'Soms denk ik te breed, ik ben meer manager dan trainer'

Handbalcoach Sjors Röttger staat voor zijn laatste klus als bondscoach wanneer vandaag in Emmen de WK-kwalificatie begint.

Zijn dubbelfunctie brengt ook dubbele belangen, meestal parallel, soms botsend. Sjors Röttger (54) is sinds 2004 bondscoach van de Nederlandse handbalvrouwen. Daarnaast is hij technisch coördinator van het handbalverbond. Soms schaven en schuren die functies langs elkaar, zoals tijdens de Holland Handbalweek, toen hij speelsters voor zowel Nederland A als Nederland B (vervanger voor IJsland) liet uitkomen. Dat bevorderde geenszins de geloofwaardigheid van het toptoernooi, maar paste wel in het opleidingsbelang van de speelsters.

„Soms denk ik te breed, terwijl ik smal moet denken. Ik ben meer manager dan trainer. Daarom is het goed dat een nieuwe bondscoach het traject tot 2012 gaat invullen”, pareert hij commentaar op de dubbele moraal waarmee hij heeft leren omgaan – overigens allerminst schuldbewust.

Hij verlaat dus de nationale ploeg, de succesvolste van de laatste decennia. Op 1 januari hoopt hij een van de twintig technisch-directeuren te worden die NOC-NSF voornemens is aan te stellen. „Misschien krijg ik meerdere sporten onder me. Als het doorgaat.” Zo niet, dan heeft hij nog een terugkeerrecht als sportinstructeur bij defensie.

Hij was al eerder een half jaar bondscoach, interim, maar bepleitte toen zelf de komst van een buitenlandse coach. „Omdat de speelsters dat wilden.” In 2003 kwam de Duitser Olaf Schimpf. „In dat jaar verloren we met 30-31 van Duitsland. Toen ben ik gaan nadenken hoe het verder moest. Ik heb bewust voor de functie van assistent-bondscoach gekozen. Ik vond het interessant wat er gebeurde en wilde erbij betrokken blijven. Als technisch coördinator wilde ik bovendien de lijn bewaken. Het paste in mijn visie dat coachen het beïnvloeden van waarneembaar gedrag is.”

In 2005 – hij was toen al een jaar Schimpf opgevolgd – oogstte Oranje in Sint-Petersburg met een vijfde plaats op het WK. „Het was precies het juiste moment. Oogsten in topsport gebeurt na acht jaar. Het team was gemiddeld 28,7 jaar oud en zat aan de top. Dat er een terugval zou volgen omdat speelsters stopten, was logisch. Die periode heb ik willen begeleiden tot het weer zou gaan lopen. Dat is nu.”

Dat het Nederlandse vrouwenhandbal internationaal meetelt, is historisch gezien te danken aan het initiatief, in 1997, van Bert Bouwer, een van Röttgers voorgangers. „Er moest een keer iemand opstaan die zei dat het zo niet verder kon. Bert gooide de knuppel in het hoenderhok. Het gevolg was dat we negende werden op het WK van 1999.”

Bouwers aanpak was de Bankras-methode: dagelijks trainen met uit de competitie gehaalde internationals. „We weten natuurlijk niet wat er gebeurd zou zijn als Bert het niet zo gedaan had”, relativeert Röttger. „Maar voor zijn initiatief ben ik hem dankbaar, al bouwen we het nu op een andere manier uit. Hij legde een basis door in een topsportomgeving structureel aan talentontwikkeling te doen. Daarin hebben we stappen gemaakt. Het Bankras-model heeft geholpen, al is dat model kortetermijnbeleid.”

„Bouwer begon met allemaal jonge meiden. Nu is de selectie evenwichtiger en hebben we daarnaast voor 16- tot 22-jarigen de Handbal Academie, ons talentontwikkelingsprogramma op Papendal. En er komen tussen de tien en twintig handbalscholen in Nederland, waar talenten vanaf dertien jaar opgeleid worden. Daar is een beleidsprogramma voor. Zo komt er structuur in.” Het is duidelijk: nu is de technisch coördinator aan het woord.

Röttger heeft de opleidingsvisie van de handbalbond geschreven, gedetailleerd en ambitieus: „De trainingen voor 2011 liggen al vast. Ik ga ervan uit dat we er in 2012 op de Spelen van Londen eindelijk eens bij zijn.”

„In 2005 heb ik aangegeven wat er moest gebeuren om het niveau te behouden: de competitie verbeteren, een goed programma voor de A-internationals opstellen en een topsportprogramma voor talenten ontwikkelen. Die wensen zijn met de Handbal Academie, de handbalscholen en de deelname van de academisten als competitieteam vervuld. Zo moeten we stapjes zetten om vooruit te komen. We zijn een middelgrote bond met de ambities van de hockeybond. Dat vereist dat we met passie en dynamiek onze sport dienen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden