Spellen (z)onder controle

Staatssecretaris Dekker wil bij het eindexamen Nederlands spellingcontrole toch toestaan voor leerlingen met dyslexie. Is dat eerlijk?

Zelden haalde staatssecretaris Sander Dekker van onderwijs zich onverwacht zoveel woede op de hals als de afgelopen twee weken. Uit de examenrichtlijnen bleek dat ook leerlingen met dyslexie puntenaftrek zouden krijgen als zij spelfouten maken bij de beantwoording van vragen bij het examen Nederlands. Maximaal één punt op het eindcijfer van havisten en vwo'ers, en een half punt bij vmbo. Onbegrijpelijk, vonden ouders, leerlingen en Tweede Kamerleden. Je laat een leerling in een rolstoel toch ook niet over de bok springen bij gym? En slechtzienden hoeven hun bril toch ook niet af te zetten bij het maken van hun examens?

In anderhalve week tekenden bijna 38.000 mensen een petitie van oudervereniging Balans en het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (Laks): dyslectische leerlingen zouden zonder puntverlies spellingcontrole moeten kunnen gebruiken. Vandaag wordt die aangeboden.

Tot en met 2014 telde spelling gewoon mee bij het examen Nederlands. Een van de onderdelen was het samenvatten van een tekst. Maakten leerlingen daarbij spelfouten, dan kregen ze aftrek. Vorig jaar verviel de samenvatting in het examen, en daarmee ook de aftrek voor spelfouten. Raar, vonden Tweede Kamerleden afgelopen zomer: spelling is belangrijk en hoort in het examen.

Omdat alle leerlingen onder dezelfde omstandigheden hetzelfde examen moeten maken volgens het College voor toetsen en examens (Cvte), gold dat ook voor dyslectische leerlingen, meende het Cvte: "Als een leerling met onderdelen van de examenstof moeite heeft, dan kost hem dat punten. Spelling is daarop geen uitzondering."

Daarvan kwam Dekker na de ophef eind vorige week terug: in ieder geval dit jaar mogen dyslectische leerlingen wat hem betreft toch spellingcontrole gebruiken, zonder dat zij puntenaftrek krijgen. Maken ze alsnog fouten, dan worden die wel bestraft.

Is dat rechtvaardig? Moet de ene leerling beter zijn best doen om foutloos te spellen dan de andere? Of is goed kunnen spellen overbodig geworden in het digitale tijdperk?

Dyslexie is een handicap en dus mag je leerlingen er niet op afrekenen, stelt Joli Luijckx van Balans. Spellingcontrole zorgt ervoor deze leerlingen kunnen laten zien wat ze in hun mars hebben. "Als ze zich heel erg moeten concentreren op spelling, gaat de energie niet meer naar de inhoud." Bovendien halen spellingprogramma's lang niet alle fouten uit een tekst, zeker de grammaticale niet. "De meeste van deze kinderen kunnen de regels over dee'tjes en tee'tjes wel leren, al kost ze dat veel moeite. We willen gewoon dat een hulpmiddel dat ze in het dagelijks leven áltijd gebruiken wordt toegestaan bij het examen."

Bizar, vindt Presley Bergen van Beter Onderwijs Nederland (BON). "Een spellingcontrole voor dyslecten is niet hetzelfde als een bril voor slechtzienden. Dat is een drogreden. Die bril beïnvloedt de inhoud van het examen niet, spellinghulp wel", zegt de neerlandicus en hbo-docent. "Om piloot te worden mag je geen bril hebben. Dan ga je ook niet de eisen veranderen."

Bergen verbaast zich over het gemak waarmee naar zijn idee 'concessies worden gedaan aan de kwaliteit' van het eindexamen. "We moeten niet denken vanuit compassie maar vanuit de prestatie, vanuit het resultaat dat je wilt afleveren." Ja, leerlingen met een beperking of stoornis hebben recht op onderwijs, maar niet op hetzelfde diploma - tenzij ze dezelfde prestatie leveren, vindt hij. Anders is het tegenover de reguliere leerlingen niet fair.

Bij het examen Nederlands krijg je maximaal één punt aftrek voor spelling. Dus zonder de spellingscontrole kunnen dyslectici nog altijd een negen halen, zegt Bergen. "Maar dat is tegenover hen die slecht spellen eveneens oneerlijk. Die mogen de spellingcontrole niet gebruiken. Eigenlijk is het een lachertje. Met tientallen spelfouten in je examen kun je dan nog steeds die negen halen. Een bèta met dyslexie kan gewoon naar de universiteit."

Dat je voor het huidige examen Nederlands 'gewoon een negen kunt halen' wil leraar Nederlands Arnoud Kuijpers bestrijden. Zelfs docenten halen geen tien, stelt de 28-jarige docent, vorig jaar uitgeroepen tot leraar Nederlands van het jaar. Al ligt dat volgens hem vooral aan de kwaliteit en inhoud van het huidige examen. "In de praktijk halen veel doorsnee leerlingen voor het huidige centraal examen met moeite een voldoende. Mijn beste leerling vorig jaar - cum laude geslaagd - sprokkelde slechts een 7,5 bij elkaar. Dan is één punt aftrek voor dyslecten wel veel."

Excuus

Dat leerlingen met dyslexie een flinke kluif hebben aan zijn vak, weet Kuijpers. "Maar sommigen gebruiken het als excuus. Die komen aan het begin van het jaar binnen met de mededeling: meneer, ik kan geen spelling. Dat is niet waar, er zijn trucjes waarmee ook zij kunnen leren dat je 'ik word' zonder t schrijft."

Kuijpers vindt de discussie over hulpmiddelen voor dyslectische leerlingen ingewikkeld. Taal is veranderlijk, meent hij, dus spelling ook. Maar kennis van spelling en grammatica is belangrijk om serieus genomen te worden.

Bovendien vreest Kuijpers dat als leerlingen een spellingcontrole mogen gebruiken, zij zich helemaal niets meer zullen aantrekken van spelling. "Dat zag je afgelopen jaar bij het havo-examen, toen spelfouten niet voor puntenaftrek zorgden. Het was een slagveld bij het nakijken. Ik schaamde me dood toen ik de boel naar de tweede corrector moest sturen."

Die opmerking is tegen het zere been van Klaas Heemskerk van de sectie Nederlands van de Vereniging Levende Talen. "Leerlingen gaan echt niet expres fouten maken. Dan neem je ze niet serieus. Als ze zoveel fouten maken moet je beter lesgeven", fulmineert hij.

Spelling zou wat hem betreft helemaal niet moeten meetellen bij het examen, voor geen enkele leerling. "Dit examen toetst leesvaardigheid, het is compleet waanzinnig daar spelling in mee te nemen." Spelling moet je toetsen bij een schrijfopdracht, niet bij begrijpend lezen."

En bij zo'n schrijftoets mag je best een spellingcontrole gebruiken, vindt hij. "Dat doen we toch allemaal? We maken allemaal dt-fouten als we een tekst schrijven, omdat het ontzettend moeilijk is om tegelijkertijd met inhoud en vorm bezig te zijn. Er is sprake van een overwaardering voor spelling. Goed kunnen spellen zegt niks over taalvaardigheid."

Heemskerk krijgt bijval van hoogleraar onderwijskunde Peter de Jong, tevens voorzitter van de Stichting Dyslexie Nederland. "Correcte spelling is prettig, maar foutloos schrijven is niet nodig voor schriftelijke communicatie. Schrijfvaardigheid is je kunnen uitdrukken, een betoog kunnen opbouwen. Spelfouten zijn relatief onbelangrijk."

Niet dat De Jong spelling totale onzin vindt. "Maar sommige mensen zullen het nooit leren. En in het dagelijks leven of bij een vervolgopleiding zullen zij altijd een spellingcontrole gebruiken." De vraag is dus, stelt De Jong, hóe belangrijk je spelling vindt en of het dan in het eindexamen thuishoort. "Wil je spelling daadwerkelijk toetsen dan moet je dat doen met een apart dictee, in plaats van het te vervlechten met een leesexamen."

Dat ziet Bergen van BON anders. "Spelling is een afspraak om elkaar op afstand te kunnen begrijpen. Formuleren en spellen gaan samen, als je een tekst wilt schrijven die ook wordt geaccepteerd. Ik gebruik zelf ook spellingcontrole als ik schrijf, hoor. Maar daarvoor moet je eerst kunnen spellen. Het is een middel om slordigheden op te sporen, geen vervanging."

Waar Bergen, Kuijpers, Heemskerk en De Jong elkaar wél in kunnen vinden is hun gezamenlijke afkeer van het huidige eindexamen Nederlands. Dat zou niet om leesvaardigheid moeten draaien, maar om schrijfvaardigheid. Met of zonder spelfouten.

Leerlingen met dyslexie

Dyslexie is een grotendeels erfelijke stoornis. Mensen met dyslexie hebben grote moeite met lezen, spellen en schrijven, terwijl hun werk- en denkniveau 'normaal' is. De integratie van letters en spraakklanken loopt niet goed in hun hersenen.

Zo'n vijf procent van de leerlingen in het basisonderwijs kampt met dyslexie, volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Opmerkelijk genoeg steeg het aantal leerlingen dat examen doet met een dyslexieverklaring - en dus op een aangepaste manier examen mag doen, meestal op de computer - volgens de onderwijsinspectie van 1,6 procent in 2007 naar 10,5 procent in 2015. Staatssecretaris Sander Dekker van onderwijs vindt dit 'een zeer zorgelijke ontwikkeling, die om nadere actie vraagt', schreef hij vorige week aan de Tweede Kamer. De bewindsman heeft beloofd de volksvertegenwoordigers daarover binnenkort te informeren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden