Stedelingen en buitenlui groeien verder uit elkaar

Samenleving | De kloof tussen stadsbewoners en 'achterblijvers' in krimpregio's wordt groter. De verschillen zijn niet alleen sociaal-economisch, hun standpunten lopen ook steeds verder uiteen.

Er ontstaat een kloof tussen de bevolking van de steden en die van gebieden aan de randen van Nederland. Wie jong is en kansrijk, trekt naar de steden. De achterblijvers in de krimpgebieden zijn gemiddeld ouder en lager opgeleid en hebben minder te besteden. Bovendien kijken ze anders aan tegen de wereld om hen heen: ze hebben veel minder vertrouwen in de politiek, in ambtenaren en in hun medemensen - minder nog dan laagopgeleiden elders.

"Nederland ontmengt", zegt Jan Latten van het Centraal Bureau voor de Statistiek op basis van de nieuwste cijfers over verstedelijking én gegevens uit lopend onderzoek waarbij hij als hoogleraar demografie aan de Universiteit van Amsterdam betrokken is. De trek naar de stedelijke gebieden zal doorgaan, verwacht hij, en de contrasten zullen dus groeien. "Dat kan op den duur het cement van de samenleving aantasten."

Vooral in Oost-Groningen en Limburg zijn opvallend veel mensen de mening toegedaan dat 'je niet voorzichtig genoeg kunt zijn in de omgang met andere mensen'. Bijna 55 procent van de Oost-Groningers onderschrijft dit soort stellingen, net als 49 procent van de Limburgers. In bijvoorbeeld de stedelijke gebieden rond Amsterdam en Utrecht liggen die percentages op 42 en 36.

Soortgelijke verschillen doen zich voor als het gaat om het vertrouwen in de Tweede Kamer (landelijk ruim een derde, Midden- en Zuid-Limburg slechts een kwart) en bijvoorbeeld ook rechters (landelijk 69 procent, Oost-Groningen 58 procent), de politie en de pers.

Wantrouwender

Deze contrasten zijn ten dele te verklaren uit de kenmerken van de bevolking in de verschillende delen van Nederland. Laagopgeleiden hebben doorgaans minder vertrouwen in de wereld om hen heen en van hen wonen er in de krimpgebieden meer. Maar in deze delen van het land zijn laagopgeleiden nog iets wantrouwender dan mensen met hetzelfde opleidingsniveau elders.

Niet in alle krimpgebieden is dit het geval. Bewoners van de Achterhoek en Zeeland wijken veel minder af van de rest van Nederland. Dat kan te maken hebben met verschillende godsdienstige achtergronden: protestanten voelen zich vaak meer verbonden met de samenleving dan anderen. Maar ook zoiets als niet in cijfers te vangen 'couleur locale' speelt mee, zegt Latten.

De verschillen in opvattingen komen bovenop een groeiende kloof op sociaal-economisch gebied. De steden trekken vooral jongeren die een goede opleiding achter de rug hebben (of gaan volgen) en mensen met een hoog inkomen - die na hun verhuizing naar de stad vaak nóg meer gaan verdienen. Onder de achterblijvers is het precies andersom: veel mensen met een uitkering of een matig betaalde baan.

Alles wijst erop dat die trend doorzet, zegt Latten. "En als dit een paar decennia doorgaat, zullen de achterstanden van de krimpgebieden zich vermenigvuldigen."

Nederland 11

Het wantrouwen van Limburg

In het kort

Wie kansrijk is, trekt naar de stad, achterblijvers in de regio's zijn ouder en laag opgeleid

Er onstaat een kloof: achterblijvers hebben minder vertrouwen in politiek en samenleving

Dat tast het cement in de Nederlandse samenleving aan

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden