Springlevend ballet in het spoor van Balanchine

RECORD OF JOY BALLET FOTO: ANGELA STERLING (Trouw)

Het Nationale Ballet met ’In het spoor van Balanchine’. Voorstellingen t/m 19/9. www.hetballet.nl

Christopher Wheeldon is een choreograaf die elk balletgezelschap wel in het balboekje wil hebben staan. Gepokt en gemazeld bij The Royal Ballet werd hij door New York City Ballet ingelijfd als huischoreograaf, tegenwoordig gaat hij met zijn balletgroep Morphoses voor een zelfstandig artistiek bestaan. Geheim van zijn succes?

Wheeldon is in tegenstelling tot veel van zijn generatiegenoten niet in de verleiding gekomen de taal van het ballet te trivialiseren of het zo te bewerken dat het nauwelijks herkenbaar is. Integendeel: Wheeldon weet de academische dans een eigen zelfverzekerde vorm te geven. Wie zegt dat ballet dood is, moet maar eens naar Wheeldon gaan kijken. Zo veel is waar.

Het Nationale Ballet (HNB) brengt met ’In het spoor van Balanchine’ de invloed van de grote balletmeester George Balanchine in kaart en Christopher Wheeldon ontbreekt, als jonge loot aan de neoklassieke stam, daar niet in.

Balanchine’s invloed is in ’Tryst’ (2002) evident. Een formele, dwingende structuur vloeit samen met de muziek, in dit geval een met Keltische mystiek doorregen compositie van James MacMillan.

Academische danspassen krijgen onverwachte wendingen in strakke ensembledansen met een centrale, Balachineëske plaats voor de pas de deux.

Wheeldon vouwt dansers Jimenez en Casey Herd om elkaar heen, experimenteert met hoeken, lijnen en golvingen en speelt met alle mogelijkheden voor contact – zoals de kostuums in frisse verlooptinten – in luisterrijke harmonie.

Een beetje té luisterrijk misschien? Jirí Kylián had gelijk toen hij opmerkte dat Wheeldons werk er beter van zou zijn geworden als de choreograaf wat meer narigheid zou hebben meegemaakt. ’Tryst’ is fraai levend ballet zeker, maar daaronder schuurt of prikkelt het niet.

Waar Wheeldon Balanchine op de voet volgt door de synergie tussen dans en muziek het verhaal te laten doen, heeft Nicolo Fonte Balanchine’s leidraad in ’Record of Joy’ postmodernerig laten vieren. Beethovens adagio’s inspireren Fonte in tempi volgzaam afgemeten dans; het spitzenwerk an sich heeft een aardige hedendaagse twist. De pas de deux en de afsluitende pas de trois zijn opmerkelijk in verstilde beheersing. Alleen zwabbert de context voor dat fraais alle kanten op.

Verschillende werelden komen samen, voor en achter zilveren stroken bling – vaag suggestief verbeeld door een draaideur. Het leger identiek geklede vrouwen in roze tuniekjes (Paris Hilton-look-a-likes?) oogt misplaatst.

De uitvoering van HNB, vooral in ’Stravinsky Violin Concerto’ (1972), was zeker tijdens de première niet feilloos. HNB-sterren Anna Tsygankova en Cédric Ygnace leken in Balanchine’s signatuurwerk niet in hun gewone virtuoze doen.

Sprankelen deed Hans van Manens statement van levensdrift ’Solo’ (1997) des te meer. Bravourejochies Juanjo Arques, Sefton Clarke en Felipe Diaz dansten met een klein maar veelzeggend bewegingspalet de vonken uit de voeten. Terecht met gejuich onthaald: dát is nog eens springlevend én prikkelend ballet!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden