Somalië legt het af in mediastrijd

(Trouw) Beeld AP
(Trouw)Beeld AP

Voor 2009 is 720 miljoen euro nodig om Somalië te helpen zeggen de VN. Intussen winnen extremisten terrein in deze mislukte staat.

De noodoproep komt op een ongelukkig moment. Crises in Congo, Darfur en Zimbabwe strijden qua politieke én media-aandacht om voorrang. Binnen de internationale gemeenschap, maar ook in de regio heerst een zekere Somalië-moeheid, geven velen toe.

Al is de veelbesproken piraterij in de Indische Oceaan een rechtstreeks gevolg van de politieke anarchie op het vaste land, het door oorlog verwoeste Somalië is een zorgenkind waar steeds minder mensen naar wensen om te kijken. De cijfers zijn niettemin schokkend (zie kader).

Drie achtereenvolgende kurkdroge seizoenen hebben de veestapels aanzienlijk doen slinken. Maar vooral bewijst Somalië waar desinteresse van machthebbers voor de eigen bevolking toe kan leiden.

Vanwege het vooruitzicht van een humanitaire ramp sloten de zwakke interimregering en een ’alliantie’ van gematigde en extremistische islamisten recentelijk een nieuw vredesakkoord – het zoveelste. Maar liefst 275 nieuwe parlementszetels zijn gecreëerd bovenop de 275 reeds bestaande, voor een bevolking van acht miljoen zielen (ter vergelijking: Kenia heeft 35 miljoen inwoners en 222 parlementszetels).

Zoals viel te verwachten werd dat stuk papier direct verworpen door de extremisten. President Abdullahi Yusuf en premier Nur Adde liggen meestal met elkaar overhoop. En de zogeheten Unie van Islamitische Rechtbanken, deels vertegenwoordigd in de alliantie, ziet de greep verzwakken op haar gewapende tak, de militante Al-Shabab, die zelf eveneens versplinterd is.

De talibanachtige Shabab hebben langzaam maar zeker controle gekregen over grote delen van het zuiden en centraal Somalië. Vorige maand stenigden zij een 13-jarige omdat zij verkracht was. De poorten van Mogadishu worden belaagd. De islamisten lijken daarmee bijna even ver als twee jaar geleden. Toen werden in de bezette gebieden op tv naar voetbal kijken en gemengd feesten taboe. Een zoon ’mocht’ de moordenaar van zijn vader doodsteken.

Een invasie van gehate Ethiopische troepen mét de zegen van de interim-regering verjoeg de islamisten in december 2006 uit de hoofdstad en het zuiden.

De Keniaanse onderminister van buitenlandse zaken, Richard Onyonka, hekelt de zwakke regering van president Yusuf. „In dit politieke vacuüm zijn alle scenario’s mogelijk”, zegt Onyonka. Het is zeldzaam dat een Keniaanse gezagsdrager zo kritisch spreekt over het buurland, dat al sinds 1991 geen vorm van centraal gezag meer kent. Hij is ook kritisch over Kenia: „Onze bemoeienis en ook die van de EU levert al jaren niks op.” Als voorbeeld noemt hij het Keniaanse plan om 10.000 Somalische militairen te trainen. „Dat is nooit gebeurd en die mensen lopen nu over naar de extremisten.”

Desondanks is het land in de ogen van de onderminister geen hopeloos geval. Mits de internationale gemeenschap extra betrokkenheid toont en de rivaliserende groepen eerlijk over vrede praten. Zolang er Ethiopische troepen zijn in Somalië zal het geweld aanhouden, zei de prominente Somalische politicus Sharif Hassan Sjeik Aden eerder dit jaar tegen Trouw. Ethiopië heeft aangekondigd nog dit jaar zijn troepen ’definitief’ terug te trekken. Als dictator Meles dat inderdaad doet, kan dat het begin zijn van meer geweld tussen krijgsheren die de macht opnieuw onderling moeten verdelen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden