Sofie Cerutti interviewt familiebiografen

Caroline de Westenholz: 'Artiesten! Ze waren belezen, expressief, zaten vol verhalen. Lééfden echt'

'De Vogels' beschrijft de geschiedenis van de familie Vogel: voordrachtskunstenaar Albert Vogel sr., zijn vrouw, Ellen Vareno (idem), hun kinderen Tanja (balletdanseres), Ellen (actrice) en Albert jr. (voordrachtskunstenaar en biograaf van Couperus), én de familie om hen heen. In het boek staan leven en werk van de verschillende leden van de familie centraal, tegen de achtergrond van de grote historische gebeurtenissen in de twintigste eeuw.

De Vogels. Een flamboyante theaterfamilie. Lias; Hilversum. 304 blz. euro 24,95

Albert Vogel jr. trouwde met uw moeder, voordrachtskunstenares Ellen Vareno, toen u nog een klein meisje was. U kreeg er niet alleen een vader, maar een hele familie bij, schrijft u. Is dit een boek over uw eigen, of toch over een ándere familie?

"Tot Albert in ons leven kwam, leidde ik met mijn moeder een vrij stil leven op een flatje in Den Haag. Mijn moeder was jong gescheiden en ging veel uit. Ik weet nog dat ik tegen zo'n jongeman zei, die aan de deur kwam: 'Komt u op mij passen of gaat u met mammie uit?' Nou ja, en dan zát ik weer zo'n hele avond met een oppas thuis. Maar de Vogels hebben me van meet af opgenomen in hun familie. Het waren allemaal hartelijke, open, bijzondere mensen. Anders dan andere, zonder twijfel."

Hoe anders?

"Artiesten! Ze waren belezen, expressief, op de hoogte van wat er speelde in de kunst, op het toneel, in de politiek. Ze droegen mooie kleren, zaten vol verhalen, ze lééfden echt. Als kind zat ik altijd als een spons in een hoekje te luisteren. Maar ik heb geprobeerd dit boek niet ál te persoonlijk te maken; een bepaalde afstand was nodig."

Waarom?

"Ik was gewoon idolaat van die familie en vooral van Albert, die als een vader voor me was. Een biografie over hem alleen was een hagiografie geworden. Een boek over de hele familie en de Silezische voorgeschiedenis van de Vogels werkte wat dat betreft veel beter. En hier en daar ben ik ook over hem wel kritisch geweest: over zijn vier huwelijken bijvoorbeeld, een buitenechtelijk kind. 'Ik heb wat slordig geleefd', zei hij dan, terwijl hij over zijn bril keek."

Is de relatie met uw familie veranderd door het schrijven van dit boek?

"Ik geloof dat ik ze toch wel goed kende, want ik heb tijdens mijn onderzoek niets nieuws of opmerkelijks gevonden. Hoogstens over het leven van mijn tante Tanja. Zij was toch de 'minder bekende' zus van Ellen en Albert Vogel, over haar is lang niet zoveel geschreven. Het was heel interessant om haar leven als balletdanseres, later als eigenares van een balletschool, in elkaar te puzzelen."

De voordrachtskunst, het vak waar Albert Vogel sr. en jr. in uitblonken en dat u beschrijft uit uw jeugd, is vrijwel geheel verloren gegaan. Mist u dat?

"Hier en daar zie je nog weleens iets wat erop lijkt: dichters die voorlezen uit hun eigen werk bijvoorbeeld, maar dat is toch iets heel anders. In het Louis Couperus Museum doen we het wel: dan nodigen we artiesten uit om het werk van Couperus te 'zeggen'. Dat hoort gewoon zó bij zijn werk."

De familie Vogel werd het vuur na aan de schenen gelegd bij de Actie Tomaat in 1969. Uw verontwaardiging daarover spat van de pagina's.

"Het was ook zó onterecht hoe met name Ellen Vogel toen werd behandeld, door mensen als Ischa Meijer: 'actreutel' noemde hij haar. Nou vraag ik je, hoe dúrfde zo'n man? Ze behoorde op dat moment natuurlijk tot de gevestigde orde en werd alleen daarom volkomen neergesabeld. Terwijl zij zeker openstond voor vernieuwing van het bestaande theater - een deel daarvan was op dat moment vaak ook behóórlijk saai. 'Whiskey-toneel' noemden mijn man en ik het: traditioneel, bedompt en met een heleboel drank erbij. Daar heeft Ellen nooit aan meegedaan. Zij is later gelukkig haar eigen weg gegaan, en met veel succes."

Gaat u nóg eens een familiegeschiedenis schrijven?

"Over de familie van mijn vader: de Westenholzen. Mijn vader heb ik pas op mijn 25ste weer ontmoet - een boek daarover zal dus veel meer leunen op archiefonderzoek en minder op eigen herinneringen of gesprekken. De familie is failliet gegaan tijdens de beurskrach van 1929, de vader van mijn vader heeft zelfmoord gepleegd ... er valt dus genoeg te schrijven. Maar ik ben daar nog wel even mee bezig."

Caroline de Westenholz (1954) is kunsthistorica, publiciste en oprichtster van het Louis Couperus Museum.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden