Soms zijn kunstenaars grote uilskuikens, net als gewone mensen

Samen met een vriendin ging ik naar binnen: 'We are here' stond nog op de binnenkant van de deur geschreven. Maar we wisten al dat we geen vluchtelingen zouden treffen in de kerk, die vorig jaar rond deze tijd bekend werd als 'de vluchtkerk'.

"Het ruikt nog hetzelfde", zei ik toen we de hal in liepen. "Een mix van drank en muffigheid." En we openden de deur. Twee danseressen, op het eerste gezicht naakt, en op het tweede gezicht met huidskleurig ondergoed aan, maakten bewegingen die deden lijken alsof ze in een soort trance verkeerden. Ze kronkelden op de muziek, om en langs elkaar. Het klonk mooi, dat gegalm in dit lege gebouw, maar de dans zelf leek tamelijk nietszeggend en voelde daardoor storend in dit monument. Misschien was dat ook wel de bedoeling.

We liepen naar de voorkant. Naar de rechterhoek waar de vrouwen sliepen. Er stond een grote elektrische kachel die warme lucht de ruimte in blies. En op een paar meter afstand, in de oude 'slaapkamer', zagen we een op en neer huppend meisje dat ons vertelde dat ze straks moest dansen, maar dat ze zo'n last had van de kou. Toen hier nog 200 mensen woonden stonden nergens elektrische kachels, dacht ik.

Even verderop een nis met daarin op de grond een matras met een vieze slaapzak eroverheen gedrapeerd. "Ha, iemand die íets met de geschiedenis van het pand heeft gedaan,... of toch niet?" Er waren twee vage, smoezelige foto's boven het matras tegen de muur aan geplakt. Op beide zag je dat de foto ergens door een vies raam naar buiten was genomen. Op de een zag ik een uitsnede van een stuk trottoir en een stukje regengoot en op de andere foto de onderbenen en voeten van iemand die over het trottoir liep.

Boven het nisje, in het originele kerkplafond, een grote cirkel met de letter A in het midden. Anarchie. Toevallig was de kunstenares in de buurt en ik vroeg haar of ze kon uitleggen wat ze probeerde te vertellen en ze antwoordde dat de foto's expres vaag waren zodat je niet kon zien waar je naar keek. "Ja maar, wat doet dat matras daar dan?", vroeg ik. "Oh, dat lag hier nog, dus ik dacht die kan ik wel gebruiken, dan doe ik iets met die vluchtelingen." Ik: "Ja, maar wat is hier dan volgens jou gebeurd en wat wil je daar over zeggen?" Met grote vragende ogen keek ze me aan: "Dat weet ik eigenlijk niet". Oh, en dat gold ook voor het anarchisme-teken (wat in deze context een alphateken was, met even verderop een omega). Dat had ze wel gezien, maar dat hoorde er niet bij, dus dat moest ik maar wegdenken.

De curator liep ook rond en ik stelde haar dezelfde vraag: "Wat wil je met deze expositie?" Zij: "Nou, ik heb voor het middelste deel van de kerk buitenlandse kunstenaars gevraagd en die doen iets met de akoestiek van de ruimte want ze zijn buitenlands, dus die kunnen niets weten over wat hier is gebeurd hè". "Maar de andere kunstenaars, die komen hier uit de buurt toch?", vroeg ik. "Jawel, maar die vonden het te heftig dus die wilden niets met de geschiedenis doen."

Begrijp me niet verkeerd; ik geloof echt oprecht in de enórme potentiele kracht van de kunsten. Maar niet altijd. Soms zijn kunstenaars grote uilskuikens. Net als gewone mensen. Soms moet ik daarvan huilen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden