Specialisten worden ondernemers

Nijmeegs Wilhelmina Canisius kiest als eerste ziekenhuis voor supermaatschap

De artsen in het Nijmeegse Wilhelmina Canisius Ziekenhuis gaan volgend jaar verder in een 'Medisch Specialistisch Bedrijf', ook wel 'supermaatschap' genoemd. Het Wilhelmina Canisius heeft als eerste ziekenhuis van de Belastingdienst toestemming gekregen voor deze constructie.

Alle ziekenhuizen moeten van de fiscus artsen die nu nog in een zelfstandige maatschap werken uiterlijk begin volgend jaar onderbrengen in loondienst of in een van de twee zelfstandige varianten. Dat zijn het Medisch Specialistisch Bedrijf, dat de oude situatie van maatschappen het meest benadert, of het 'participatiemodel', waarin artsen een (minderheids-)belang krijgen in het ziekenhuis.

De ongeveer honderd Nijmeegse specialisten kunnen kiezen voor ondernemerschap in het medisch bedrijf, of om bij dat bedrijf in loondienst te komen - van hun collega's dus. "Op die manier laten wij onze artsen zelf de keuze", zegt bestuurder Gosse van der Veen van het Wilhelmina Canisius.

Anders dan in de oude maatschap lopen de nieuwe arts-ondernemers meer risico: zo zijn ze direct verantwoordelijk wanneer de kosten voor personeel uit de klauwen lopen. Keerzijde is dat ze, wanneer ze goed op die kosten letten, hun eigen inkomen juist kunnen vergroten. De verdergaande participatievariant, waarin specialisten een klein aandeel in het ziekenhuis nemen en zo via bijvoorbeeld dividend een deel van de winst kunnen krijgen, ging zowel het Nijmeegs ziekenhuis als de specialisten te ver. Van der Veen: "Wij vonden dat te ingewikkeld worden, met veel nieuw overleg erbij".

Volgens de Orde van Medisch Specialisten hebben nog maar 29 van de bijna honderd ziekenhuizen inmiddels een plan bij de Belastingdienst ingediend. De deadline daarvoor verstreek deze week; de fiscus garandeerde tot woensdag ingediende voorstellen al dit jaar te beoordelen. Onder de al ingediende plannen is het medisch bedrijf favoriet. Veel specialisten vinden aandelen in het ziekenhuis te ver gaan.

Een groot deel van de ziekenhuizen onderhandelt nog met de eigen artsen. Patiënten zullen in eerste instantie weinig merken van de nieuwe structuren.

Ziekenhuisbestuurder Van der Veen weet nog niet hoeveel van zijn artsen ondernemer worden en hoeveel kiezen voor loondienst. "Daarvoor moet men zich vanaf nu melden."

De nieuwe fiscale regeling zorgt onder specialisten voor onzekerheid over het inkomen. Maar hoeveel Nijmeegse artsen volgend jaar 'de zeilboot moeten verkopen' weet Van der Veen niet. "Als dat al moet gebeuren, heeft dat vast andere oorzaken."

Weinig animo voor overgang loondienst

Vier op de tien medisch specialisten in niet-academische ziekenhuizen werken nu in een maatschap. Bij deze artsen is de belangstelling voor een overgang naar loondienst voorlopig gering. En dat ondanks een premie van een ton van de overheid om het verlies van hun zogeheten 'goodwill' deels te compenseren. Dat klinkt als een aardig bedrag, maar de gemiddelde goodwill wordt aanzienlijk hoger geschat. Bovendien komen zowel jonge als de oudste specialisten niet in aanmerking voor deze subsidie. Loondienst is bovendien een onzekere situatie, want dan kunnen specialisten onder allerlei regels komen te vallen, bijvoorbeeld voor topinkomens. Voorlopig mogen topartsen nog meer dan 220.000 euro per jaar verdienen, maar vanaf 2017 mogen ze niet meer verdienen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden