Stijfjes, soms hard, maar altijd eerlijk

De Tweede Kamer behandelt in januari de laatste twee begrotingen van de ministeries. Trouw geeft een voorbeschouwing en stelt de bewindslieden voor. Vandaag: Economische Zaken.

Het cement van het kabinet-Rutte II. Dat is Henk Kamp. Hij is sinds kort minister van economische zaken, maar eigenlijk maakt het niet zoveel uit op welk departement hij de scepter zwaait. Kamp is inmiddels politiek zo bekwaam dat hij zich tijdens de wekelijkse ministerraad naar het schijnt overal mee bemoeit.

Hij heeft dan ook op bijna alle terreinen ervaring opgedaan. In de tijd dat de SP'ers Jan de Wit en Harry van Bommel - de langstzittende Kamerleden op dit moment - nog medewerkers waren bij de SP-fractie, trad Henk Kamp al tot het parlement toe. Als 42-jarige kwam hij de Kamer in, voor de VVD waar hij al twintig jaar lid van was.

Lid worden van een politieke partij was voor hem even logisch als naar school gaan, een baan zoeken en trouwen, zegt hij zelf. Hij was opgegroeid in een KVP-gezin, zat op een katholieke kostschool (waar hij oud-SP-leider Jan Marijnissen als klasgenoot had), was lid van de katholieke verkenners onthulde hij onlangs, maar koos op jonge leeftijd toch voor de liberalen vanwege de dreiging van het communisme.

Zijn stijve houding werd in het begin van zijn politieke loopbaan als een minpuntje gezien waaraan gewerkt zou moeten worden. Al snel werd het zijn handelsmerk waaraan bijna alleen maar positieve associaties worden opgehangen. Kamp wordt door vriend en vijand geprezen: hij is recht door zee, doet niet aan politieke spelletjes, en raakt nergens door van slag.

Het is zelfs de rustige houding van deze bewindspersoon waardoor anderen die met hem in discussie gaan al snel enigszins overspannen overkomen. Zeker in het asiel- en immigratiedebat waar hij in de jaren negentig als Kamerlid het woord over voerde, wekte zijn rechtlijnige optreden frustratie op bij zijn opponenten.

In 1997 presenteerde de in Overijssel geboren Gelderlander met zijn partijgenoot Jan Rijpstra de nota 'Immigratie en integratie' met daarin standpunten die nogal afweken van de toenmalige coalitiegenoten D66 en PvdA. Kamp en Rijpstra concludeerden dat de integratie van een deel van de migranten te wensen over liet. De integratie moest meer gericht zijn op 'aanpassing aan onze samenleving' oftewel aan de Nederlandse cultuur. Kamp voegde er tijdens het debat erover nog aan toe: "Wie liegt en bedriegt, is geen echte vluchteling en moet het land uit."

Harde taal voor die tijd. De voormalig fiscaal rechercheur bij de fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst en wethouder in Borculo verwierf er in korte tijd een hard conservatief imago mee. Zelf zei hij daarover in het Algemeen Dagblad: "Ik ben niet rechts. Dat begrip associeer ik met generaalsbewinden en extremisme. Ik ben liberaal."

Toen Kamp in 2002 minister werd in het eerste kabinet-Balkenende, lag het voor de hand dat hij immigratie wilde doen. Het werd Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu (Vrom). Na één jaar, in het tweede kabinet-Balkenende, werd het defensie, en dat deed hij met verve. Hij werd door de militairen op handen gedragen.

Zijn opvolger Eimert van Middelkoop (ChristenUnie) noemde Kamp een echte 'soldatenminister'. Waar hij als woordvoerder immigratie volgens zijn collega's van de andere partijen te weinig empathie toonde, bijvoorbeeld met asielzoekers in lekkende tenten, beweert de stoïcijnse bewindspersoon de namen van alle militairen die sneuvelden in de periode dat hij minister was, stuk voor stuk te weten.

Ook als minister van sociale zaken, van 2010 tot 2012, had hij voor iedereen aandacht. Van een VVD-minister, en zeker van Kamp, werd niet direct verwacht dat hij snel bij de FNV langs zou gaan, maar hij deed dat wel. Hij gaf vervolgens de vakbonden en de werkgevers alle gelegenheid om na te denken over een verhoging van de AOW-gerechtigde leeftijd van 65 naar 67 jaar. En kwam met een akkoord.

Inmiddels is Kamp aan zijn vierde departement toe. En dat terwijl hij in 2009 dacht dat zijn politieke carrière beëindigd was, toen hij de klus aannam om op de Antillen van drie kleine eilanden een soort Nederlandse gemeente te maken. Nu is hij het aanspreekpunt voor het bedrijfsleven. Werkgevers zullen binnenskamers zeker flink klagen over de aangekondigde lastenverzwaring. Bedrijven moeten 1,3 miljard euro meer aan WW-premies betalen.

In de Tweede Kamer zal Kamp waarschijnlijk het meest te zien zijn in debatten over de energiesector. De ambitie van het kabinet-Rutte/Asscher om Nederland in 2020 voor 16 procent op duurzame energie te laten draaien, terwijl het aandeel groene energie momenteel op 4 procent ligt, is een lastige. Er zal een discussie volgen of er windmolens pal voor de kust moeten komen.

In het eerste debat dat Kamp over energie voerde met de Kamer vorige maand liet hij iedereen wel al versteld staan van de grote kennis die hij nu al over dit dossier bezit. Zo gezien lijkt het de bewindspersoon alleen maar voor de wind te gaan.

Toch zijn er ook dingen niet gelukt. In 2006 liet Kamp weten dat de eventuele opvolger van toenmalig VVD-aanvoerder Jozias van Aartsen uit het kabinet moest komen. Dat gebeurde ook, het werd toenmalig staatssecretaris van onderwijs Mark Rutte, maar de vraag is of hij de persoon is waar Kamp op doelde.

In hetzelfde jaar deed Kamp ook een gooi naar het Kamervoorzitterschap. Hij werd het niet. Teleurstelling zal je bij hem echter niet zien. "Als je emoties toont, ben je kwetsbaar", is zijn stelregel. De Achterhoeker verblikt of verbloost dan ook nooit, en wordt in het openbaar niet kwaad. Onverzettelijk, dat is Henk Kamp.

Een politicus zonder maniertjes. Een man zonder vijanden, hooguit in eigen gelederen, maar dan meer uit jaloezie. Bij de andere partijen hebben ze alleen maar respect voor hem, omdat afspraken bij hem heilig zijn, omdat bij hem duidelijk is wat je krijgt, is dat wat je ziet. Minister van buitenlandse zaken, Frans Timmermans (PvdA), zei onlangs: "Ik zou meer een Henk Kamp-achtige houding willen hebben: dit is mijn mening, take it or leave it."

Over die mening zegt Kamp trouwens dat hij van tevoren wel eens twijfelt. Maar als hij eenmaal een besluit heeft genomen, is de twijfel weg. Deze uitspraken, gedaan in kranteninterviews, geven een klein inkijkje in wie de stijfjes ogende liberaal is. Er zijn echter maar weinig mensen in en rond het Binnenhof die echt weten wat er in Henk Kamp omgaat. Dat is immers ook niet nodig om te doen waar hij voor gevraagd is: een departement goed leiden.

Loopbaan
1952: geboren in Hengelo (Ov.)

1972: havodiploma gehaald

1972: stafmedewerker bij twee groothandels

1977: opleiding Belastingdienst

1980: rechercheur Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (Fiod)

1986: wethouder van Borculo en lid Provinciale Staten Gelderland.

1994: Tweede Kamerlid

2002: minister van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieu

2003: minister van defensie

2006: Tweede Kamerlid

2009: Commissaris voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba

2010: minister van sociale zaken en werkgelegenheid

2012: minister van economische zaken

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden