naar de Lofoten om zich voort te planten. De vangsten zijn enorm en het klimaat op de eilanden, gelegen boven de poolcirkel, is perfect om vis te drogen. De Vikingen deden dat al. Stokvis, inderdaad zo hard als een plank, stelde hen in staat lange reizen te ondernemen. Een gedroogde vis blijft jaren goed en is rijk aan gezonde voedingstoffen.

Ook de handel in stokvis was enorm. Eeuwenlang, tussen 1100 en 1800, was gedroogde vis goed voor 80 procent van de totale exportwaarde van Noorwegen.

"Het spreekt voor zich", zegt schrijver Frank A. Jenssen van het boek 'Kabeljauw, de vis die Noorwegen schiep', "dat zonder die inkomsten Noorwegen niet tot een volwaardige natie uitgebouwd had kunnen worden."

Koningshuizen, de katholieke kerk en het Duitse Hanzeverbond verdienden kapitalen met de handel. Dankzij de stokvis verrees de imposante Nidaroskathedraal in Trondheim, ver van de Lofoten, en werd het nu monumentale Bergen uitgebouwd tot een van de belangrijkste handelssteden van Noord-Europa. Weer later vergaarden families die vissersdorpjes op de Lofoten (uit)bouwden er vermogens mee. Het droeg allemaal bij aan de ontwikkeling van de Noorse samenleving, ondanks dat de vissers zelf tot begin vorig eeuw maar een armetierig bestaan hadden.

Het steekt Jenssen en journalist Bjørn Tore Pedersen, schrijver van het boek 'De Lofoten-visserij', dat er zo weinig erkenning is in Noorwegen voor wat stokvis voor het land heeft betekend. Pedersen: "Over het nationale belang van stokvis vind je amper iets terug in schoolboeken."

Jenssen: "In nationale musea vind je van alles over traditionele klederdrachten en landbouw, over ontdekkingsreizigers zoals Amundsen, maar vrijwel niets over kabeljauw en stokvis."

Mogelijk verklaart de grote fysieke afstand tussen de bestuurlijke macht in het zuiden en de rijke visvelden in het noorden dat gebrek aan waardering, denken de twee. Bovendien is het tegenwoordig olie dat de klok slaat; visserij is op de tweede plaats gekomen.

Ook bij de Lofoten is olie gevonden. Het zijn slechts kleine politieke partijtjes, van links tot rechts, die zich verzetten tegen oliewinning aldaar. De laatste jaren waren die dreumesen nodig om meerderheidsregeringen te vormen en kregen ze hun zin. Dat kan na volgende verkiezingen anders zijn.

"Politici en oliemaatschappijen", zegt Pedersen, "willen veel winst op korte termijn. Maar de visgronden rond de Lofoten zijn zeldzaam rijk. Zeebiologen raden ten zeerste af die op het spel te zetten door naar olie te boren." "Als straks de olie op is en we hebben de vis verloren, wat heeft Noorwegen dan nog?", vraagt Jenssen. "Met vis kunnen we nog eeuwen vooruit, met olie niet. Daarom is er ook veel verzet. De beschermde status die de EU stokvis van de Lofoten nu geeft, helpt daar hopelijk een beetje bij. Maar de verleiding van olie is groot en de waadering voor vis klein."

De verse kabeljauw mag er ook zijn

Kabeljauw hangt op de Lofoten van februari tot juni aan droogrekken. Door het milde klimaat is het niet zo koud dat het visvlees bevriest en later in het seizoen niet zo warm dat het rot. Gedroogde vis heeft nog maar 20 procent van het gewicht van een verse, maar alle voedingsstoffen zijn nog aanwezig. Als stokvis een week in water heeft gelegen, heeft die bijna het oorspronkelijke gewicht terug en kan bereid worden. Deze winter voor het eerst is op de Lofoten meer verse vis geproduceerd dan gedroogde. De vraag naar verse winterkabeljauw, ook wel 'skrei' genoemd, groeit in Europa.

Producten met een beschermde status

De Beschermde Geografische Aanduiding (BGA) wordt door de Europese Commissie verleend aan landbouwproducten en levensmiddelen die geproduceerd en/of verwerkt en/of bereid zijn in een bepaald geografisch gebied.

Het gaat om producten die een bepaalde faam genieten en die volgens lokale methoden binnen een afgebakend geografisch gebied worden bereid.

Nederlandse producten met een Beschermde Geografische Aanduiding zijn: Westlandse druif, Gouda Holland, Edam Holland, en Hollandse Geitenkaas.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden