Spoedoverleg met Groenendaal leidt tot perfecte samenwerking

MONTREUIL (ANP) - Zelfs in de chaos na de finish liet Adrianus van der Poel (36) zich niet gek maken. Dolgedraaide suppoosten trokken en sjorden aan de nieuwe wereldkampioen veldrijden. Met alle geweld wilden ze oude rot naar het erepodium slepen.

De opgewonden standjes, met vuurspuwende ogen en het schuim op de mond, moesten zich echter laten welgevallen dat de Brabander eerst zijn zoontje Mathieu uitgebreid knuffelde. Traantjes stonden in de oogjes van de één jaar oude peuter, die niet heeft beseft welk historisch moment zijn vader in de straten van Montreuil beleefde.

Van der Poel zelf was er wel degelijk van doordrongen. Eindelijk, na tien jaar vergeefs jagen op de wereldtitel veldrijden, greep hij het goud. Vijf tweede plaatsen leverden hem de minder vleiende bijnaam van “Poepoelidor” op, een variant op “Poupou”, het synoniem voor zijn schoonvader Raymond Poulidor, de eeuwige tweede in de jaren vijftig en zestig. Van der Poel verloste zichzelf van het vervelende imago, van de besmette 'zilveren' glans. Op een dag dat hij, zoals hij hetzelf omschreef, super was, schitterde het goud op zijn gloednieuwe regenboogtrui.

In de finale gaf hij de Italianen Daniele Pontoni en Luca Bramati in de sprint geen schijn van kans gaf. De vreugdekreten en het gezwaai met zijn armen waren de ultieme ontlading van een sportman die eindelijk het dikverdiende loon naar werken kreeg. Was hij blij als een kind, een jongen of als een gelouterd beroepsrenner?

“Wie zou niet blij zijn als hij de wereldtitel verovert”, reageerde Van der Poel nuchter. “Dit is hartstikke mooi. Het verschil met al die mislukte pogingen? Twee procent. Vandaag was het 101 procent, al die andere keren 99 procent. De dagen vooraf en gaandeweg de koers voelde ik dat het eigenlijk niet mis kon. Je kunt beter laat dan nooit wereldkampioen worden”, trapte hij een open deur in.

De dagen voor het WK bleek de saamhorigheid binnen de Nederlandse ploeg niet van die goede aard te zijn zoals bondscoach Martin van Dijk steeds had gepredikt. Groenendaal luchtte vorige week vrijdag zijn hart en noemde Van der Poel een egoïst. De twaalf jaar jongere zoon van Reinier Groenendaal verweet “Poeleke” tegen hem te koersen. Vrijdagavond nog riep Van der Poel Groenendaal op zijn kamer en zaterdagavond sprak ook Jan Raas met de twee renners uit zijn Rabobankploeg.

“Het was niet verstandig van hem zijn problemen naar buiten te brengen. Hij had rechtstreeks naar mij toe moeten komen. Hij weet toch dat ik me altijd professioneel opstel. En mijn mentaliteit is nu eenmaal dat ik altijd wil winnen. Maar Richard is Richard, een goede coureur”, zei Van der Poel. “Vroeger in de begintijd was ik ook wel eens zo. Zaterdag hebben we de zaken doorgesproken met de grote baas, Jan Raas. Even maar. Het was duidelijk dat we zeker niet tegen elkaar moesten koersen.”

En dat gebeurde op het iets meer dan drie kilometer lange traject ook niet. Het gezonde verstand zegevierde. De favorieten domineerden de koers op het vrij snelle parkoers. Bramati, Pontoni, Magnien, Groenendaal, Van der Poel, Chiotti, Runkel, Djernis en in een later stadium Vervecken regisseerden de wedstrijd. De eerste serieuze ontsnapping kwam op naam van Groenendaal. In de zevende ronde sloeg hij een gat.

Van der Poel kwam die vlucht goed uit. “Het was voor mij een ideaal moment. De Italianen en de Fransen moesten de kloof zien te overbruggen. Ik kon mijn benen stilhouden”, zei Van der Poel. “De verstandhouding was goed, want Richard en ik hebben beurtelings gedemarreerd, maar Pontoni en Bramati kwamen telkens op kop rijden. Om het tempo te drukken. Bang op te branden.”

De samenwerking tussen Van der Poel en Groenendaal was bewonderenswaardig. De wereldkampioen liet dat na afloop ook duidelijk merken toen hij zijn jongere collega omstandig bedankte. Het was ook Groenendaal die in de laatste ronde het beslissende gat liet vallen toen Van der Poel op een punt waar niemand het verwachtte de beslissende demarrage plaatste. Op een deel waar gelopen diende te worden. Bepaald niet de specialiteit van Van der Poel. Bij de laatste materiaalpost nam hij een fiets met hogere bandenspanning. Voor de sprint. Bramati en Pontoni waren kansloos.

Heeft hij nu al zijn doelen bereikt? Nee, liet de eerzuchtige veteraan weten. Parijs-Roubaix staat rood omkaderd in zijn agenda. Daarna gaat hij zeker met pensioen? “Ho, ho, ik zeg niet dat het afgelopen is. Maar ik ga dit seizoen geen gekke dingen op de weg doen. Volgende week hebben we nog de laatste Super-Prestigewedstrijd in Harnes. Dan ga ik met vakantie”, vertelde Van der Poel. “Ik rijd de Tirreno-Adriatico en Milaan-SanRemo. De Driedaagse van de Panne als voorbereiding op de Ronde van Vlaanderen en Baskenland met het oog op Parijs-Roubaix. En dan ga ik het rustiger aan doen. Want ik wil in de komende winter een waardig wereldkampioen zijn.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden