Sociale beweging uit schaamte geboren

Demonstratie tegen apartheid op de Amsterdamse Rozengracht in 1977.Beeld Hans van den Bogaard, HH

De Nederlandse anti-apartheidsbeweging bond miljoenen mensen aan zich. De honderden organisaties streden voor hetzelfde doel maar concurreerden ook met elkaar, beschrijft Roeland Muskens in zijn boek 'Aan de goede kant'.

De anti-apartheidsbewegingen zijn de belangrijkste sociale bewegingen van Nederland geweest, belangrijker dan de anti-kernwapenbeweging. In ieder geval constanter en over een langere periode, zegt Roeland Muskens die op de geschiedenis van deze beweging van 1960 tot de bevrijding van Mandela in 1990, vorig jaar promoveerde. Nu is het boek 'Aan de goede kant' verschenen.

"De anti-kernwapenbeweging kende twee hele succesvolle demonstraties, maar over al die jaren heen bonden de anti-apartheidsbewegingen miljoenen mensen aan zich. Zij slaagden er in om de verontwaardiging over apartheid om te zetten in dagelijks, concreet handelen. Ze lieten mensen kiezen tussen Esso en Shell. 'Laten we dan maar Esso doen, want er is iets met Shell.' Met Outspan sinaasappelen ging het net zo. Daar is die beweging heel handig in geweest. Al die alledaagse keuzes waar Nederlanders voor stonden, daar hadden zij invloed op."

De start van de boosheid in Nederland over het apartheidsregime waren de gebeurtenissen in Sharpeville, op 21 maart 1960. De Zuid-Afrikaanse politie opende die dag het vuur op een protesterende menigte, waarbij 67 doden vielen. Het Comité Zuid-Afrika, dat in 1957 was opgericht voor een eenmalige inzamelingsactie, werd toen weer actief. Volgens Muskens was dat comité erg braaf en sloot het totaal niet aan op de tijdgeest. Het was alsof de roerige jaren zestig aan het comité voorbij gingen. Babyboomers werden volwassen, Provo en de Kabouters ontstonden en de Vietnamoorlog hield actievoerend Nederland bezig.

Grens
Het Comité Zuid-Afrika viel begin 1970 uiteen en de komst van radicale studenten uit Amsterdam was daar debet aan. Zij lieten van zich horen bij het bezoek van het Zuid-Afrikaanse waterpoloteam aan Nederland. Tumult ontstond toen enkele verfbommen in het water belandden. Daarop gooide de verontwaardigde reactie van de coach olie op het vuur. Hij verdedigde het ontbreken van zwarte spelers met het argument dat zwarten nu eenmaal niet goed kunnen zwemmen, dat zij beter zijn in boksen en worstelen.

Vanaf dat moment schoten de clubs die zich met apartheid bezighielden als paddestoelen uit de grond. Achter in het boek geeft Muskens een overzicht met ruim driehonderd bewegingen, van Actie Blank+Zwart Niet Apart tot en met Zuid-Afrika Aktiegroep Wiskunde (RU Groningen).

Muskens hoorde van opvallend veel mensen die hij voor zijn studie sprak dat hun activisme voortkwam uit het diepgewortelde anti-racisme dat zij hadden overgehouden aan de Tweede Wereldoorlog. In de jaren zeventig werd steeds duidelijker dat Nederlanders aanzienlijk minder heldhaftig waren geweest dan altijd was voorgespiegeld, dat de grens tussen goed en fout niet zo helder was en vooral dat in geen enkel ander Europees land zo weinig Joden de bezettingstijd hadden overleefd.

Sharpeville 1960: de politie schoot 67 demonstranten dood. Uit boosheid over het bloedbad ontsproot de anti-apartheidsbeweging.

"Voor veel mensen reden om te denken: in deze strijd tussen goed en kwaad gaan wij aan de goede kant staan en we gaan de fouten van onze ouders niet herhalen. Het duidelijkst kwam dat naar voren bij iemand die ik sprak die wapens smokkelde van Zimbabwe naar Zuid-Afrika. 'Nooit aan iemand verteld, maar ik heb dit gedaan omdat mijn vader NSB'er was.' Een tijd lang zocht ik naar een titel voor dit boek, maar na dit gesprek wist ik het: 'Aan de goede kant'. Zijn handelen kwam voort uit een ten diepst gevoelde schaamte en hij wilde dat goed maken."

Die honderden bewegingen streefden hetzelfde doel na, maar dat nam niet weg dat er de nodige concurrentiestrijd was. Zij probeerden allemaal in de gunst van het ANC te komen. Muskens beschrijft in zijn boek de zeven grote Clubs: Comité Zuid-Afrika, Boycot Outspan Actie, Anti-Apartheidsbeweging Nederland, Werkgroep Kairos, Smeer 'm uit Zuid-Afrika, Komité Zuidelijk Afrika en Autonomen tegen Apartheid. Het meest sprekende voorbeeld van concurrentiestrijd was de manier waarop de maoïsten telkens werden bejegend, werden weggesard. "Spandoeken werden weggetrokken, brieven aan het ANC waarin werd gewaarschuwd voor hen. Ze mochten zelden spreken op manifestaties."

Imago
In de jaren tachtig kwamen er gewelddadige acties in verband met apartheid. Muskens heeft in de archieven en notulen geen directe band gevonden tussen de gevestigde groepen en het geweld. "Daar werden zij wel van verdacht. Het geweld kwam echter uit de Amsterdamse kraakbeweging. Er waren natuurlijk krakers die als vrijwilliger werkten bij die groepen en daar ook ideeën voor geweld vandaan haalden. De lijsten met bedrijven die handelden met Zuid-Afrika waren bij die clubs makkelijk te krijgen."

Maakten die groepen zich zorgen over dat geweld?
"Ja, na de eerste aanslagen hingen de journalisten al aan de lijn en zij maakten zich zorgen over hun imago. Naar buiten toe toonden zij voorzichtig begrip voor het gekozen doel, maar namen afstand van het middel. Of dat handig was? Mijn conclusie is dat de reguliere beweging baat heeft gehad bij de harde acties. Het waren niet hun methodes, maar de anti-apartheidsbeweging kreeg wel tanden. Het heeft waarschijnlijk een deel van de aanhang gekost, maar het maakte de beweging wel effectiever. Zij stuurden bijvoorbeeld een brief naar een winkelketen met de oproep om geen spullen uit Zuid-Afrika te verkopen, 'anders gaan we actie voeren'. Waar eerst zo'n brief in de prullenbak verdween dacht het bedrijf: wat bedoelen ze met actievoeren? Een demonstratie voor de deur of is dat een brandbom?"

Eerst was er de inval in het Zuid-Afrikahuis waarbij boeken en archieven in de Keizersgracht terechtkwamen. Daarna volgde de brandbom in het kantoor van oliehandelaar John Deus in Berg en Dal. "Dat waren acties van Rara, hoewel het nog niet die naam had. Het werkte heel effectief, want het leverde veel publiciteit op. Aan de andere kant, het doorsnijden van benzineslangen heeft niet Shell, maar juist de kleine pomphouders vele miljoenen gekost."

Boycotacties
"Ik heb een aantal van die Rara-mensen gesproken. Wat tegenvalt is dat een heel beperkt aantal mensen verantwoordelijkheid neemt voor hun daden. Ze stonden aan de goede kant in de strijd tegen een verwerpelijk bewind, maar ze durfden niet met open vizier te strijden. Menig kraker uit die tijd die aan criminele acties meedeed, heeft nu een mooie, goede baan. Natuurlijk, het is verjaard en ze hoeven geen angst te hebben voor de gevangenis. Maar ze hebben natuurlijk wel hun naam en waarschijnlijk hun baan te verliezen."

Hebben de gevestigde clubs voldoende gedaan om die krakers tegen te houden?
"Ik ben bang van niet. Op een gegeven moment hebben ze zelfs met radicalen meegewerkt. In notulen wordt weleens de vraag gesteld: moeten wij dit willen? In de praktijk was het antwoord: ja. Zeker in de tweede helft van de jaren tachtig was het duidelijk dat er geen meerderheid meer in de Tweede Kamer was voor boycotacties, omdat het CDA was afgehaakt. Het kabinet-Lubbers zat stevig in het zadel. Shell gaf geen krimp. Ze zaten eigenlijk met de handen in het haar. Toen zijn de frisse jongens van de kraakbeweging binnenboord gehaald. Samen met hen is bijvoorbeeld in 1989 een grote actie bij het Shellgebouw in Amsterdam-Noord georganiseerd."

Zo succesvol als de anti-apartheidsbeweging was bij het Nederlandse volk, zo schamel waren de daden van de overheid. "Gênant weinig", zegt Muskens. "Misschien wel typisch Nederlands. We zijn ten diepste een handeldrijvende natie. Ook nu won de koopman het van de dominee."

Eigenlijk kwam er alleen een sport- en cultuurboycot en de uitvoering en toezicht op naleving daarvan lagen op het bordje van anti-apartheidsbewegingen. Het mocht de economie geen geld kosten. "Die houding had ook de FNV. De vakbonden waren tegen apartheid, maar in de Rotterdamse haven kwamen er alleen maar acties als de overheid voor vervangende werkgelegenheid zou zorgen. Tja, we zijn wel goed maar niet gek."

Roeland Muskens, Aan de goede kant. Een geschiedenis van de Nederlandse anti-apartheidsbeweging. Uitgeverij: Aspekt. 686 pagina's, 27, 95 euro

Beeld anp
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden