Stille getuigen van het zwarte verhaal

museum vol details | Voor het eerst is in de Verenigde Staten een plaats waar het hele verhaal wordt verteld van de zwarte bevolking: het National Museum of African American History and Culture.

Er is een nieuwe kleur verschenen op de National Mall in Washington. Tussen de vele grijze, vaak neoklassieke musea die daar de geschiedenis en de prestaties van Amerika uitstallen, staat nu een bronskleurig gebouw dat eerder op een fort lijkt dan op een tempel. Trots rijst het omhoog in drie schuin ingesneden verdiepingen, met een in filigrein uitgevoerde gevel.

Daarbinnen vind je ook trots, maar niet op heel Amerika, en prestaties, maar niet van alle Amerikanen. Met de opening, afgelopen weekeinde, van het National Museum of African American History and Culture is er voor het eerst een plaats in de VS waar het hele verhaal wordt verteld van de zwarte bevolkingsgroep.

Maar niet alleen zíj moeten het museum bezoeken, benadrukte president Barack Obama bij de opening zaterdag. Dit verhaal gaat volgens hem het hele land aan. "Het bindt ons. Het herbevestigt dat we allemaal Amerikanen zijn."

Slavenschip Vergulde Zon

En wereldburgers. Want ook als Nederlander krijg je te horen dat je deel hebt aan het verhaal. Dat begint op de laagste verdieping, waar wordt verteld hoe de eerste zwarte mensen naar Amerika kwamen. Voorwerpen en teksten brengen hun onvoorstelbare situatie dicht bij je.

De boeien waarmee in Afrika gevangen slaven het vluchten werd belet, maar ook een korte levensloop van Ayuba Suleiman Diallo, die eerst slavenhandelaar in Afrika was, en daarna slaaf in Amerika. Om die informatie heen, als ornament bijna, staat een vlakvullende serie woorden waarin ook Nederlands voorkomt: Vergulde Zon, 2 januari 1703, 513/379. Dat goede schip laadde dus 513 slaven en kon er aan de overkant 379 levend afleveren. Deprimerend, maar ook interessant.

Wie wist dat pas door de slavenhandel het idee van 'zwarten', en daarmee ook van 'blanken', scherpe contouren kreeg? Eerst kon iedereen slaaf zijn, maar in Amerika gingen ze het scherper zien: blanke mensen konden nooit eigendom van een ander zijn, zwarte wel. Huidskleur was voortaan lotsbestemming.

Na de beklemmend donkere gangen van die vroege geschiedenis beland je opeens in een lichte, hoge ruimte met een enorme inscriptie. Amerika heeft zich onafhankelijk verklaard, met de prachtige woorden 'Wij houden deze waarheden voor vanzelfsprekend, dat alle mensen gelijk geschapen zijn, dat ze door hun Schepper zijn begiftigd met zekere onvervreemdbare rechten'. Er staat een enorm standbeeld van de man achter die woorden, Thomas Jefferson. Maar de schone schijn zal nog lang bedriegen: rondom Jefferson staan bakstenen, gegraveerd met de namen van zijn slaven.

Dat is het ritme van dit museum: het grote verhaal dat je wel ongeveer kent, en de kleine details waardoor het ook gaat leven. Een stenen schavot waarop slaven stonden terwijl ze bij opbod werden verkocht. Een factuur voor levering voor 1100 dollar van 'een negerman, Robin, met zijn vrouw, Mary en zijn dochter, Esther, inclusief de toekomstige vermeerdering van voornoemde Mary en Esther'. De 'zak van Ashley', gemaakt door ene Rose voor haar dochter toen die werd verkocht en - zoals ze haar zei - 'volgestopt met haar liefde'. Het verhaal werd doorgegeven, Ashleys kleindochter legde het vast op de zak in geborduurde letters. Nu ligt hij in het museum, een geschenk van de familie.

Dat geldt voor bijna de hele collectie van het museum. Toen de bouw begon, bezat het nog niets, nu heeft het tienduizenden objecten, bijna allemaal generaties lang in eigen huis gekoesterd door zwart Amerika. Een verdieping hoger zijn het stille getuigen van de strijd om burgerrechten, en ook dan zijn het weer de kleine details die het mooist zijn. Meer dan door een jurk van Rosa Parks, die bleef zitten in de bus, word je geraakt door een hoedespeld, gedragen door een vrouw tijdens een demonstratie. Dat stond niet alleen keurig, maar je kon je er ook mee verdedigen.

Het wordt hoopvoller naarmate je hoger komt: Martin Luther King, Oprah, de Obama's. Echt vrolijk wordt het pas op de bovengrondse verdiepingen: daar, in het volle licht, mag je genieten van wat de zwarte bevolkingsgroep Amerika heeft geschonken. De badjas van Muhammad Ali, de Cadillac van Chuck Berry, de doktersjas van Ben Carson, de hoed van Michael Jackson. Gangen vol prestaties, pracht, plezier, vrijheid. Waarbij de strijd toch nooit ver weg is: de eerste zwarte profhonkballer, de eerste zwarte verslaggever bij een krant in Tennessee, die olympische atleten in Mexico in brons, de vuisten gebald.

Stroppen

Een zaal verderop krijg je respijt van al die erfstukken: daar staat en hangt beeldende kunst, nieuwe dingen gemaakt door zwarte kunstenaars. Voor wie de scherpe kanten van de geschiedenis toch ook ver weg zijn. De schilderijen van Archibald Motley, van uitbundige negers met dikke lippen, vinden juist zwarte toeschouwers soms te ver gaan, die herinneren hen aan de karikaturen van een paar verdiepingen lager. Omgekeerd zie je in eerste instantie niets zwarts aan een knoedel verstarde stropdassen - tot je leest dat die verwijzen naar de stroppen die er nog helemaal niet zo lang geleden in zuidelijke streken aan te pas kwamen om zwarte Amerikanen collectief hun plaats te wijzen. Voor wie er tegen kan, zijn daar in het museum foto's van te zien, en de originele doodskist van het in 1955 vermoorde jochie Emmett Till (14).

Dat nu maar onderhand eens vergeten, is te veel gevraagd van de zwarte Amerikanen, en niet toegestaan voor alle andere. Dat is de boodschap van het bruine fort op de Mall. In de woorden van congreslid John Lewis, ooit een metgezel van Martin Luther King en een van degenen die ervoor zorgden dat het museum er kwam: "De smerigheid vertellen, maar zonder woede en zonder excuses".

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden