Filosofisch elftal

'Sport belichaamt het ethos van het 21ste-eeuwse kapitalisme'

Voor de start van de etappe vanuit Mont-Saint-Michel, tijdens de Tour de France van 2016. Beeld BELGA

De sportzomer staat voor de deur. Is het kijken naar evenementen als Wimbledon en de Tour de France meer dan louter vermaak?

In een brief in de rubriek 'Beste Beatrijs' in Trouw van afgelopen zaterdag sprak een lezeres haar zorgen uit over de sportzomer die bijna gaat beginnen. Een periode waarin haar man urenlang voor de tv zit, terwijl zij zich daar enorm aan ergert. Zaterdag begint de Tour de France, maandag begint Wimbledon - alleen die twee evenementen zijn al goed voor hele middagen en avonden televisie, inclusief voor- en nabeschouwingen. Waarom trekt sport zoveel kijkers? En is het meer dan een passief, ontspannend tijdverdrijf?

Robin van den Akker, docent filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, een fervent sportkijker: "Sport kijken is geen passieve bezigheid. Het appelleert, verbindt en activeert. De uitgebreide aandacht voor sport in de programmering van zowel publieke als commerciële omroepen heeft een duidelijke maatschappelijke functie: sport belichaamt het ethos van het 21ste-eeuwse kapitalisme. 

Als burgers en arbeidskrachten moeten wij in onszelf investeren. Op het werk opereren we in teamverband, we moeten competitief zijn, targets halen en records breken. Als je nu op Silicon Valley rondkijkt, lijkt het net een Olympisch dorp. Op elke werkvloer zijn fitness-toestellen, er worden massages gegeven, werknemers werken voortdurend aan hun lichaam. Of je het nou leuk vindt of niet, ook sport kijken maakt deel uit van een politiek-economisch ideologisch raamwerk. Sport heeft de protestantse werk-ethiek overgenomen. Managers spreken in voetbalmetaforen. Dagelijks worden ons moraliserende lessen voorgehouden, denk bijvoorbeeld aan de in alle media verkondigde 'losersvlucht', die de vroege verliezers tijdens de laatste Olympische Spelen voortijdig naar huis bracht. Ter vermaak, maar vooral ter lering."

De tekst loopt door onder de afbeelding

Elftalspeler Marli Huijer.

Tegenovergestelde

Marli Huijer, hoogleraar filosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, kijkt weinig sport: "Als dat waar is, mag ik dan ook bedanken voor deze lessen? Voor mij gaat sport over heel andere dingen dan winnen en verliezen en jezelf eindeloos verbeteren. Sport gaat over beweging. Over lichamelijkheid, je overtollige energie kwijtraken, je samen inspannen en daarna ontspannen. Maar het kan ook solistisch excelleren zijn. Het is een vorm van uitdagingen zoeken en spelen, denk aan de homo ludens, de spelende mens, beschreven door Johan Huizinga. Sport in de vorm van spelende wedijver is van oudsher de aanzet tot het sociale. Dat alles is in tegenspraak met urenlang op de bank zitten en tv kijken. Natuurlijk kan dat ook leuk zijn en ik doe er ook wel eens aan mee. Maar er is wel iets raars mee: het is in veel gevallen het tegenovergestelde van alles wat sport zo plezierig maakt. Je bent bewegingloos, enkel consumerend en dan ook nog eens vaak in afzondering - al dan niet tot ergernis van degenen die niet mee willen kijken. Ook sport als trainingsprogramma, zoals beschreven door de Duitse filosoof Peter Sloterdijk, is er moeilijk mee te verbinden. Want al is de heldenverering wel deel van die praktijk, je zal dan toch ook zelf in actie moeten komen. Sport kijken is niet anders dan de tijd verdrijven in een virtuele wereld, net als gamen of eindeloos series kijken."

Van den Akker: "Samen een spelletje doen is leuk, maar als je sport daartoe versmalt ga je toch echt voorbij aan de ongelooflijk wijde verbreidheid van sport, tot in de haarvaten van onze samenleving. Het kijken en het doen is in die zin niet te scheiden. Natuurlijk is sport kijken op zichzelf passief. Maar sport is allang geen domein meer dat als een speelse vrijhaven buiten het dagelijks leven staat. Sport is overal; sport is steeds meer werk geworden en werk is steeds meer op sport gaan lijken. Het kijken is in die zin onontkoombaar geworden. Kijk maar wat er gebeurt als Nederland in de een of andere discipline iets presteert - je moet en zal het gezien hebben en je moet en zal er een mening over hebben.

Sportcultuur

"Eind negentiende eeuw werd sport voor het eerst een beschavingsmiddel voor de massa's, toen sporten werden gestandaardiseerd en arbeiders hun omgangsvormen ermee konden gaan trainen. Na de Eerste Wereldoorlog begon de professionalisering van de sport. Inmiddels is sport in het Westen de meest bepalende manier van kijken naar onszelf. Foucault sprak in de jaren zestig over de zorg van het zelf - iedereen moest een levenskunstenaar worden. In de jaren tachtig en negentig werden we entrepreneurs van het zelf. Nu zijn we atleten van het zelf. Mensen willen fit blijven. Gezondheid staat boven alles. Er is een obsessie met voeding en beweging. Er zijn apps voor het meten van de hartslag, het calorieënverbruik en het tellen van stappen; allemaal technieken die uit de topsport komen. Als je niet gezond, slank en lenig bent, ben je niet flexibel inzetbaar en raak je misschien je contract kwijt, zoals een voetballer zijn club. Of je een sportliefhebber bent, doet er niet meer toe. Wij leven in een sportcultuur."

Huijer: "Volgens mij zijn ook de andere antropotechnieken, trainingsprogramma's die Sloterdijk noemt, zoals kunst, religie en wetenschap, nog steeds volop in leven. Ik heb persoonlijk en filosofisch minder met topsport dan met de alledaagse sportvelden waar kinderen of volwassenen elkaar ontmoeten en vriendschappelijk met elkaar in competitie gaan. In de sport leer je je lichaam kennen zonder dat je daar apparaten voor nodig hebt. Je ervaart het plezier van samen in beweging zijn. Daardoor raak je emotioneel aan elkaar verbonden.

"De sportkijker doet daar vaak niet aan, die zondert zich af op zijn bank en vervreemdt zich daarmee in de slechtste gevallen zelfs nog eens extra van zijn omgeving. Dat heeft niets meer met de kernwaarden van sport te maken, maar is puur een overgave aan vermaak. Die wordt door de enorme commerciële dominantie van de topsport maximaal aangewakkerd en uitgevent. Ik zou zeggen: kom van die bank af en doe het zelf! Niet in je eentje, dat is veel te moeilijk vol te houden. Discipline moet je uitbesteden; wie samen gaat sporten verslaat meteen de eenkennige bankzitter in zichzelf."

In het Filosofisch Elftal analyseren twee denkers een actuele vraag.

Lees ook: 'Hoe krijg ik mijn man weg bij de tv deze sportzomer?'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden