Stel dat u een hond was

Horowitz' zoontje is ontdaan bij het zien van een 'eenzame' schoen op een vuilniszak: peuters kijken nog animistisch.

Zelfs verknochte kattenliefhebbers zullen moeten erkennen dat het bezit van een hond zo zijn voordelen heeft. Je bent bijvoorbeeld nooit meer alleen thuis. En als het een flink uit de kluiten gewassen exemplaar is, waan je je ook een stuk veiliger. Maar er is nog een ander pluspunt, vindt de Amerikaanse ethologe en psychologe Alexandra Horowitz. Wie met de hond een blokje om loopt, merkt dat zijn huisdier de wereld heel anders bekijkt - vanuit een andere hoogte natuurlijk, maar ook met zijn neus in plaats van met zijn ogen. Zo realiseer je je dat jouw blik op de wereld misschien wel heel persoonlijk gekleurd is.

Horowitz heeft iets met die huisdieren; ze debuteerde ooit met 'De wereld van de hond. Wat honden zien, ruiken en weten'. En nu inspireert haar hond haar tot het besef dat verschillende mensen verschillend kijken. De blik van een dierenarts verschilt wezenlijk van die van een slager, en gelukkig maar! Daarop doordenkend kwam ze op het schitterende idee om met tien heel verschillende mensen een stadswandeling te maken en te luisteren naar hun verhalen.

Hoe relatief het concept wandeling is, leert ze al meteen van haar negentien maanden oude zoontje, dat haar inspireert tot wat ongetwijfeld het grappigste en vertederendste hoofdstuk uit het boek is. De peuter zal háár leiden, beslist ze, en daardoor is hun eerste stop de voordeur, waar het jochie op het trapje gaat zitten. Voor zijn moeder moet de wandeling nog beginnen, maar hij is er allang mee bezig. Kinderen blijken wandelen vooral op te vatten als ontdekken en verzamelen. En dus rapen moeder en zoon samen steentjes, huppelen ze een muurtje op en af en staan ze verwonderd en vol opwinding te kijken naar een grote kiepauto, want vrachtwagens kunnen bij het jongetje op extra veel aandacht rekenen. Er zijn grote en kleine, vertelt hij, brandweerwagens en afvalophalers, en dan is er die hele grote restcategorie: rare vrachtwagens.

Toch wil 'Met andere ogen' meer zijn dan een reeks verhalen over al dan niet innemende mensen en hun gedachten. Horowitz doceert aan Columbia University en is eerst en vooral een wetenschapster. Ze combineert haar uit het leven gegrepen verhalen met een zoektocht naar de psychologie achter de manier waarop wij kijken. In het hoofdstuk over haar zoon bespreekt ze bijvoorbeeld de emotionele en cognitieve ontwikkeling van kinderen en haalt ze de Zwitserse psycholoog Jean Piaget aan, die ontdekte dat jonge kinderen op een animistische manier naar de wereld kijken. Het zoontje is bijvoorbeeld ontdaan bij het zien van een 'eenzame' schoen die bovenop een vuilniszak ligt.

De figuren met wie de schrijfster een blokje om loopt, zijn heel zorgvuldig gekozen: niet zomaar John, Jack en Jane, maar bijvoorbeeld een geoloog, een etholoog en een stadsplanner. Allemaal kijken ze vanuit hun specifieke opleiding en beroep naar New York. De geoloog wordt wild van een muurtje dat is gebouwd van uit Indiana afkomstige kalksteen dat vol wormgaten zit.

Zelf had Horowitz altijd over dat muurtje heengekeken, maar voor haar zijn die steenstructuren dan ook nieuw en onbekend, terwijl ze in de hersenen van de geoloog zowat ingebakken zitten. Een mens ziet wat hij verwacht.

En er is meer aan de hand. De een is namelijk beter in het zogenaamde out of the box-denken dan de ander, en daar is een neurologische verklaring voor. Sommige mensen hebben nu eenmaal meer van een bepaald soort dopaminereceptoren in hun hersenen, waardoor ze beter zijn in divergent denken.

Zo gaat een goede vriendin van Horowitz als ze zich verveelt gewoon een half uurtje op een kruispunt staan en beleeft daar het ene avontuur na het andere, terwijl de schrijfster zelf in het verkeer nog nooit een spannend tafereel heeft ontdekt.

Horowitz gaat op zoek naar sporen van insecten en zoogdieren, onderzoekt met een typograaf het geheim achter een rare Q op de gevel van een huis en leert van de directeur van het 'Project for Public Spaces' dat er al vierduizend jaar trottoirs zijn, maar dat die pas in de negentiende eeuw echt populair zijn geworden. In 1822 was er in Parijs bijvoorbeeld slechts 267 meter stoep, 25 jaar later was dat 259 kilometer.

Toch raken deze zuiver cognitieve hoofdstukken je minder dan de emotioneel-menselijke. Heel mooi is bijvoorbeeld haar verslag van een wandeling met een blinde en de manier waarop deze vrouw haar andere zintuigen ter compensatie gebruikt. Aan het weergalmen van haar op straat tikkende stok hoort ze waar ze is en aan de veranderende wind voelt ze wanneer ze de hoek van de straat heeft bereikt.

Bij het lezen van zulke passages denk je: dat zou ik ook eens willen doen. Daarna besef je ook waar je precies naar verlangt. Naar iets wat zeldzaam is geworden: de tijd nemen om de wereld om je heen echt te zien en te voelen, in plaats van er snel doorheen te hollen.

Alexandra Horowitz: Met andere ogen (On Looking. Eleven Walks With Expert Eyes) Balans, Amsterdam; 320 blz. euro 19,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden