Recensie

Staples' 'Big Fish Theory' heeft lef en visie in overvloed

Beeld RV

Pop
Vince Staples
Big Fish Theory (Def Jam/Universal)
★☆

Hiphop viert niet alleen commercieel, maar ook creatief zijn hoogtijdagen. Voorbij zijn de tijden dat een rapper zijn teksten binnen een vast stramien over een repeterende beat legde. Albums van artiesten als Kanye West, Run The Jewels en Kendrick Lamar zitten boordevol details en vreemde wendingen en hebben in die zin meer gemeen met 'Pet Sounds' en 'Sgt. Pepper' dan met de hiphop uit het vorige decennium. Datzelfde geldt voor 'Big Fish Theory', het tweede album van de Amerikaan Vince Staples. Hij is geen uitgesproken rapper: zijn stijl doet wat gewoontjes aan en zijn teksten over racisme (soms) en zijn eigen onzekerheid (vaak) baren weinig opzien. De grote kracht zit hem in de muziek en de composities. Techno, avant-garde en zelfs gospel vormen binnen de eigenzinnige werkelijkheid een volstrekt logisch huwelijk. Meer dan als muzikant floreert Staples als het meesterbrein, als de regisseur die de poppetjes op de juiste plek zet. De relatief onbekende zangeres Kilo Kish kreeg een veel grotere rol toebedeeld dan Damon Albarn (Blur) en Justin Vernon (Bon Iver). Het album vroeg daar blijkbaar om. Dat vergt lef en visie. Staples bezit beide in overvloed.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden