Opinie

Staan en maar wachten op een gruweltapijt

Een tapijt zo foeilelijk en zo breed en lang over de hele toneelvloer gestoffeerd, dat je er gemakkelijk vier voetbalelftallen tegelijkertijd op kunt laten trainen zonder dat die elkaar voor de voeten zouden lopen. Het tapijt vormt de flat van een echtpaar waarvan de vrouw op het punt staat haar man te verlaten. Elk moment kan haar minnaar met zijn steenrode auto en knokkelloze rijhandschoenen aanbellen. Alleen: de minnaar komt maar niet. Hoe moet dat aflopen, puntje, puntje, puntje?

Met 'Het terras' schreef Jean-Claude Carrière een toneelstuk dat het RO-theater typeert als 'balancerend op het slappe koord tussen de absurde komedie en existentieel drama'. Carrière maakte naam met filmscenario's voor Luis Buñuel en zijn bewerking van de 'Mahabharata' voor Peter Brook. Met 'Het terras' beschreef hij een curieuze ontmoeting in een Parijse dakflat, die staat of valt met de behendigheid van de betrokken acteurs. Er wordt doorlopend aan de deur gebeld, maar de verwachte minnaar is het steeds opnieuw niet. Een zakenman komt kijken of hij de flat wil kopen, zijn vriend springt van het dakterras vier verdiepingen naar beneden om even later lichtelijk verfomfaaid en verbaasd om z'n eigen wederopstanding opnieuw aan te bellen. Ter plekke raakt hij verliefd op de vrouw des huizes, die zich in een handomdraai lijkt te willen geven. Een vrouwelijk makelaarshulpje leidt toekomstige kopers in de flat rond, en wordt van lieverlede meteen ook maar verliefd; op de vriend van de zakenman.

Nog meer bezoek: een gepensioneerde generaal, die om onverklaarbare reden ook wel eens van vier hoog uit het raam wil springen. Met veel duw- en spartelwerk weerhouden zijn medespelers hem daarvan. Oeijoei; is me dat een theatraal tumult, daar op de trap op weg naar het dakterras.

Actrice Catherine ten Bruggencate maakt met 'Het terras' haar regiedebuut, en dat had zij beter niet kunnen doen. Haar acteurs Pierre Callens, Wim van der Grijn, Marieke van Leeuwen, Diane Lensink, Esther Scheldwacht, Jan Verhoeven en Stefan de Walle staan zonder uitzondering volledig verloren op dat idioot uitvergrote gruweltapijt. Ze zijn tekstvast en goed te verstaan, maar daarmee eindigen ook meteen alle vormen van dramatische verworvenheden. Het verhaal zelf heeft al niet veel te bieden, zelfs nog geen snipper 'absurdisme', en als dan ook nog spelplezier of onverschrokken geschmier ontbreekt, zit je met de handen in het haar.

Het enige dat prettig vervreemdend zou moeten kunnen werken, is de rolwisseling die de heer des huizes en zijn vrouw Madeleine van hun indringers krijgen opgedrongen. Van huiseigenaren worden zij gaandeweg gasten of zelfs bedienden in hun eigen huis. De zakenman die de flat zogenaamd komt huren, eist al vrijwel na binnenkomst een omelet en een rustbed. Hij is gekleed als een grijze burgermansmuis en draagt twee verschillende schoensoorten. Is dat een kwestie van geestigheid of moeten we daar de gespletenheid van Carrière's personage in lezen?

Als aanzet tot een reidans geeft het makelaarshulpje een cursus massage die op een omgekeerd hobbelpaardje-rijden lijkt. Wel goed maf maar amper vermakelijk. De gepensioneerde generaal (wat doet die trouwens hoe dan ook in het stuk?) is blind, en dat zal de toeschouwer weten ook. Met een blindenstok tikt en zwiept hij op het tapijt alsof hij zich aanvoerder van een hockeyteam waant. De variaties in lijfelijk wachten die Ten Bruggencate haar (vrijwel tekstloze) heldin Madeleine voorschrijft, zijn wel van heel apodictische eenvoud. Wachten betekent voor Madeleine ijsberen, in het venster zittend naar buiten turen, tegen de muur geleund met de armen omhoog en de vingers gespreid of één been op de grond, het andere onvervaard op de vensterbank geplant: kijk, kijk, wat sta ik hier toch lekker ongedurig en chagrijnig op mijn minnaar te wachten.

Bij het slotbeeld van deze RO-enscenering heb je zoveel lood in de schoenen gegoten gekregen, dat je nog nauwelijks voor het applaus overeind komt: de heer des huizes en zijn indringer zitten genoeglijk aan tafel brood met paté te eten. Geen pantomime-paté, maar existentieel echte paté. Sidder & huiver.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden