Spinoza had óók gevoelens

Omdat we zo weinig weten over Spinoza, krijgen bekende anekdoten veel aandacht. Zoals die over het hemelbed waarin hij werd geboren én stierf

Over het leven van de Nederlandse filosoof Spinoza is weinig bekend. In een artikel uit het tijdschrift Filosofie uit 2000 somt Piet Steenbakkers de bekende feiten op.

Benedictus (Baruch, Bento) de Spinoza werd op 24 november 1632 in Amsterdam geboren als zoon van Michael d'Espinoza en diens tweede vrouw Hanna Debora. Zijn ouders waren Portugese Joden die de genadeloze Jodenvervolgingen in hun land ontvlucht waren. Spinoza werd opgevoed in het Portugees, maar leerde ook Spaans, Hebreeuws en Nederlands. Latijn leerde hij later, op de privéschool van de ex-jezuïet Franciscus van den Enden. Al vroeg kwam Spinoza in aanvaring met de Amsterdamse rabbijnen. Wellicht had dat te maken met zijn ideeën over de Thora, zijn kritiek op de joodse rituelen en zijn godsopvatting, maar mogelijk speelden ook financiële perikelen een rol. Op 27 juli 1656 werd over hem een banvloek uitgesproken: geen enkel lid van de Joodse gemeenschap mocht nog met hem omgaan. Na de ban bleef Spinoza in Amsterdam wonen, maar in 1661 verhuisde hij naar Rijnsburg bij Leiden, waar hij contacten onderhield met de zogenoemde collegianten, een groep van dissidente protestanten. In 1663 verhuisde hij naar Voorburg en rond 1670 naar Den Haag, waar hij op twee verschillende adressen woonde. Al die tijd voorzag hij in zijn levensonderhoud door het slijpen van lenzen, terwijl hij schreef aan zijn filosofisch oeuvre. Het grote werk van Spinoza dat nog tijdens zijn leven verscheen, maar dan anoniem, was de 'Tractatus theologico-politicus'. Zijn andere grote werk, de 'Ethica', verscheen pas na zijn dood, in de 'Opera Posthuma', die door zijn vrienden werden uitgegeven.

Zijn het de vele witte bladzijden in Spinoza's leven die schrijvers ertoe verleiden een roman aan hem te wijden, waarin ze dan naar hartelust hun fantasie de vrije loop kunnen laten? Of is het Spinoza's obsessie met de rede die hedendaagse romanschrijvers uitdaagt om de vraag te stellen 'of de filosoof dan zelf geen passies kende'?

Dat laatste lijkt in elk geval het uitgangspunt van maar liefst twee romans die de laatste jaren over Spinoza zijn geschreven: 'Het raadsel Spinoza' van Irvin D. Yalom uit 2012 en 'Het web van Spinoza' van Goce Smilevski, dat zopas is verschenen.

Natuurlijk, beide boeken presenteren zich nadrukkelijk als romans, zowel Yalom als Smilevski hebben hard nagedacht over een romanconcept. Yalom bedacht de 'truc' om passages over Spinoza af te wisselen met hoofdstukken over nazi-ideoloog Rosenberg (die zou zich geen raad hebben geweten met het gegeven dat de grote Spinoza een Jood was) - een kwestie die we hier buiten beschouwing laten. Smilevski's huzarenstukje bestaat erin dat hij achtereenvolgens hetzelfde verhaal twee keer vertelt, een keer vanuit het standpunt van de 'redelijke Spinoza' en een keer vanuit het standpunt van een Spinoza die hoegenaamd niet vrij is van passies.

Beide schrijvers passen bekende procedé's van het genre van de historische (ideeën)roman toe. Zo hebben ze veel aandacht voor details die historisch zeker zijn. Niet toevallig krijgt het hemelbed waarin Spinoza geboren werd en stierf - een van de weinige stukken huisraad die hij 'echt' meenam na de banvloek - in beide romans haast mythische proporties. Daarnaast formuleren ze dialogen die zo waarschijnlijk mogelijk zijn, en die zoveel mogelijk filosofische gedachten ontsluiten.

Dat laatste komt de geloofwaardigheid van de roman niet altijd ten goede. Sommige passages doen denken aan een filosofiecursus die is opgehangen aan een verhaaltje. In 'De wereld van Sofie' van Jostein Gaarder vraagt het meisje telkens weer: 'Hoe zit het dan met?', waarop prompt een filosofisch discours volgt.

Net zo duiken ook in deze Spinozaromans allerlei figuren op die vragen stellen aan de filosoof, waarop Spinoza dan een omstandig filosofisch antwoord formuleert. En hoewel die kunstgreep wellicht onvermijdelijk is in een roman over een filosoof, leidt hij geregeld tot drammerige passages die niet bepaald tot verder lezen uitnodigen.

Natuurlijk, dit procedé levert wel wat kennis op. Bij Yalom kom je op die manier veel te weten over de Amsterdamse Joden in de zeventiende eeuw en over Spinoza's meer 'behapbare' ideeën over godsdienst en politiek. Smilevski speelt een divisie hoger en brengt de hele ingewikkelde metafysica van Spinoza in stelling, inclusief 'oneindige substantie, eeuwige attributen en zowel oneindige als eindige modi'.

Beide auteurs verklaren expliciet dat ze hebben willen schrijven over 'de eenzaamheid' van Spinoza. Yalom is gefascineerd door het gegeven dat Spinoza buiten de gemeenschap werd gezet. Hij fantaseert over diens verlangen naar de verloren groep, al durft hij als psychiater ook verder te gaan.

Zo neemt hij aan dat de dood van zijn moeder Spinoza dermate heeft geraakt dat hij de filosoof laat beweren: "Ik ben vastbesloten om in de toekomst diepgaande gehechtheden uit de weg te gaan". Ook denkt Yaloms Spinoza 's nachts vaak aan zijn vriend Franco en wordt hij geplaagd door "de nachtelijke zaadvloed die zo vaak zijn beddengoed bevlekte".

Een vergelijkbare interpretatie van de dood van de moeder, vinden we bij Smilevski: "Nu echter weet ik dat ik mijn hele leven werd achtervolgd door het verdriet om het onherstelbare verlies van mijn moeder." Maar Smilevski gaat nog veel verder. Hij suggereert zowaar dat 'zijn personage' necrofiele neigingen had, een interpretatie die zo overdreven is dat ze haast belachelijk klinkt: "Zo kwam het dat mijn fantasie in de jaren dat ik van kind tot jongeman opgroeide, door dode lichamen werd bevolkt. Ook al wilde ik dat niet bewust, toch fantaseerde ik hoe ik hun verkilde kruis beroerde."

Smilevski wil de filosoof van de rede als het ware dwingen te erkennen dat de tijdelijkheid ook haar rechten heeft, wat tot uitdrukking komt in de steeds herhaalde mantra: "Hoe anders zou je leven zijn geweest als je maar had willen erkennen dat je wel degelijk met je zintuigen dingen had kunnen onderzoeken".

Vermoedelijk kunnen beide romans lezers oproepen zich in het werk van Spinoza te verdiepen. Dat is op zichzelf een verdienste, al kun je je tegelijkertijd afvragen voor welk publiek ze zijn bedoeld. Voor de filosofische leek is Smilevski te ingewikkeld, voor de afgestudeerde filosoof soms te schools, soms te interpretatief. Yalom komt dan weer te naïef belerend over. Ook rijst de vraag of de verregaande interpretaties van het innerlijke leven van de filosoof diens werk niet te zeer banaliseert. Feit is dat Spinoza zelf in zijn 'Ethica' diep heeft nagedacht over de affecten, zodat Smilevski's - en deels ook Yaloms - toedracht dat de filosoof er goed aan zou hebben gedaan om zich wat meer met het zintuiglijke bezig te houden klinkklare nonsens is.

Ook de gedeelde aandacht van beide auteurs voor 'eenzaamheid' en 'gebrek aan hartstocht' is bizar. Ten eerste blijkt uit de romans zelf dat de filosoof werd omringd door zielsverwanten, wat de stelling van de grote eenzaamheid ondergraaft. Bovendien doet de overmatige nadruk op individuele emotie uiterst twintigste-eeuws aan, wat beide boeken enigszins anachronistisch maakt. In zijn nawoord schrijft Smilevski: "De Spinoza die in deze roman leeft is niet minder werkelijk dan de Spinoza die leefde tussen 1632 en 1677". Met een beetje overdrijving zou je dan ook kunnen stellen dat deze boeken helemaal niet over de zeventiende-eeuwse filosoof gaan, maar dat ze een opvoering zijn van iets anders: de hoogstpersoonlijke Spinoza van Irvin Yalom en Goce Smilevski.

Irvin D. Yalom: Het raadsel Spinoza (The Spinoza Problem). Vertaald door Miebeth van Horn. Balans, Amsterdam; 432 blz. euro 19,95

Goce Smilevski: Het web van Spinoza. Uit het Macedonisch vertaald door Roel Schuyt. Anthos, Amsterdam; 167 blz. euro 18,95

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden