Spitsspeler Melkert wil helemaal niet scoren

DEN HAAG - De weldoener kreeg de voorzet in de voeten aangespeeld, maar hield zijn aanhang voor dat hij zich deze middag als een niet scorende spits zou manifesteren. Hij stond zijn mannetje, sober en gedegen, maar keerde na de hervatting niet terug. Ongemerkt glipte hij de kleedkamer binnen, hij vroeg niet om een publiekswissel.

Ad Melkert, minister van sociale zaken en werkgelegenheid, schijnt het vleesgeworden axioma te zijn geworden waar het gaat om het oplossen van knelpunten op de arbeidsmarkt. Met de vorig jaar november gepresenteerde, maar nog niet bediscussieerde interdepartementale sportnota van staatssectaris Terpstra in de hand, waren tal van wethouders en gemeenteraadsleden op de PvdA-conferentie 'Sport Lokaal' afgekomen. In de hoop opgetogen naar huis te kunnen gaan; alsof hun cluppie een fantastische wedstrijd had gespeeld. In het supporterscafé zouden ze opnieuw opgewonden raken van al die fraaie Melkertbanen, die de sport in één klap van al haar kaderproblemen af zouden helpen.

Maar zo werkt het niet. Geduldig legde de minister uit wat de lokale bestuurders al hadden kunnen weten: de regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen (in de volksmond Melkert 1) zijn structurele, dus kabinet-overschrijdende arbeidsplaatsen voor de onderkant van de samenleving. Sportverenigingen kunnen er op het eerste gezicht weinig mee, omdat ze geen gesubsidieerde instellingen zijn. Tenzij ze over een gemeentelijke accommodatie beschikken, dan gaat de regeling wel weer op. Een Melkertbaan mag uiteraard geen bestaande functie verdringen. Onderhoudswerkzaamheden passen heel goed in het raamwerk, sporttechnisch kader (dat trouwens te hoog is gekwalificeerd) kan niet weer niet via de Melkert-constructie worden betrokken.

Als de minister al scoorde, dan was het in de herhaling. De spits had zich vooral een dienende functie toegeëigend. Geen smaakmakende dus, wel één die anderen beter moest laten spelen. Creëer in elke gemeente een adviespunt, waar adequate informatie verkregen kan worden en iemand in staat is alle vragen over werkgelegenheidsbevorderende regelingen te beantwoorden, adviseerde hij. Maak duidelijk hoe het werkgeverschap ingevuld kan worden. “Want de kleine vereniging heeft een broertje dood aan allerlei regelingen.” Waarna de voorzitter van de Koninklijke HFC uit Haarlem opstond om kond te doen van de creatie van een boventallige Melkert 1-baan. Het feitelijke werkgeverschap wordt bekleed door de Sportservice Noord-Holland. Saillant detail: de voorzitter is directeur van die instelling. Hij kent de weg en weet ook dat gegadigden voor zo'n baan weliswaar in één van de 79 Melkert-gemeenten moeten wonen, maar wel elders aan de slag mogen.

De Melkertbanen zijn uiteraard niet in het leven geroepen om de sport van al haar noden te verlossen. In het gebouw van de Tweede Kamer werd ook gistermiddag de klassieke denkfout gemaakt dat de bal bij de landelijke overheid ligt. Terpstra snijdt uit het taartje van 45,6 miljoen een veel te groot stuk af voor de topsport - zo luidt de jammerklacht - terwijl in feite de gemeenten het sportbudget (ruim één miljard) beheren. In de 'sportnota' maakt ze die gedachtenfout ook, vindt Joop Worrell, lange tijd sportspecialist in het parlement, thans burgemeester van Woudrichem. “De nota stelt de gemeenten te weinig centraal, terwijl daar het primaat ligt.” In kerntakendiscussies (zeg maar: bezuinigingsoperaties, vaak ingegeven door een herverdeling van middelen uit het gemeentefonds) en de drang naar privatisering is de sport al gauw het barbertje dat moet hangen. Vervolgens priemt de verwijtende vinger richting Den Haag en schreeuwt men moord en brand over de bewegingsarmoede bij de (oudere) jeugd.

“Gemeenten moeten kijken naar hun eigen middelen,” hield kamerlid Mieke Sterk, de initiatiefnemer van de conferentie, de geachte afgevaardigden voor. Dat argument wordt nog versterkt zodra - op 1 januari 1998 - de wet inschakeling werkzoekenden van kracht is. Iedere gemeente beschikt dan over een werkfonds (waarin onder andere de gelden van het jeugdwerkgarantieplan zitten) teneinde werkervaringsplekken te scheppen. In de visie van burgemeester Worrell ligt er nu al een niet te missen kans: “De wethouders moeten er voor zorgen dat de sport op de politieke agenda komt te staan. Gemeenteraadsleden en wethouders roepen wel dat ze in sport zijn geïnteresseerd, maar dat geldt slechts de uitvoering, en niet het beleid. Het is een bloody shame dat een gemeente een sporthal bouwt en vervolgens de rekening voor de extra kosten in de vorm van tariefsverhogingen bij de clubs neerlegt. Dan moet je geen sporthal bouwen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden