Column

Spionagediensten zijn net losgeslagen wilde olifanten. Wie stopt ze?

Een demonstrant verkleed als de Amerikaanse president Barack Obama in Berlijn.Beeld epa

Maar iedereen doet het, roepen de inlichtingbazen, en het is van alle tijden. Bovendien: al dat afluisteren is alleen voor jullie eigen bestwil.

Helemaal ongelijk hebben ze niet. Er bestaat een onderwereld van spionage en contraspionage, waarin het spel van internationale betrekkingen heel anders wordt gespeeld dan in de bovenwereld van de topontmoetingen en staatsbezoeken. En omdat die wereld nu eenmaal bestaat - het is jammer, maar niet iedereen heeft goede bedoelingen - moet je het spel meespelen als je niet het onderspit wilt delven. Vrijheid en democratie moeten worden verdedigd, anders weten agressieve despoten en radicale terroristen er wel raad mee.

Het levert ook nog eens bloedstollende verhalen op, echt gebeurd, met ingrediënten als afluisterende teddyberen en besmettelijke usb-sticks en soms wel heel ingenieuze plots: zo runde onze BVD ooit een eigen 'Marxistisch-leninistische partij van Nederland' waar China nietsvermoedend aan meebetaalde.

'Basistaken'
Erg tot de verbeelding sprekend allemaal, maar ook erg riskant: gevoed door het idee dat er voor hen geen wetten gelden, hebben spionagediensten de natuurlijke neiging alles te verzamelen wat er te verzamelen valt en nooit te stoppen. James Clapper, de chef van de Amerikaanse inlichtingendiensten, zei deze week dat het achterhalen van de werkelijke bedoelingen van internationale leiders behoort tot de 'basistaken' van zijn werk en dat van zijn buitenlandse collega's. Vandaar het afluisteren van Merkels mobieltje.

De opwinding daarover vond hij hypocriet: iedereen doet het, het is van alle tijden. En als Merkel mag worden afgeluisterd, dan haar burgers des te meer, net als alle andere Europeanen en - maar houd dat een beetje stil - de Amerikanen.

Dat Clapper geen enkele blijk gaf van zelfstandig moreel denken, net zo min als NSA-topman Keith Alexander, hoeft geen verwondering te wekken. Zij zijn de bloedhonden van het veiligheidsapparaat, vergelijkbaar met de handelaren van de Rabo: als niemand hen in de gaten houdt, volgen ze blind de mores van hun vak: iedereen doet het, het is van alle tijden.

Wilde olifanten
Het is aan de politiek om heel duidelijk te bepalen welke grenzen inlichtingendiensten in acht moeten nemen, anders gaan ze gewoon door. En omdat het hun instinct is de burger te beschouwen als een gevaar voor de staat - in plaats van andersom - vormen ze in potentie altijd een bedreiging voor de democratie die ze claimen te beschermen.

Dit is geen nieuw inzicht, en ook geen revolutionaire opvatting. De Amerikaanse senator Frank Church vergeleek de veiligheidsdiensten in 1975 al met 'losgeslagen wilde olifanten'. Church was voorzitter van de senaatscommissie die moest onderzoeken hoe CIA, FBI en NSA verzeild waren geraakt in clandestiene operaties - inclusief liquidatiepogingen - binnen en buiten de Verenigde Staten.

Dankzij Frank Church werden de inlichtingendiensten onder toezicht van het parlement gesteld, tot chagrijn van de spionnen en hun politieke vrienden, vooral ter rechterzijde. Zij haalden na de aanslagen van nine eleven hun gram door de diensten weer ruim baan te geven. Dat begon onder Bush, maar is onder Obama doorgegaan. Met als resultaat een 'achitectuur van onderdrukking', zoals klokkeluider Edward Snowden het noemt.

Het moment is gekomen om die architectuur af te breken, ook als nog niet werkelijk sprake is van onderdrukking. Iemand moet de wilde olifanten stoppen. Ik zou zeggen: Obama, yes you can.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden