Sociaal-democraten mogen regeren, maar in reuk van gas

De eerste internationale reacties op de val van de regering in Noorwegen kwamen gisteren uit... Sri Lanka. ,,We houden de situatie in de gaten'', zei een woordvoerder van de regering in Colombo tegen het persbureau Reuters. Er verandert niets, wist een woordvoerder van de grootste oppositiepartij in Colombo toen al te melden.

Hij had gelijk: Noorwegen bemiddelt sinds kort tussen de regering van Sri Lanka en de guerrillabeweging van de Tamil Tijgers en gaat daar vast mee door, ook nu er een andere regering in Oslo aantreedt. Bemiddeling in uiterst netelige, internationale kwesties is iets waar de Noren bekend om zijn. En waarover ze het ééns zijn. De nieuwe minister van buitenlandse zal de afspraken van zijn voorganger Knut Vollebaek op Sri Lanka ongetwijfeld nakomen.

Het is ook niet waarschijnlijk dat er verder snel iets zal veranderen aan de Noorse buitenlandse politiek. De getipte nieuwe premier, Jens Stoltenberg is bijvoorbeeld een stuk EU-vriendelijker dan de vertrokken Kjell Bondevik, maar zal net als zijn voorganger met een verdeeld parlement moeten opereren.

Bondevik, een lutherse dominee, leidde een minderheidskabinet van drie partijen: zijn Christelijke Volkspartij, de Centrumpartij en Venstre (de Noorse liberalen). Samen hebben die maar 42 van de 165 zetels in de Stortinget, het Noorse parlement. Stoltenberg is fractievoorzitter in de Stortinget van de Noorse arbeiderspartij (de sociaal-democraten). Die heeft met 65 zetels de grootste fractie in het parlement, maar dat is ook geen meerderheid. Noorwegen gaat na de val van een kabinet niet naar de stembus. De grondwet legt vast dat er maar één keer in de vier jaar wordt gestemd. De volgende verkiezingen zijn in september 2001.

Bondevik ging gisteren naar koning Harald V, bood zijn ontslag aan, en adviseerde de vorst om Stoltenberg te vragen een nieuw kabinet te vormen. Hij immers was het die zijn kabinet ten val bracht.

Bewust, zo lijkt het. De aanleiding was een discussie over de bouw in Noorwegen van de eerste gasgestookte elektriciteitscentrales. De oppositie was daarvoor, de regering tegen. Noorwegen haalt vrijwel al zijn elektriciteit uit waterkracht, maar de stijgende vraag maakt nieuwe bronnen nodig. Gasgestookte centrales vervuilen het milieu, dan halen we onze doelstelling voor de kooldioxide-uitstoot niet, we kunnen beter wachten tot de technologie wat verder is, betoogde de regering. Dat is hypocriet, antwoordde de oppositie, nu kopen we de extra elektriciteit van nog veel smerigere, oliegestookte centrales in het buitenland.

Premier Bondevik verbond het voortbestaan van zijn kabinet aan de stemming over een voorstel van de oppositie om de ter zake doende milieuwetgeving te versoepelen. En verloor: met 81 tegen 71 werd hij donderdagavond weggestemd.

Dat hij volhield, was verrassend. Bij zijn aantreden in 1997 werd Bondevik niet lang gegeven. Maar door op het juiste moment van 'partner' in het brede oppositiekamp te wisselen, en door van tijd tot tijd gewoon zijn verlies te nemen, slaagde hij erin te overleven. Bondevik, zo denken waarnemers, vond het nu wel welletjes. Hij is blijkens opiniepeilingen nog steeds erg populair, en bereid zich liever in de oppositie voor op de verkiezingen van de Stortinget van 2001.

Dat Stoltenberg het hard speelde, lag voor de hand. Een maand geleden pas trad hij aan als fractievoorzitter en kandidaat-premier, na een soort van paleisrevolutie tegen Thorbjörn Jagland, in 1996 de laatste premier van de Noorse sociaal-democraten. Bij de milieubeweging heeft Stoltenberg het verbruid: ,,Hij stinkt nog dertig jaar naar gas'', zei een zegsman van de Noorse milieuorganisatie Bellona.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden