Steeds een pen bij de hand

Jaap Willems 1943-2015

Hij was al een eind in de vijftig toen hij opnieuw verliefd werd. En hij kon de kroon op zijn werk zetten.

Ze waren zo gelukkig, die zomer van 1998 in Toscane. Het was prachtig wandelweer en ze konden tot laat wijn drinken op een pleintje, terwijl de gierzwaluwen door de nacht scheerden. Nu hun beide dochters volwassen waren, fantaseerden ze over hun oude dag. Ze zagen een vervallen boerderij op een heuvel. Daar zouden ze later gaan wonen. Tot die tijd viel er nog genoeg te genieten in Nederland. Hij had uitzicht op de kroon op zijn werk: een hoogleraarschap aan de Vrije Universiteit leek eindelijk binnen bereik.

Vol goede moed keerden ze terug in Nederland. Toen ze uit de trein stapten op het station van Den Bosch viel zij dood neer op perron 1. Een bloedprop had haar leven plotseling afgesloten. Op zijn 55ste stond hij alleen.

In de derde klas op het Katholiek Gelders Lyceum in Arnhem had hij haar voor het eerst gezien, door het raam van het natuurkundelokaal. Ze zat op de gymnasiumafdeling, hij op hbs-B. Jaap durfde haar niet meteen aan te spreken. Als lid van de leerlingenraad mocht hij bij de schooladministratie het fotoarchief inkijken. Zo kwam hij erachter dat zij Elly Hendriks heette. Ze kregen verkering, tegen de zin van hun ouders.

Elly's vader, een mopperige socialist, waarschuwde haar dat Jaap uit een foute familie kwam: Jaaps vader was een succesvolle zakenman. Hij had een groothandel in restanten huishoudelijke artikelen die hij verkocht aan warenhuizen en marktkooplui.

Achter de stadsvilla aan de Velperweg in Arnhem, waar Jaap opgroeide, stond een magazijn waar zijn beide ouders de hele dag druk bezig waren. De vijf kinderen werden gevoed en gekleed door een dienstmeisje en een inwonende tante. Met zijn vader had Jaap weinig contact. Als dat er wel was, dan botsten ze vaak, want vader was strikt in zijn opvattingen.

Zo moest Jaap na de lagere school voor een jaar naar een katholieke kostschool in Brabant, want daar had hijzelf ook op gezeten. Vader, die wel in de gaten had dat Jaap geen handelsgeest had, wilde dat hij ingenieur zou worden om bruggen te bouwen. Maar Jaap koos voor biologie. Waarom kon hij zich later niet meer herinneren, maar het had te maken met zijn belangstelling voor natuurbescherming, dacht hij. Hij was graag in Amsterdam gaan studeren, maar dan zou hij ver weg van Elly zijn. Dus werd het Nijmegen, waar Elly kunstgeschiedenis zou gaan doen. Ze woonden er op kamers, apart van elkaar zoals het hoorde.

Gele eend

Door studentenacties ontwikkelde de Nijmeegse universiteit zich tot een marxistisch bolwerk, maar daar had Jaap niets mee op. Hij studeerde vooral, net als de meesten in de natuurwetenschappen. Hij zou ook niet in de smaak zijn gevallen bij de activisten, want dankzij zijn vader had hij al een auto, een gele eend. Politiek gewaagd was het ook om na zijn studie nog een beurs aan te vragen in Zuid-Afrika, waar de apartheid heerste.

In een bushokje op een eindpunt van de Arnhemse trolley vroeg Jaap heel formeel Elly ten huwelijk. Ze trouwden in 1968 en vertrokken voor een jaar naar Zuid-Afrika. Daar kreeg hij onder andere als taak de magen van jakhalzen te inspecteren, omdat boeren dachten dat die beesten hun schapen opaten. Jaap kon ze geruststellen.

Naast biologie had Jaap als tweede bijvak wetenschapscommunicatie gedaan. Dat was hem steeds meer gaan interesseren. Een van zijn profs regelde een baan voor hem bij De Gelderlander, een grote regionale krant. Daar kwam hij op de redactie te werken. Jaap ontwikkelde zich tot wetenschapsjournalist, destijds een nieuw specialisme.

Ze gingen wonen in Bemmel, een dorp met stadse mensen, zoals Jaap het uitdrukte, even over de Waal bij Nijmegen. Ze wilden geen kinderen, want daarvan waren er al te veel op deze vervuilde en bedreigde wereld, vonden ze. Ook hun vrienden dachten er zo over. Die opvatting bleek makkelijker gezegd dan volgehouden. Tijdens een vakantie op Aruba in 1973 wilden ze plotseling wel kinderen. En ook hun vrienden bleken minder standvastig. Het keerpunt hebben ze nooit kunnen achterhalen. Toen hun eerste kind kwam, veranderde hun leven drastisch. Tot dan toe hadden ze hun studentenleven min of meer voortgezet. Nu waren ze verantwoordelijke ouders.

Op zijn werk had Jaap plezier in het schrijven. Dat ging hem makkelijk af. Ook buiten zijn werk maakte hij voortdurend aantekeningen over wat hij zag en voelde. Dat was de grondstof voor boekjes over natuur, milieu en wetenschap. Hij bouwde zelfs een Schrijfhuis in zijn achtertuin. Tegelijk werkte hij aan zijn proefschrift over wetenschapsjournalistiek.

Hij hield een strikte dagindeling aan. Dat is hij zijn leven lang blijven doen. Hij reserveerde elke dag tijd voor werken, lezen, hardlopen en iets sociaals. In moeilijke perioden had hij steun aan die gewoonte.

Zo'n moeilijke tijd diende zich aan bij een reorganisatie van de redactie. De leiding kon geen andere functie voor hem bedenken, hij hoorde al tot het meubilair. Jaap was beledigd en vertrok zonder dat hij een andere baan had.

Bij zijn Nijmeegse universiteit kon hij in deeltijd voorlichter worden. Later werd dat uitgebreid met parttime lesgeven in wetenschapscommunicatie. Dat werd het vak dat hij steeds verder uitbouwde. Ook aan de Vrije Universiteit in Amsterdam ging hij doceren.

Ondertussen bleef hij boeken en boekjes maken. Hij wilde een boekenplank van een meter lang volschrijven, zei hij weleens. Aan het eind van zijn leven stond de teller op 70 centimeter.

Ook gebeurtenissen in zijn persoonlijk leven gebruikte hij voor boeken. Een ruzie in zijn familie over de erfenis van zijn ouders leidde tot het boek 'De erfenis'.

Kiekje

Toen Elly plotseling stierf op het station van Den Bosch, bleef hij aantekeningen maken over zijn gevoelsleven. Hij zat niet lang bij de pakken neer. Via een vriendin kwam hij in contact met een vrouw in Leiden die hij had moeten kennen. Marian Fournier had tegelijk met hem biologie gestudeerd in Nijmegen. Toen hij zijn oude foto's bekeek stond zij ook op een kiekje dat hij gemaakt had op een studiereis naar Zuid-Frankrijk. Destijds hadden ze weinig indruk op elkaar gemaakt. Dat was nu anders.

Na een verhouding van twee jaar bleken ze zo goed bij elkaar te passen dat ze gingen samenwonen. Eerst in Leiden, waar zij onderdirecteur van Museum Boerhaave was. Later trokken ze naar Amsterdam, waar ze in de nieuwbouw van IJburg buiten de stad een groot appartement betrokken.

Over zijn nieuwe leven schreef hij natuurlijk een boek: 'Late liefde. Opnieuw verliefd na je vijftigste'. "Op latere leeftijd opnieuw een relatie beginnen, is nogal ingewikkeld", zei hij in een interview. "Je brengt elk een lang verleden mee dat onvermijdelijk een rol gaat spelen in die nieuwe relatie. Maar als het goed gaat, is het fantastisch. Hemels. Toen het boek er lag, schrok ik: daar stond ik. Dit was af en toe zo persoonlijk dat ik zelfs even heb overwogen om het niet te publiceren."

Marian en hij kochten een zeiljacht en knobbelden samen een koers uit. Niet altijd makkelijk, inderdaad. Zij legde 's avonds graag aan op een stille plek in de natuur om te overnachten, hij trok liever naar een haven met gezelligheid en een douche. Ook bij de Vrije Universiteit leek hij geslaagd. Hij werd in 2004 hoogleraar wetenschapscommunicatie, een droom van een baan. Maar onderhuids rommelde het in zijn vakgroep. Er waren conflicten en jaloezieën. Na een jaar of drie kreeg hij te horen dat hij er niet meer paste. Hij vertrok, gedwongen vrijwillig. Een half jaar zat hij in de put over zijn ontslag. Maar hij hield zijn strakke dagindeling aan en kwam erbovenop, zeker toen hij bij de Universiteit Twente zijn vak weer kon opnemen als gewoon docent in deeltijd.

Hij had veel over de natuur geschreven, nu viel het gedrag van andere natuurliefhebbers hem op. Vogelaars intrigeerden hem. Wat drijft mensen om plotseling alles aan de kant te gooien als er ergens een bijzondere vogel is gesignaleerd? Daar zat een boek in. Jaap ging aan het werk.

Op Oudejaarsavond 2014 viel het praten hem moeilijk en zijn mond trok scheef. De volgende dag bleek hij een hersentumor te hebben. Hij werd geopereerd en bestraald. Het leek succesvol en hij hoopte dat hij nog een paar jaar kon leven. Maar zijn horizon schoof steeds dichterbij.

Jaap Willems werd geboren op 16 januari 1943 in Arnhem. Hij stierf op 4 november 2015 in Amsterdam.

Jaap Willems maakte voortdurend aantekeningen over wat hij zag en voelde.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden