Steden koesteren hoogopgeleiden

Hogergeschoolden zorgen voor werk op lbo-niveau. Maar die banen gaan naar overgekwalificeerden.

Uit alle macht proberen steden hogeropgeleiden aan te trekken of te behouden, omdat hun komst ook werk voor lageropgeleiden oplevert. Mensen met een hoge opleiding geven meer geld uit in cafés, koffietentjes, restaurants, theaters of aan oppas. Maar die nieuwe werkgelegenheid leidt niet een-op-een tot een lagere werkloosheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt.

Voor iedere honderd hogeropgeleiden komen er in een stad gemiddeld tien extra banen bij voor werkzoekenden op lbo-niveau of lager. Die extra banen worden echter veelal ingenomen door middelbaar- of hogeropgeleiden die werk accepteren onder hun niveau. Dat blijkt uit gisteren gepubliceerd onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen, de Atlas voor Gemeenten en het onafhankelijke kennisinstituut Platform31. De onderzoekers bekeken de ontwikkeling in 57 steden tussen 1999 en 2013.

Over het algemeen geldt: hoe meer hogeropgeleiden in een stad, hoe meer mensen onder hun niveau werken. Dat gebeurt vooral in steden waar het aantrekkelijk wonen is en plaatsen waar veel studenten wonen. Zij werken onder hun kunnen om hun studie te betalen of hun studiefinanciering aan te vullen. "Dat is lastig aan banden te leggen", zegt projectleider Marloes Hoogerbrugge. "Studenten zijn vaak heel flexibel: ze vinden het prima om te werken met een jaar- of nulurencontract en dat is aantrekkelijk voor een werkgever. Veel lageropgeleiden zijn juist op zoek naar meer vastigheid. Handhaving op zwartwerkende studenten in de horeca kan helpen." Volgens de onderzoekers zou de overheid studenten kunnen ontmoedigen om naast hun studie te werken.

Die verdringing op de stedelijke arbeidsmarkt heeft ook een regionale oorzaak. Mensen die in de stad werken, maar daarbuiten wonen, vullen ook een gedeelte van de extra vacatures die hogeropgeleiden in hun kielzog meenamen. Dat is onder meer te zien in Leeuwarden, samen met Delft en Haarlem een van de voorbeelden van het onderzoek. In de Friese stad wordt de aanwas van nieuwe banen, vooral in de sectoren horeca, cultuur en recreatie, voor een groot gedeelte ingenomen door forenzen uit de regio. Dat komt voornamelijk door het gebrek aan laaggeschoold werk in de regio. Ondanks het relatief hoge aantal banen in de stad, is de kans op werk er voor een laagopgeleide niet groot. De werkloosheid onder lageropgeleiden is er met ruim 11 procent hoger dan het gemiddelde voor een Nederlandse stad. Toch trok Leeuwarden sinds 1999 meer dan 8000 hogeropgeleiden en is ook hun aantal bovengemiddeld hoog.

Dat het binnenhalen van deze hogeropgeleiden in de Friese stad, net als in Enschede en Groningen, toch niet leidde tot minder werkloosheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt, komt ook door de samenstelling van de groep bijstandsgerechtigden. Steden met een hogere werkloosheid onder lageropgeleiden, hebben onder die lageropgeleiden vaak veel mensen zonder startkwalificatie, een hoog aandeel niet-westerse allochtonen een relatief veel eenoudergezinnen. Deze groepen laagopgeleiden zijn minder kansrijk op de arbeidsmarkt.

Doordat de komst van meer hogeropgeleiden niet automatisch doorsijpelt naar de onderkant van de arbeidsmarkt, moeten steden en omliggende gemeenten volgens de onderzoekers meer samenwerken. Die samenwerking moet meer banen creëren in de regio, waardoor laagopgeleiden meer dan nu profiteren van de extra banen in de stad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden