'Soms heb ik gedachten die bijna goddelijk zijn'

Peter Jan Rens (62) is schrijver, presentator en ondernemer. Bekend van 'De Grote Meneer Kaktus Show' en 'Doet-ie 't of doet-ie 't niet', maar de laatste tijd vooral in het nieuws vanwege vermeende oplichterij, faillissement en echtscheiding.

I Gij zult de Here uw God aanbidden en hem liefhebben met geheel uw hart, geheel uw ziel en met al uw krachten
"Voor mij is de katholieke kerk een soort amusementsindustrie. Het geloof kán een mooi instrument zijn waarmee je het leven een beetje kunt hándelen, maar ik kwam al vrij jong in aanraking met de wereldbibliotheek en begreep dat religie net zo goed een verhaal is; dat alles in feite over verbeelding gaat. Flaubert had dat goed in de gaten. De schrijver van 'Madame Bovary' stond bekend als iemand die nooit ergens heen ging, die altijd in zijn geest zat, maar op een dag besloot hij tot ieders verrassing een wereldreis te maken. Eenmaal in Egypte leerde hij een Nubische courtisane kennen en hoorden zijn vrienden helemaal niets meer van hem. Pas na een paar weken kwamen er weer brieven binnen. Flaubert schreef dat hij een geweldige tijd met haar had gehad: 'Als ik 's ochtends opstond, zag ik de hele wereld in haar ogen.' Meer had hij niet nodig. Zijn leven was volmaakt. Tot hij op een morgen zichzelf in haar ogen terug had gezien. Toen wist hij dat het tijd was om weer verder te trekken. Zo werkt religie volgens mij ook: zo lang het je helpt, is het goed.

Het is mij nooit gelukt om in die katholieke God te geloven, maar ik heb ook geen baat bij andere geloven: de islam neemt zichzelf nog veel te serieus, Boeddha is mij te melig. Ik geloof wel dat er meer is tussen hemel en aarde, maar ik kan er geen concreet voorbeeld van geven. Het bovenaardse, het wonder, zit hem vooral in de gedachten van mensen. Sommige gedachten zijn zo verbijsterend, zo briljant, dat ik ze niet anders dan goddelijk zou kunnen noemen. Niet iedereen haalt dat niveau, maar... en nu ga ik iets zeggen waarmee ik veel mensen tegen mij in het harnas ga jagen, dus ik verontschuldig mij bij voorbaat... ik kom er, als iemand die genietend creëert, heel dicht bij in de buurt."

II Gij zult de naam van de Heer uw God niet zonder eerbied gebruiken
"Als het waar is, als er een God in mij schuilt, zou ik toch gek zijn om te gaan vloeken?"

III Gij zult de dag des Heren heiligen
"Voordat ik Virginia leerde kennen, werkte ik zeven dagen per week, vierentwintig uur per dag. We kwamen elkaar tegen op Tenerife. Op een zondag zei ze: 'Vandaag doen we helemaal niets.' Lag ik ineens, op een handdoekje, aan het strand. Heerlijk! Ik wist niet wat mij overkwam. Sindsdien ben ik rustiger geworden, ik heb ook tijd gevonden voor contemplatie. Dingen die ik eerder heb bedacht, komen ineens naar boven borrelen en wat ik nu bedenk, ook rommel en halve ideetjes, haal ik door de molen en maak er weer iets moois van. Weet je wanneer het helemaal stil is in mijn hoofd? Als ik Virginia liefheb. Ik zou niet weten hoe ik mijn tijd beter kon besteden."

IV Eer uw vader en uw moeder
"Mijn moeder is 85, mijn vader is 88. Zij heeft voor de kinderen gezorgd, daarnaast een actief sociaal leven geleid en is op latere leeftijd ook nog eens gaan studeren. Geschiedenis en Frans. Frans omdat één van haar dochters in Frankrijk is gaan wonen en ze graag met haar kleinkinderen wil communiceren.

Ik ben nummer één, de oudste van vier. Bij het eerste kind proberen ouders nog iets van die opvoeding te maken, de nummers twee, drie en vier mochten al veel meer dan ik. In mijn puberteit luisterde ik naar The Beatles, The Rolling Stones en later naar mijn grote held Frank Zappa. De lengte van mijn haar - iets over de oren - zorgde haast voor een revolutie bij mijn ooms en tantes, maar mijn ouders vonden het allemaal wel goed. We hebben bijna geen conflicten gehad - ja, mijn vader had graag gezien dat ik een technische opleiding was gaan volgen. Hij was zelf als machinist begonnen, werkte bij de Hoogovens en heeft daar allerlei stookprocessen ontwikkeld die hij later, na zijn pensionering, bij bedrijven in het buitenland nader is gaan toelichten.

Ik hield wel van techniek, van dingen uitvinden, maar ik zag mezelf vooral als schrijver. Hij zei: 'Het is beter om met je handen je brood te verdienen. Ga nou naar de hts.' Ik deed het niet, en daar heb ik hem mee teleurgesteld. Overigens bleek het hem veel meer dwars te zitten dat hij mij te lang een andere richting op had willen duwen. En dat hij net iets te vaak had gezegd dat ik nooit zou slagen, als artiest. Zelfs toen ik al een prachtige carrière had opgebouwd bleef hij volhouden dat ik een ander beroep had moeten kiezen.

Op een dag, zo'n zeven jaar geleden, had mijn moeder georganiseerd dat hij zich daar een keer over zou uitspreken. Zij vertelde me dat het hem al jaren dwars zat. Dus belde hij op en zei: 'Jongen, we moeten toch eens praten.' 'Goed, pa.' 'Dan doen we het als je moeder er niet is.'

Ik ging naar hem toe, mijn vader liet me binnen. 'Kom, dan gaan we achter zitten.' We gingen zitten, we keken elkaar aan en hij zei: 'Nou, je begrijpt het wel, hè?' Ik zei: 'Ja, ik begrijp het.' 'Goed, dan hebben we het gesprek nu gehad.' Hij was enorm opgelucht; dat ik het hem kennelijk al lang vergeven had. Mijn moeder kwam thuis en mijn vader zei: 'We hebben zo'n goed gesprek gehad!'

'Dacht ik al', zei mijn moeder blij."

V Gij zult niet doden
"In overdrachtelijke zin worden ouderen en andere kwetsbare mensen - de machtelozen in onze maatschappij - min of meer doodgemaakt. En als ik het iets milder moet zeggen: ze worden in een hoek getrapt en klein gehouden. We doen wel iets voor hen, maar dan het liefst op basis van liefdadigheid - waardoor die onmacht nog eens extra wordt benadrukt. Het Nederlandse volk kan niet omgaan met macht. Ik kan je daar een geschiedkundige verklaring voor geven: sinds de Hollanders in de wereld niets meer te vertellen hebben oefenen ze het kleine beetje macht dat ze nog over hebben uit binnen hun eigen groep. Het is pure frustratie. De bovenklasse gedraagt zich nu als koningen, kijk maar eens hoe de bankiers in de afgelopen jaren van God los zijn geraakt.

Volgens mij moeten ons systeem veranderen. Nu is het er op ingericht dat je naar een bepaald hoogtepunt toe leeft en daarna langzaam af moet sterven. Dan ben je niet meer bruikbaar voor de samenleving. Eigenlijk zou je naar een soort explosie moeten toewerken. Je leeft, je leeft, je leeft en dan kom je met een ontploffing aan je einde. Dat kan soms heel zelfzuchtig uitpakken - kijk maar naar mannen zoals Rupert Murdoch en Sylvio Berlusconi - maar het kan ook een explosie van menslievendheid zijn. Zo heb ik, als Meneer Kaktus, veel voor anderen betekend. Ik heb heel wat mensen daarmee plezier gedaan. En dat doe ik nog steeds, tot op de dag van vandaag. Snap je? Het hoeft dus niet altijd een schurkenstreek te zijn."

VI Gij zult geen onkuisheid doen
"Virginia en ik schelen 42 jaar. Soms neem ik het haar kwalijk dat ze er zo lang over heeft gedaan om geboren te worden. Maar goed, nu is ze er en we hebben het heerlijk samen. Ook fysiek, natuurlijk. Op erotisch vlak is het een feest. Volgens sommige mensen is deze verhouding onkuis. Dat is flauwekul natuurlijk, maar het is wel een botsing van generaties. Ze begrijpt soms helemaal niets van mij, toch Virgin? Nee. En ik snap ook niet altijd wat er in haar omgaat, maar die onbalans is juist goed. Normaal gesproken stabiliseert zo'n heftige verhouding na een tijdje, die fase duurt ongeveer drie jaar en dan wordt het zo'n mannetje-vrouwtje-spel, precies zoals het hoort. Je moet er dus eigenlijk voor zorgen dat je in een onbalans zit want dan blijf je lopen, dan blijf je zoeken. De onbalans in de relatie van Virginia en mij kan de garantie van een gelukkig huwelijk zijn. Zo lang het duurt ja, maar goed, ik word 115 en ik heb laatst besloten die leeftijd nog een paar jaar op te schroeven."

VII Gij zult niet stelen
"In april was ik één van de eersten die voor de slachtoffers van de burgeroorlog in Syrië een actie op touw zetten. Er was echt nog niemand die zich om de Syriërs bekommerde. Nadat ik beroemde Syrische sterren, maar ook Lange Frans, Koos Alberts en andere artiesten bereid had gevonden om mee te doen, huurde ik de theaterzaal van de Rai in Amsterdam af, hielp overdag met het opbouwen en kletste de hele benefietavond aan elkaar. Er was een entree en er werden donaties gedaan. Aan het einde van de avond bleek er geld te zijn gestolen en om een of andere reden werd ik daarvan beschuldigd.

Ja, ik heb een enveloppe in mijn zak gestoken, dat is waar, maar dat geld heb ik keurig overgemaakt op giro 6868 van de stichting Nederland helpt Syrië. Tot mijn verbazing meldden zich daarna nog meer zogenaamde dupeerden. Zeg maar: publiciteitszoekers. Er verscheen zelfs een meldpunt op het internet waar iedereen die zich door mij bestolen voelde zijn klachten kwijt kon. Zoek maar op: www.meldpuntpeterjanrens.nl. Niks te zien. Er is geen aanklacht, geen rechtszaak, helemaal niets."

VIII Gij zult tegen uw naaste niet vals getuigen
"Wat is waar? Waarheid en moraal veranderen toch voortdurend? Machiavelli werd een keer vier dagen lang aan zijn armen opgehangen omdat hij zijn minnares van achter had genomen. Dat hij een minnares had, was prima, maar dát! Hij kreeg zijn straf en mocht daarna weer vrolijk verder leven.

Ik vind het wel grappige materie; ik moet wel lachen om de mensen die met een beschuldigend vingertje achter me aanlopen of mij voor een leugenaar uitmaken. Die vooringenomenheid is echt ongelooflijk. Ik vind het ook niet erg om dat spel mee te spelen. Ik geef gewoon een interview aan een roddelblad en krijg daar 2000 euro voor uitbetaald. Het is fictie, entertainment, dat weet toch iedereen? Echte journalistiek wil mensen informeren, inzicht geven in de materie die wordt behandeld. Daar zou je dit gesprek ook toe kunnen rekenen. Ik doe mijn best voor je. Ik weet dat dit pagina's zijn waar je even goed voor zult moeten gaan zitten. Maar hoe de lezers vervolgens over mij gaan denken, dat interesseert me echt niet.

Ik ben meestal goed gestemd. Laatst zat ik in een talkshow en ze openden met een zogenaamde stemmingsmeter. De eerste gast, sportjournalist Chris van Nijnatten, zei: 'Een acht.' Toen begon de presentator al een beetje te pruttelen, want zo positief, dat hebben ze liever niet. Daarna kwam er een man, de uitvinder van een mini-vibrator - geinig ding, ik zal het je zo even laten zien - die zijn stemming een zeven gaf. Goed. Peter Jan Rens? 'Een tien!' riep ik. Nou, die man werd dus bijna kwaad. 'Heb je dan nooit het gevoel dat je...' 'Nooit!' 'En je bent elke dag...' 'Altijd.' Het is echt zo. Als ik met andere dingen bezig ben, lijk ik misschien wel eens chagrijnig, maar ik ben nooit gedeprimeerd. Ik probeer van elke minuut in mijn leven te genieten."

IX Gij zult geen onkuisheid begeren
"Wij gaan op 1 januari 2014 trouwen. En daarna doen we het in Las Vegas nog een keer. Ik ben lang geleden, nog voor Joke (Joke Bos, Rens' partner in de afgelopen twintig jaar, AV) nog even getrouwd geweest met een hippiemeisje, maar dat telt niet echt.

Virginia en ik zijn nu een jaar samen en we zijn constant bij elkaar. Niet dat we alles overleggen, of het per se overal over eens zijn; we zijn geen 'maatjes', in een of andere melige democratische verhouding, maar een belofte van huwelijkse trouw zal onze verhouding toch nog meer betekenis geven. 'Trouwen is houden en scheiden is lijden,' zegt Virginia. Ze is erg jaloers. Het gekke is: ik ben het nu, voor het eerst van mijn leven, ook. Stinkend jaloers.

Ik ben Joke niet altijd trouw geweest, maar het was ook geen klassiek huwelijk - dat heeft de pers ervan gemaakt. Ook mijn leven in Thailand, waar ik een paar jaar min of meer het hoofd van een gezin ben geweest, is uitgelegd alsof ik een uitbater van de vrije moraal ben of zoiets. Als je elkaar de huwelijkse trouw belooft, moet je je daaraan houden. Zij is het, en niemand anders. We zouden graag een kind krijgen, 't liefst een jongetje. Ik kan mij niets mooiers voorstellen dan dat Virginia straks een kind van mij gaat baren. Ja, zo gek is dat toch niet? Of denk je dat Romeo en Julia ook geen baby hadden willen hebben?"

X Gij zult niet begeren wat uw naaste toebehoort
"Ik vind dat mijn leven crescendo gaat, maar anderen zullen zeggen dat ik juist steeds dieper ben weggezakt. Goed, twintig jaar geleden zou ik je hebben ontvangen in een statig pand aan het Amsterdamse Vondelpark. Toen had ik meerdere huizen, auto's en een enorm kapitaal. Nu sta ik zelf koffie en thee te schenken, terwijl Johan Vlemmix, de oranjeklant, een eindje verderop fluitend een plafond staat te witten. Dit zogenaamde spookhuis van hem wordt straks de studio van waaruit we, met onze eigen zender, allerlei programma's gaan presenteren. Ik vind het leuk dat alles zo op en neer en heen en weer gaat in het leven. Daarom ben ik nooit jaloers op mensen die nu, wat hun carrière betreft, ergens aan de top zitten. Daar ben ik ook geweest. Er komen elke dag nog mensen naar me toe die zeggen dat ze zo van mijn televisieprogramma's hebben genoten. Weet je hoe leuk het is om in Duitsland te worden aangesproken door iemand die zich 'Tut er es oder tud er es nicht?' herinnert? Die tijden kunnen zomaar terugkeren. En dat gaat ook gebeuren. Ik voel dat ik de kracht heb om de hele wereld te verslaan."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden