Sobere dopersen drukten een stempel op de samenleving

500 jaar Reformatie | De doopsgezinden werden lange tijd met wantrouwen bekeken. Dankzij een strikte levensstijl werkten velen zich op tot de elite van Nederland. Honig, Verkade, Duyvis en Bruynzeel zijn bijna allemaal doopsgezinde familienamen. Deel 8 van een serie.

Heel wat winkelend publiek loopt heen en weer in de binnenstad van de Duitse stad Münster. Vandaag zijn er ook veel dagjesmensen, heel wat Nederlanders ook. Niet zo gek voor een stad net over de grens bij Enschede. Zo af en toe wijst er iemand omhoog, richting de toren van de Lambertuskerk. Wie goed kijkt ziet daar drie manshoge kooien. En die hangen er al vijfhonderd jaar. Als waarschuwing. Aan de toren hingen ooit de lijken van drie opstandelingen. Een herinnering aan een verwarrende periode, waarin de Reformatie even ontaardde in een schrikbewind.


Wat was er aan de hand? In de vroege zestiende eeuw voorspelde de Nederlander Jan Mathijs, die later bekend werd als 'Jan van Leiden', dat Christus met Pasen 1534 weer op aarde zou verschijnen. En wel in de stad Münster. Enkele duizenden Nederlandse volgelingen vertrokken daarop met hem naar dit nieuwe Jeruzalem.


Ter voorbereiding op het grote gebeuren, werd in Münster, waar het toch al een tijdje onrustig was, alvast een geheel eigen draai gegeven aan de 'christelijke vrijheid' waarvoor Luther kort daarvoor had gepleit. Zo werd met bruut geweld privé-bezit afgeschaft en geld in de ban gedaan. Al eerder hadden Jan van Leiden en de zijnen de kinderdoop ingeruild voor de doop op volwassen leeftijd, wat hen de bijnaam 'wederdopers' opleverde. De wederdopers hielden onder leiding van 'koning' Jan van Leiden anderhalf jaar stand (Jezus kwam niet terug), alvorens legertroepen onder leiding van de bisschop een einde maakten aan de opstand. De aanstichters werden gemarteld, gedood en in een van de drie kooien aan de kerktoren opgehangen als voer voor de kraaien.


Münster is altijd een duistere bladzijde voor de doopsgezinden gebleven, vertelt de Amsterdamse doopsgezinde predikant Henk Leegte. "Ken je de strips van Asterix en Obelix? Daar is de slag bij Alesia taboe, het is de slag waarbij de Galliërs door de Romeinen verpletterend werden verslagen. Het is de gebeurtenis waarover niemand het mag hebben. Dat is Münster nog altijd een beetje voor ons." Hoewel de rebellen in Münster een kleine radicale afsplitsing waren, werden álle doopsgezinden nog vele decennia als ketters vervolgd. Leegte ziet een parallel met nu. "Ik moet vaak denken aan hoe IS zich verhoudt tot de islam. Veel moslims worden eveneens met wantrouwen bekeken omdat IS uit naam van de islam terreurdaden pleegt."


Na de gebeurtenissen in Münster turnde Menno Simons, de man die de 'mennonieten' wereldwijd beschouwen als stamvader, de doperse beweging om tot vredelievende groepering. Politiek werd in de ban gedaan. Het dragen van een wapen was taboe. Een groot deel vertrok richting de Verenigde Staten waar ze als 'amish' tot op de dag van vandaag sober leven als landbouwer anno 1800. Een klein deel bleef achter, vooral in Nederland, en paste zich aan de omstandigheden aan. "Uit die laatste groep kom ik", zegt Leegte, wiens voorouders eeuwen geleden vanuit Zwitserland (dopersen werden daar in tonnen met spijkers van de bergen gerold) naar Groningen vluchtte. Nederland telt nu nog enkele duizenden doopsgezinden, die vooral wonen in de noordelijke provincies.


Invloedrijke bovenlaag


In zijn woonhuis haalt Leegte tal van historische documenten uit de kast om de geschiedenis te verduidelijken. "Het gaat sinds 'Menno' niet zozeer om de leer, maar om het leven. De doopsgezinden bepleiten een reformatie van het leven. Ethiek is tot nu heel belangrijk. Hebben de doopsgezinden ruzie, dan gaat het om het leven. Leef je wel precies in navolging van Jezus?"


De doopsgezinden zijn altijd een kleine club gebleven, maar hun invloed is enorm groot geweest, vertelt Leegte. Dat komt, legt hij uit, doordat doopsgezinden in de handel en andere 'vrije' beroepen terechtkwamen omdat ze niet in overheidsdienst wilden en mochten. Daardoor profiteerden ze keer op keer van economische oplevingen. In een stad als Amsterdam werkten ze zich in de gouden eeuw binnen enkele generaties op van gewantrouwde groepering tot rijke en invloedrijke bovenlaag. "Wie door de Gouden Bocht (het meest prestigieuze stuk van de Herengracht) loopt, haalt de huizen die zeventiende-eeuwse succesvolle doopsgezinden lieten bouwen er zo uit", zegt Leegte. "Ze hebben geen hoge stoep. Dat paste immers niet bij het ideaal van soberheid en gelijkheid. De deur komt meteen uit op de straat."


Want geld verdienen, dat mochten de doopsgezinden na Münster nog wel. Honig, Verkade, Duyvis, Bruynzeel, Ten Cate, Van Eeghen - stuk voor stuk zijn het nog altijd klinkende namen. Leegte: "Bijna niemand weet dat dit doopsgezinden familienamen zijn uit Noord-Holland en Vlaanderen. Rijkdom is niet erg, vinden doopsgezinden, als je maar wat teruggeeft aan de maatschappij." Nog altijd is de Doopsgezinde Sociëteit een kerkelijke groepering met relatief veel welvarende leden.


Leegte wijst erop dat de oprichting van de Maatschappij tot het Nut van 't Algemeen in 1784 een doopsgezinde aangelegenheid was. Ook Teylers, bekend van het gelijknamige natuurkundige museum in Haarlem, was doopsgezind. Leegte kan het rijtje doopsgezinde beroemdheden moeiteloos aanvullen. De schrijver Joost van den Vondel, bijvoorbeeld, kwam uit een doopsgezinde familie. De brandslang werd uitgevonden door de doopsgezinde Jan van der Heyden. En Cornelis Lely, ook doopsgezind, sloot de Zuiderzee af. Leegte: "Je denkt bij soberheid en hard werken al snel aan het calvinisme. Maar wat we calvinistisch noemen, wortelt misschien wel in het doperse."


Leegte lacht: "Ik word wel eens meewarig aangekeken. 'Ben jij nog christen?' Ik moet daar een beetje om lachen. Ik denk dan: alles wat jij zo vanzelfsprekend vindt, dat is er juist mede dankzij de manier waarop deze kleine groep doopsgezinde christenen in het leven stond."


Stalen kooien


En Münster? Daar werd nadat de prins-bisschop Frans van Waldeck de rebellie had gesmoord korte metten gemaakt met álle protestanten. Het Stadtmuseum toont heel precies hoe de Jezuïeten de rooms-katholieke kerk in de regio opnieuw stevig in het zadel hielpen. Vandaag de dag behoort het Münsterland tot de meest katholieke streken in het westen van Duitsland.


De herinnering aan de wederdopers is altijd levend gebleven. Na de Tweede Wereldoorlog stond er bijna geen muur meer overeind in de stad, zo intensief werd Münster gebombardeerd door de Amerikanen en Engelsen. In de na 1945 opnieuw opgebouwde 'Altstadt' werden ook de stalen kooien weer opgehangen. En vijfhonderd jaar na dato brandt de rooms-katholieke kerkelijke gemeente van de Lambertikirche nog altijd een lichtje voor het zieleheil van Jan van Leiden.

sPOREN VAN DE REFORMATIE

De Reformatie, die 500 jaar geleden begon, was een keerpunt in de geschiedenis. Het begon met Maarten Luther, die in 1517 in opstand kwam tegen het kerkelijk gezag. Hij kreeg veel navolging. Trouw brengt een jaar lang de sporen van de Reformatie in beeld. Wat was de invloed van deze beweging op ons denken, op de kunsten, op taal, op wetenschap en op politiek? En wat zien we daar nu nog van? De vorige aflevering verscheen op 27 januari.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden