Review

Stampen, ronken en zoeven met Minkowski

Les Musiciens du Louvre olv Marc Minkowski op 19/12 in Doelen, Rotterdam. Herhaling vanavond in Vredenburg, Utrecht.

Dirigent Marc Minkowski legde met zijn orkest ’Les Musiciens du Louvre’ al een handvol opera’s van Jean-Philippe Rameau vast op cd en dvd. Daarmee dekte hij weliswaar een deel van de muziektheatrale carrière van Frankrijks belangrijkste barokcomponist, maar iets bleef toch knagen.

Schreef Rameaus collega Lully namelijk nog wel eens een zelfstandig orkestwerk voor de dansende zonnekoning, zo zit alle orkestmuziek van Rameau verstopt in zijn dramatische werken. Openingsmuziek, dansjes, intermezzo’s, divertissementen en onweders: van dat werk. Filmmuziek als het ware, die de toon voor het drama op toneel zette.

Natuurlijk stelde Rameau uit al die opera’s orkestrale suites samen, die als the best of hun ronde deden langs de sociëteiten in Frankrijk.

Maar een echte Rameau-symfonie, daar ontbrak het nog aan. Minkowski liet het daar niet bij zitten en stelde recent een denkbeeldig orkestwerk samen, waarmee hij onder de titel ’Une symphonie imaginaire’ veel succes oogstte. De cd met dezelfde titel kreeg dit jaar zelfs een Edison.

Wat deed Minkowski? Hij stelde een potpourri samen van een aantal van Rameaus opera’s en plakte die als een suite achter elkaar. Van Rameaus vroege ’Hippolyte et Aricie’ uit 1733 tot en met ’Les Boréades’ uit 1763 (het jaar voor zijn dood) klinken instrumentale stukken in één lange boog.

Minkowski’s samenstelling werkte dinsdag in de Rotterdamse Doelen aanstekelijk: Les Musiciens du Louvre, dat de strakheid en energie van een rockband heeft, speelde de opeenvolging van instrumentale Rameau-hoogtepunten met smaak en energie. Rameau werd geboren in mosterdstad Dijon, Minkowski leek dat te benadrukken in zijn kruidige uitvoering.

Er zullen niet veel barokorkesten zijn die de grote zaal van De Doelen kunnen vullen, maar voor Les Musiciens du Louvre leek dat geen enkel probleem. Dat lag voor een deel aan de viervoudige (!) hobo- en fagotbezetting, die samen met de twee fluiten voor een mooie, krachtig ronde houtklank boven de stevige strijkerssectie zorgde. Minkowski was bovendien niet bang voor de overdrive. Hij gebaarde regelmatig naar zijn spelers dat hij het geluid nóg meer de zaal in wilde hebben, nóg een tandje erbij zonder dat het orkest een krimp gaf. Integendeel, Minkowski’s stampende, ronkende en zoevende musici leken af en toe vleugels te krijgen en dansend los te komen van de grond.

Dat gold helemaal voor het slot van het ballet ’Don Juan’ van Christoph Willibald von Gluck, een werk dat je nauwelijks in de concertzaal hoort. Volgens Minkowski, die het werk vanaf de bok toelichtte, had het werk hetzelfde thema als de opera ’Don Giovanni’ van Mozart, ’maar dan veel korter’. De onwaarschijnlijk snelle strijkers en de hoornsignalen in het afsluitende deel klonken net zo modern als veel stukjes Rameau.

Dansant voerde Les Musiciens du Louvre ook Haydns 82ste symfonie ’De beer’ uit, mooi van balans en retoriek. En lekker potig aan het eind, als een beer die een dansje deed. De enige echte denkbeeldige beer was dinsdag trouwens Minkowski zelf. Die raakte bij tijd en wijlen zó enthousiast door wat hij aan klanken teweeg bracht, dat hij op de bok met kromme benen en brede armen lachend heen en weer hupte.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden